Interview

'Ik ben de manager van een wereldmerk'

Het Van Gogh Museum heeft de nieuwe entree, die vandaag wordt getoond , grotendeels zelf gefinancierd. Dus zeg niet tegen directeur Axel Rüger dat musea geen ondernemerschap tonen.

Axel Rüger. Beeld Daniel Cohen

Tevreden kijkt Axel Rüger vanaf de derde verdieping van het Van Gogh Museum naar de nieuwe aanbouw beneden hem op het Museumplein. De stenen uitbreiding van 1999 heeft een pendant van glas gekregen die de nieuwe hoofdingang herbergt. 'Let op hoe vloeiend de daklijst van het ene deel van het gebouw overloopt in het andere. Net zo mooi als de tegenstelling tussen de stenen en het glas. Prachtig. Yin en yang.'

Vandaag wordt de nieuwe entree aan de pers gepresenteerd. Later deze week volgt de officiële opening. De ingang aan het plein is noodzakelijk om het toestromende publiek - het Amsterdamse museum trok 1,6 miljoen bezoekers in 2014, dit jaar worden het er wellicht honderdduizend meer - een betere ontvangst te bieden.

De nieuwbouw is ook de reden waarom Rüger (Dortmund, 1968) nog steeds directeur is van het Van Gogh. Eerder dit jaar werd hij door headhunters gepolst voor de hoogste post bij de National Gallery in Londen, het even kolossale als vermaarde museum waar hij eerder conservator 17de-eeuwse Hollandse schilderkunst was.

'De kranten schreven dat ik op de shortlist met kandidaten stond. Dat klopt niet. Ik heb een gesprek gehad, maar ben er verder niet op ingegaan. De timing was niet goed: ze wilde per se al deze zomer een nieuwe directeur in Londen hebben. Ik had aan mijn raad van toezicht de belofte gedaan dit project, dat ik zelf had aangezwengeld, tot een goed einde te brengen. Dat is nu bijna gebeurd.'

Artist's impression van de nieuwe entree van het Van Giogh Museum. Beeld Van Gogh Museum.

Drama

Met de opening heeft het Van Gogh als derde en laatste museum zijn ingang naar het Museumplein verlegd. Het Rijksmuseum en het Stedelijk deden dat al eerder. Bij beide was het halen van geplande opleveringsdata een drama dat eindeloos nieuws genereerde. Bij Van Gogh is het wat verbouwingen betreft saaiheid troef: na een eerdere renovatie van het bestaande Rietveldgebouw is ook dit project op tijd en binnen budget voltooid. Hoewel het begin nog even spannend was. De nieuwe entree is op de plek gekomen waar Kisho Kurokawa, de Japanse architect die de uitbouw uit 1999 tekende, een vijver had bedacht.

Rüger: 'Kurokawa had die bedoeld als een corridor tussen de oudbouw van Rietveld en zijn eigen uitbreiding op het plein. Door langs het kabbelende water te wandelen zou je geestelijk gezuiverd worden. Heel zen. Maar door allerlei mankementen heeft die vijver het nooit gedaan.'

Maar hoe deze wens tot verandering bij de erven aan te kaarten? De in 2007 overleden Kurokawa is nog steeds een beroemdheid in Japan. 'Toen ik heel voorzichtig hierover begon, zeiden ze meteen: 'Het is vast de vijver, of niet?' Wat bleek: dit probleem had zich meer voorgedaan. Aanpassen was geen punt. Kurokawa zelf hing de filosofie aan dat zijn gebouwen niet voor de eeuwigheid waren gemaakt. Dat kwam mooi uit.'

Vanaf zaterdag staat er geen lange rij meer langs de straat aan de andere kant van het museum, die geregeld gevaarlijke situaties veroorzaakte. Wie nu moet wachten, wordt geparkeerd op het Willem Sandbergplein tussen het Van Gogh en het Stedelijk - wel buiten: 'We hebben nog geld nodig voor de overkapping'. Eenmaal binnen kunnen de bezoekers straks kiezen: linksaf met de roltrap naar de vaste collectie of rechts naar de expositievleugel.

Zelf gefinancierd

Nog een reden voor tevredenheid over de nieuwe ingang: bijna de hele investering, 20 miljoen euro, is zelf gefinancierd - de overheidsbijdrage is maar bescheiden. Dat de BankGiroLoterij en Van Lanschot Bankiers enkele miljoenen in het project staken, ziet Rüger als bijzonder. 'In de sport gaat nog veel geld om; in de kunst niet. Voor de op 25 september openende tentoonstelling Munch : Van Gogh hebben we niet een grote sponsor kunnen vinden die als vlaggenschip zijn naam eraan wilde verbinden.'

Het is de museumdirecteur dan ook een doorn in het oog dat het kabinet zo makkelijk spreekt over cultureel ondernemerschap. 'Sinds de crisis heeft de overheid bezuinigd. Maar het bedrijfsleven is niet in de bres gesprongen. Ook zij houden de hand op de knip.'

'In Den Haag roept men van alles. Dat ze sponsoring willen stimuleren. Dat de musea ondernemend bezig moeten zijn. Meer geld uit de particuliere sector. Ik kan het ook allemaal met gemak roepen, maar het gaat om de voorwaarden om dat mogelijk te maken.'

Axel Rüger in het Van Gogh Museum. Beeld Daniel Cohen

Commercie

Hij noemt technische kwesties, zoals de torenhoge verzekeringspremies voor de kunstwerken die voor tentoonstellingen worden geleend. De overheid zou daar volgens Rüger makkelijk iets aan kunnen doen, maar weigert dat - een lange lobby van de musea ten spijt.

Nog zoiets. De overheid vindt dat het museum moet ondernemen, maar zonder daarbij risico te nemen. Volgens de statuten van de Stichting Van Gogh Museum mag dat niet. 'Vreemd, want ondernemen is juist investeren mét risico. Ik zou zeggen: verander de statuten. Maar daarvoor moet diezelfde overheid toestemming geven.'

Hij is niet vies van commercie ten gunste van het museum, zolang die maar gebaseerd is op de collectie en het onderzoek dat zijn museum naar Van Gogh verricht. 'We moeten de werken in hun waarde laten, niet op een gekke manier vervalsen. We leven nu eenmaal in een tijd waarin de reproductiemogelijkheden eindeloos zijn. Het komt het museum alleen maar ten goede, want de vraag om het origineel te zien is er nog steeds.'

Dus zijn er peperdure relievo's in de markt gezet, griezelig echte 3D-reproducties van schilderijen van Van Gogh. Binnenkort begint het museum in China met een nieuw project, Meet Vincent van Gogh, dat navolging moet krijgen in een trits andere landen. Het wordt een driedimensionale ervaring, à la eerdere experiences over Toetanchamon, Titanic, Body Worlