Ik ben een advocatenteam geworden

Net zoals iedereen die de maand januari moest doorkomen en daarbij niets anders wist te bedenken dan 'dat ene tv-programma verorberen dat iedere Netflix-abonnee ter wereld nu aan het verorberen is', heb ik inmiddels mijn tien afleveringen van de docuserie Making a Murderer erop zitten en ben ik, zoals deze week in deze krant behandeld, ook verliefd geworden op het advocatenteam dat de van moord beschuldigde autosloper Steven Avery bijstond.

Advocaat Dean Strang wordt vergeleken met de legendarische karakter Atticus Finch, de advocaat uit het boek 'To Kill A Mockingbird'.

Heerlijke mannen, het advocatenduo Strang en Buting. Mannen van stavast, die tegelijkertijd op belangrijke momenten een welgemeende traan kunnen doen opwellen. Mannen bovendien, en daar houd ik van, die ontzettend goed de zin 'No more questions, your honor' kunnen timen.

Er is nog een neveneffect van deze docuserie en dat is, behalve het verliefd worden op een advocatenteam, dat je denkt dat je zelf een advocatenteam bént. Daar had ik in elk geval veel last van. En iedereen in mijn omgeving die tegelijkertijd naar Making a Murderer keek - en dat is iedereen in mijn omgeving - ook.

De aantrekkingskracht van Strang en Buiting

De twee advocaten uit 'Making a Murderer', Dean Strang en Jerry Buiting, zijn mateloos populair geworden. Waar komt die aantrekkingskracht vandaan? Nadia Ezzeroili vroeg het bekende Nederlandse strafpleiters.

Zonder spoilers te willen geven (maar dat doe ik misschien toch per ongeluk, dus leest u niet door als u nog in aflevering 3 zit): als je er tien afleveringen van een rechtszaak hebt opzitten, begin je vanzelf in juridisch lingo te praten. 'Dat hadden ze tijdens het voorarrest nooit mogen vragen. Niet tijdens het voorarrest. Nooit.' 'Het dna-onderzoek ter plaatse deugde niet. Er werd in elk geval veel te laat een logboek aangelegd.' 'Die man? Valse getuige. Sowieso.' Of het uit mijn mond veel opgetekende: 'EN DAT ZEGT ZE ONDER EDE, HÈ? DAT ZEGT ZE DUS GEWOON ONDER EDE!' Andere geregeld naar de tv geschreeuwde retorische vraag: 'NOEM JIJ DAT BEWIJS?'

Zaken waarvan ik voorheen geen enkel verstand had - ontstollingsmiddelen in buisjes met belastende bloedsporen om precies te zijn - daarover laat ik me nu keihard gelden: 'Je kunt wat betreft die sporen van ethyleendiaminetetra-azijnzuur niets baseren op deze test. Je moet een controlegroep hebben. Het lab moet het overdoen. Moet gewoon.'

Zelfs juridische begrippen die ik na tien uur rechtbank-tv nog steeds niet begrijp, laat ik geroutineerd vallen in gesprekken. In het Engels, want ik heb geen idee hoe je ze in het Nederlands zegt. 'Hij was dus deposed, hè. Op 3 feburari 2009. Hij was deposed! Zó verdacht.'

En als ik het echt even niet meer weet maar toch een advocaterige opmerking wil maken, zeg ik gewoon: 'Dat is dus een to-ta-le juridische miskleun.' Ook altijd goed: 'O ja, daar hebben we de FBI. Nou, die vertrouw ik dus voor geen ene meter.'

Ik zou er graag nog eens over doorbomen met Strang en Buting. Op niveau. In een romantisch restaurantje met kaarslicht.

Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden