'Ik ben de moeder van chaos'

Vier jaar geleden verliet Ayaan Hirsi Ali (40) Nederland. Ze was zojuist hoofdrolspeler geweest in haar eigen ‘paspoortaffaire’, die de val van het tweede kabinet-Balkenende veroorzaakte....

Ayaan Hirsi Ali is net terug uit Boston, ze heeft de hele dag niet gegeten – ‘nou, een Snickers’ – en moet over een kwartier naar de kapper, want binnen een paar uur begint een grootse surpriseparty voor haar 40ste verjaardag, maar evengoed laat ze zich inschenken door de New Yorkse ober. Opgewekt: ‘Ze gieten die glazen hier helemaal vol. Alleen in chique restaurants doen ze het op zijn Europees.’

Haar Nederlandse ex-vriend Marco van Kerkhoven, die speciaal is komen overvliegen voor haar verjaardag, stapt de brasserie binnen, in het hippe Meat District. In een oogopslag ziet hij wat er aan de hand is – zo kent hij haar. Ayaan Hirsi Ali, onopgemaakt, in fleecetrui achter een groot glas witte wijn, terwijl ze over twee uur in volle glorie op het dakterras van het deftige Gramercy Park-hotel moet flonkeren.

Hirsi Ali: ‘Ik wil nog even blijven zitten.’

De bioloog Van Kerkhoven, die zes jaar met haar samenwoonde in Leiden toen ze nog een onbekende studente politicologie was: ‘Ayaan, dan loop je weer de hele avond achter jezelf aan.’

Ze pakt haar zwarte plastic Tumi-tasje, propvol instapkaarten, briefjes van 20 dollar (‘Mijn creditcard doet het niet meer’) en een bordeauxrood boekje: haar belangrijkste bezit, een Nederlands paspoort.

Chaos. ‘Ik ben de moeder van chaos.’

Is dat Somalisch? ‘Het chaotische is een Somalische eigenschap, maar ook een Ayaan-eigenschap.’

Marco van Kerkhoven zegt later: ‘Ze leeft in het hier en nu.’

’s Avonds staan de gasten, veel Amerikanen, maar ook Canadezen en Europeanen, in een lange rij om met haar op de foto te kunnen. Met Ayaan Hirsi Ali, uitgegroeid tot internationale beroemdheid in haar kruistocht tegen de radicale islam. De fotograaf blijft flitsen. Rond twaalf uur ’s nachts zullen zijn ingelijste foto’s op een tafel bij de uitgang staan. Rijen portretten van Hirsi Ali, in chocoladebruine avondjurk, stralend naast telkens een andere gast, in donker pak of glanzende zwart zijde.

Alleen haar nieuwe liefde, historicus Niall Ferguson, heeft zich niks aangetrokken van de dresscode. Hij loopt in spijkerbroek, pijpje bier in de hand, langs de hooggehakte serveersters met de bladen champagne, over de bovenste verdieping van het hotel, verlicht door honderden kaarsen. ‘Wonderbaarlijk: Ayaan is bang voor insecten, maar de jihadisten trotseert ze’, lacht de Schot in een speech.

Vanuit de zachte loungebanken, afgeschermd door palmen, aanschouwt haar Nederlandse pleegmoeder Joke die avond alle opwinding rond haar pleegdochter. Zij maakte Hirsi Ali wegwijs in de samenleving toen die nog in een asielzoekerscentrum bij Ede woonde. ‘Al die adoratie voor haar’, zegt ze. ‘Ik heb het nooit gezond gevonden.’ Dan: ‘Ik heb meer gevluchte meisjes opgevangen. Maar bij Ayaan wist ik meteen: dit is een bijtertje.’

Van Kerkhoven vertelt over de tijd dat ze nog geld bijverdiende met het tolken in Blijf Van Mijn Lijf-huizen. ‘Achter de schermen deed ze zo veel voor moslimmeisjes. Dan was ze de hele dag onderweg, op één kopje thee. Ayaan heeft een ongelooflijke vitaliteit.’

Komende week wordt het nieuwe boek van Hirsi Ali gepresenteerd in Nederland: Nomade, een vervolg op haar biografie Mijn vrijheid. Ze vertelt erin over haar vertrek naar de Verenigde Staten, bijna vier jaar geleden, om te gaan werken voor het American Enterprise Institute, een conservatieve denktank in Washington. Haar verhaal is gelardeerd met beschrijvingen over haar jeugd en familie. Aan de hand van eigen ervaringen laat ze zien hoe ingewikkeld het is voor moslimmigranten, met name de vrouwen, om in een hermetisch gesloten cultuur te leven, binnen de open westerse cultuur.

Haar analyses van de misstanden in de islam zijn als vanouds messcherp, met soms een hilarische, maar dodelijke ondertoon: ‘Fundamentalisten lijken zo geobsedeerd door het vrouwenlichaam dat hun neurotische debatten over de vraag welke delen allemaal zouden moeten worden bedekt, eindigen met de vaststelling dat het hele geval, van top tot teen, één groot geslachtsdeel is.’

Half november 2009 heeft ze tijd voor een interview in New York, uiteindelijk op Ayaanse wijze; in drie delen. De dag waarop Hirsi Ali het interview eigenlijk zou geven, wordt ze ziek, in Los Angeles. De volgende dag moet ze halverwege het gesprek naar Boston, waaruit ze verlaat terugkeert: ‘Onweer.’ Haar oplossing: ‘Blijf alsjeblieft voor mijn verjaardag. Ontmoet mijn nieuwe vrienden, mijn nieuwe clan.’

In Nederland wordt gezegd door oude bekenden: we horen nooit meer iets van Ayaan. ‘Mijn vriendenkring daar is exceptioneel gegroeid, in de jaren dat ik bekend werd. Op een gegeven moment telde ik honderdvijftig vrienden. Ik wist: dat is gek. In Washington werd me duidelijk: als ik voortdurend blijf terugkijken naar Nederland, kom ik in de problemen. Ik belde voor duizenden euro’s per maand, stelde me niet open voor mijn collega’s, deed nauwelijks iets met anderen.

‘De Nederlandse journalisten bleven me achtervolgen. Dat was het eerste wat ik moest afkappen. Die vroegen allemaal hoe ik me vóélde.’

Dat zeg je met een ondertoon van ‘Van irritatie, ja.’

Je leek van de aardbodem verdwenen. ‘Ik wilde geen media-aandacht meer. Ik wilde mijn leven terug. Tegen een heleboel vrienden zei ik: ‘Dit hou ik niet vol. Ik moet me op Amerika gaan storten.’ Sommigen begrepen het, anderen niet.’ Gelaten glimlach. ‘Ik onderschat een nieuw leven in een nieuw land niet, voor niemand. Zelfs als je de taal spreekt, relatief een goed inkomen hebt en met de grootst mogelijke pracht en praal bent binnengehaald. Je hebt continu het gevoel dat je tekortschiet. Totdat je het snapt.’

Hoe groot is je invloed hier, intussen? ‘Hoe meet je invloed? Obama of Hillary Clinton heb ik niet ontmoet, maar ik word uitgenodigd door het Pentagon, het ministerie van Buitenlandse Zaken, de Senaat en het Congres. Om vragen te beantwoorden over de islam en de positie van vrouwen daarin. Zoals wij in het parlement experts op bezoek kregen, toen ik nog voor de VVD in de Tweede Kamer zat.

‘Ik geef lezingen, door het hele land. Eigenlijk word je gezien als een ster, een intellectueel die politiek activisme combineert met het denkwerk. Dat is hier volkomen aanvaard. Afgelopen maandag was ik in Los Angeles op de American Jewish University, om te vertellen hoe verschillend de islam en het Westen zijn in de behandeling van vrouwen. Wat de consequenties daarvan zijn voor de maatschappij. Het was helemaal uitverkocht. Helemaal. Daarvoor zat ik in San Francisco. En daarvoor in Wisconsin.’

Worden al die lezingen zo goed bezocht? ‘Ja. Maar ik krijg ook hier weerstand, van moslims die protesten organiseren. Ze accepteren geen kritiek op de islam; dat is overal ter wereld hetzelfde.’

Haar blackberry zoemt, in het rumoerige café. ‘O, Winston, thank you very much. How are you doing? Oooo. Continue to fight it.’ Het gesprek duurt even. Ze maakt een verontschuldigend gebaar, schrijft met snelle priegelletters in het notitieblok op tafel: ‘Hij heeft kanker.’ Wanneer ze de blackberry weglegt: ‘Winston Churchill, de kleinzoon van.’ Young Winston, voormalig Lagerhuis-lid voor de Britse Conservatieven.

Ik hoorde dat je de vroegere Amerikaanse vice-president Dick Cheney vrij goed kent, en bij George Bush op bezoek bent geweest. ‘Cheney’s vrouw Lynne is een collega van me bij het American Enterprise Institute. Zij zijn vrienden van me geworden.’ Uitdagende blik: ‘Ik kan alleen melden: Cheney is een ontzettend lieve man. Erg slim en beleefd. Als je binnenkomt, staat hij op. Hij praat heel zachtjes.’

Dick Cheney is de grote verdediger van Guantanamo Bay, waar verdachten van terrorisme vastzitten zonder enige vorm van proces, en waar is mishandeld. ‘Mmm. Obama heeft ook nog geen antwoord op Guantanamo Bay. Hij heeft het nog steeds niet gesloten.’

Wat vond je van Bush? ‘Het woord gezellig is op niemand zo van toepassing als op Bush. Hij is erg grappig. Als je jaar in jaar uit, dag in dag uit, hebt moeten lezen hoe dom die man is, en je ontmoet hem, denk je: Jezus, wat een slimme man. Met een enorm geheugen. ‘Op die datum waren de dilemma’s zo en moesten we een keuze maken.’ Ik zei: ‘Je hebt wel fouten gemaakt.’ Hij zei: ‘Natuurlijk heb ik fouten gemaakt. Omdat ik een mens ben. Maar niet kiezen is de grootste fout voor een politiek leider. Je kunt een land niet regeren in a state of limbo.’ Ze doet hem na, haar bovenlichaam lichtjes achterover kronkelend, van een acrobaat die onder een brandende stok door glijdt.

Verwonder je je soms niet over jezelf: dit is het meisje dat in Somalië de geit nog melkte, pijlsnel ging in Nederland, nu in Amerika woont en contacten heeft met allerlei invloedrijke figuren over de hele wereld? ‘Ik vind het fantastisch. Als de mensen in de moslimwereld maar eens zouden genezen van die stomme indoctrinatie waarmee ik ook ben opgevoed, als ze maar eens gaan geloven in hun eigen capaciteiten. Het is mogelijk van die onzin af te komen. Dat is de kern van mijn gevecht.’

Ook in New York komt ze aanglijden in een geblindeerde zwarte auto, geflankeerd door lijfwachten, in een café dat van tevoren uitgebreid is gescreend. Vanaf het moment dat ze openlijk kritiek begon te leveren op de islam, in 2002, moest Hirsi Ali worden beveiligd – en van die stevig gebouwde mannen met luidsprekertjes in hun oren is ze nooit meer afgekomen. ‘De ironie ontgaat me niet: ik mag dan wel symbool staan voor de vrijheid van vrouwen, maar vanwege de doodsbedreigingen aan mijn adres moet ik leven op een manier die welbeschouwd onvrij is’, schrijft ze in Nomade.

Sinds 2007 betaalt ze haar beveiliging zelf, met de opbrengst van haar lezingen en hulp van Amerikaanse particulieren – de Nederlandse staat wilde niet meer opdraaien voor de kosten.

Veel Nederlanders redeneren: de diva... ‘Prima.’

zit nu in Amerika, laat het haar daar zelf maar uitzoeken. ‘Maar als je Nederlanders vraagt: moet ze vermoord worden?, zeggen ze nee. De verzekering van het kabinet was: jij krijgt beveiliging zolang de dreiging duurt. Die dreigementen zijn ontstaan toen ik Nederland diende. Het was verraad, falen en onfatsoenlijk om die afspraak te verbreken. Het is wat Mugabe met zijn tegenstanders doet.’

Een ouderwetse Ayaan-uitspraak. ‘Andere woorden heb ik er niet voor. Het is Derde Wereld. Een schending van het principe van de rechtsstaat.’

Toen je wegging uit Nederland zei je: ‘Ik wil een man, ik wil een kind.’ ‘Ja, je kan het allemaal wel willen maar’

Dan kun je je niet meer uitspreken zoals je nu doet, omdat je dan ook het kind in gevaar brengt. ‘Je moet niet zwichten voor bedreigingen. Cheney heeft kinderen, Bush heeft kinderen.’ Ze zucht. ‘Ik heb nooit nagedacht over kinderen, tot ik 36 was. Toen was ik er ineens zo mee bezig. Ik wilde geen alleenstaande moeder zijn. Maar een man die met mij een leven wil opbouwen moet ertegen kunnen dat ik om de drie dagen ergens anders zit. Hij moet wennen aan de beveiliging, ook een deel van zijn vrijheid opgeven.’

En tegen je hectische karakter kunnen. ‘Ik heb écht zo’n lief karakter.’

Hirsi Ali pakt haar blackberry: ‘Amanda?’ Haar Amerikaanse assistente, die haar hele leven regelt. ‘Hoe laat moet ik weg?’ Ze schuift haar telefoon opzij: ‘Ik moet inpakken.’

Later, in het tweede gesprek, laat ze een foto zien. ‘Dit is hem.’ De auteur, televisiepresentator en nogal eens als ‘briljant’ omschreven hoogleraar Niall Ferguson, net als Hirsi Ali eerder door Het Amerikaanse weekblad Time verkozen tot een van de honderd invloedrijkste personen in de wereld. Getrouwd en vader van drie kinderen.

Jij maakt het jezelf ook nooit gemakkelijk, hè? ‘Iedereen zegt tegen mij: ‘Waarom híj?’ Het is ontzettend heftig. Het grootste deel van de tijd denk ik: dit is de man bij wie ik hoor. Hij klaagt nooit dat ik te druk ben, dat ik zo beroemd ben. Al die onzin heb ik nu niet. Maar ja: er zijn grote problemen. En ik wil niet terechtkomen in polygamie.’

Ben je weer terug bij af – je moeder was de tweede vrouw van je vader. ‘En daar heb ik helemaal geen zin in.’ Ze lacht. ‘Ik moet ietsjes geduldiger zijn. Maar ik heb geen tijd.’

Omdat je kinderen wilt? ‘Kinderen is wel heel veel gevraagd. Mijn standaard is de afgelopen jaren steeds verder omlaag gegaan. Van drie, naar twee, naar één kind.’

Drie maanden later berichten de Britse tabloids als eerste dat Ferguson een relatie heeft met ‘fatwameisje’ Ayaan en dat de historicus in echtscheiding ligt met zijn vrouw Susan Douglas, voormalig hoofdredacteur van The Sunday Express. De boulevardpers verheugt zich op een spectaculaire high-societyscheiding. Geen van drie betrokkenen geeft commentaar.

De jongensachtige Ferguson (45) is een van de sponsors van de surpriseparty voor Hirsi Ali in het Gramercy Park-hotel; hij betaalt de bar (‘Niall is een feestbeest’). In zijn speech voor haar zegt hij: ‘Ik ken niemand die zo scherp is als Ayaan.’ Zij richt zich aan het einde van haar toespraak tot hem: ‘Als je wilt ontdekken wat geluk is, moet je mij volgen.’

Een New Yorkse miljardair, bestuurslid van het Jewish Institute for National Security Affairs, heeft het dakterras afgehuurd. ‘Ik heb nog nooit zo’n moedige vrouw ontmoet’, zegt hij. Op een klein podium voeren vier collega’s van het American Enterprise Institute een ironisch toneelstukje op, de vrouwen verkleed in burka, de mannen met Palestijnse sjaals om hun hoofden geknoopt. ‘How can we get Ayaan back into the Koran’, zingen ze.

De dag na de surpriseparty stapt ze opgetogen de brasserie binnen, die vol zit met uitgelaten New Yorkers, voor de zaterdagbrunch. ‘Ik vind het zó gaaf dat al die mensen naar mijn feest zijn gekomen.’

Heb je nooit het gevoel dat je wordt gebruikt door conservatieve Amerikanen, die jou als afvallige moslim naar voren schuiven in hun strijd tegen de islam? ‘Nee. Dit zijn echte vrienden van me geworden, de afgelopen drie jaar. Ik wil er niet van uitgaan dat anderen misbruik van me maken, dat ze een verborgen agenda hebben. Dan zou ik mezelf terugplaatsen in mijn vroegere leven, in het leven van de streng gelovige clan, dat werd geleid door achterdocht. En: ik vínd de islam gevaarlijk. Ik wil aan zoveel mogelijk mensen vertellen dat de islam echt gevaarlijk is.’

Wat heb je bereikt in Nederland? ‘Ik heb begrippen als eerwraak, genitale verminking en gedwongen uithuwelijking zichtbaar gemaakt. Problemen die voorheen werden ontkend, niet werden geregistreerd. Alle islamitische meiden in Nederland zijn ongeveer tegen mij. Dat vind ik ook helemaal niet erg. Maar als ze nu naar een politiebureau gaan en zeggen: ‘Ik vrees voor mijn leven, want mijn familie is erachter gekomen dat ik een vriendje heb’, zijn de agenten geïnformeerd.’

Er zijn tegenwoordig speciale huizen in Nederland voor meisjes die dreigen slachtoffer te worden van eerwraak. ‘En ze zitten overvol.’

Je hebt er een groot offer voor moeten brengen: je vrijheid. Je lijkt op je vader, die altijd het politieke boven het persoonlijke stelde. ‘Grote maatschappelijke veranderingen vergen dat.’

Ze verstart als het gesprek komt op de dood van haar vader aan leukemie, anderhalf jaar geleden, in Londen. Even wendt ze haar gezicht af.

Je was zo gek op hem. Zacht: ‘Je bent ook gek op een idee, hè.’

Abé Hirsi Magan was indertijd de alom bewonderde oppositieleider van de Somalische dictator Siad Barré. Toen Ayaan 2 jaar oud was, belandde hij in het ergste gebouw van Mogadishu, de oude Italiaanse gevangenis. Na zijn ontsnapping vluchtte het gezin naar Saoedi-Arabië, Ethiopië, Kenia. Hij zette zijn strijd in ballingschap voort.

In de ogen van Ayaan was hij haar meester, de geboren leider. ‘Een leeuw van een man’. De laatste jaren weigerde hij nog met zijn afvallige dochter te praten, die naar Nederland was gevlucht om te ontkomen aan de Canadese achterneef aan wie hij haar had uitgehuwelijkt. In haar boek botst de liefde voor hem op haar ontluistering over zijn gedrag. Zijn dubbele houding ten opzichte van het Westen is een houding die Ayaan van toepassing verklaart op veel moslimmigranten.

Net als zijn dochter had hij gelogen in de asielprocedure, opdat hij in Groot-Brittannië kon wonen. ‘De held van de stam, de hoeder van de cultuur van de islam en van de clan, nam aalmoezen aan van de ongelovigen onder valse voorwendsels, met een vals paspoort, hoewel hij, anders dan ik, niets dan minachting had voor hun waarden en manier van leven’, schrijft ze. ‘Voor hij stierf, had hij zelfs het Britse staatsburgerschap aangevraagd en gekregen. Niet omdat hij een Brits staatsburger wilde zijn, maar vanwege voordelen zoals gratis huisvesting en gezondheidszorg.’

Het moet moeilijk zijn geweest zo over je vader te oordelen. ‘Het was moeilijk. Ik vond het vreselijk, te horen dat hij zo ziek was. Er gonsden allemaal stemmen in mijn hoofd, van spijt, over de afgelopen jaren. Tot ik dacht: waar heb ik nou eigenlijk spijt van? Vlak voordat hij overleed, hebben we elkaar nog één keer gesproken. ‘Je moet terug naar de islam’, zei hij, ‘je moet terug naar je geloof.’ Mijn halfzus heeft altijd alles gedaan wat mijn vader zei, zich aan de regels gehouden. Ze zit nu thuis in een migrantenwijk in Londen met een kind en is half analfabeet. Onuitstaanbaar.’

Maar ze hoort wel ergens bij, schrijf je. Bij een clan, bij een gemeenschap, bij een familie – jij bent de nomade. ‘Ik heb moeten leren omgaan met mijn eenzaamheid; soms is dat moeilijk. Maar daar ga ik wel zelf over, er is me niks opgelegd. Dat is beter dan me alleen te moeten voelen met een man die mijn vader voor me heeft uitgekozen. Ik ben nergens slachtoffer van, ik heb mijn eigen omstandigheden geschapen.

‘Ook mijn moeder wijst mijn leven, mijn keuzes af. Mijn moeder denkt dat ik een risico voor haar ben, mijn moeder is bang dat ze door mij niet in de hemel komt. Want als ze overlijdt, zegt God: ‘Uw dochter heeft mij verlaten.’ Een egoïstische religie.’

Ze verschuift haar plastic Tumi-tasje, met daarin het bordeauxrode paspoort, dat haar bijna was ontnomen door Rita Verdonk, toen Zembla oprakelde dat Hirsi Ali had gelogen over haar naam. De actie van de toenmalige minister voor Vreemdelingenzaken leidde tot de val van het tweede kabinet-Balkenende. In haar boek beschrijft Hirsi Ali de leidster van Trots op Nederland fijntjes voor haar internationale lezerspubliek: ‘Rita zag er zo oud uit als ze was: ergens in de vijftig. Ze bezat die directe, lichtelijk afkeurende blik die bij een bepaald soort Nederlander hoort.’

Rita Verdonk, je oude vriendin. ‘De politiek is haar snel naar het hoofd gestegen. Ik had nooit verwacht dat ze zich kandidaat zou stellen voor het partijleiderschap. Ze was nog maar een beginneling. Tot ze me benaderde in april 2006. ‘Ik wil dat je me publiekelijk steunt’, zei ze. Ik antwoordde: ‘Ik ga me niet voor jou uitspreken, en ik spreek me niet uit voor Mark Rutte. Degene die ik wil, Henk Kamp, is geen kandidaat.’ Vervolgens kwam er een verháál. De regenten hadden het allemaal al bedisseld, Mark Rutte zou partijleider worden.’

Ze werd kwaad? ‘Ja. Toen ik wegliep had ik een slecht gevoel. Maar ik dacht: wat kan ze tegen me doen?’

En jij denkt dat jouw weigering Verdonk te steunen van invloed is geweest op haar onverbiddelijke houding in de paspoortaffaire. ‘Ik denk dat het zo persoonlijk, zo kleinzerig is geweest.’

Ze moest principieel zijn, zei Verdonk. ‘Maar ze wist allang dat ik had gelogen. Ik had er met haar over gepraat. Als ik me in het openbaar voor haar had uitgesproken, was ze nooit begonnen over dat paspoort.’

Kun je je voorstellen dat je altijd in Amerika blijft wonen? ‘Heel graag. Ik mis Nederland, ik mis de gezelligheid. Maar ik werd telkens geconfronteerd met vreemden die alles over me wisten, of dachten alles over me te weten. Hier ben ik vrijer, anoniem. Amerika is een snelle samenleving. Het gaat alleen maar over groot en hoog en goed en het allerbeste. Superlatieven. Het is harder. Maar ik hou ervan.’

Langzaam druppelen vrienden de brasserie binnen. Hirsi Ali heeft ze uitgenodigd voor de brunch. Zonder te reserveren. Pleegmoeder Joke arriveert met vermoeide rode ogen. ‘Ayaan volgen’, zegt ze. ‘Pffff.’ De gastvrouw van de brasserie kijkt licht verbijsterd naar het groepje dat samenklontert bij een tafel. ‘Jullie moeten wachten’, wijst ze naar de rij bij de ingang. ‘Pas als iedereen er is, kan ik een tafel regelen.’ Hirsi Ali schudt vastbesloten haar hoofd. Haar vrienden moeten kunnen zitten, er moet nu een plaats worden vrijgemaakt. Kan niet, zegt de gastvrouw. De discussie duurt ongeveer vijf minuten. Dan bezwijkt de gastvrouw. Ayaan Hirsi Ali wint.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden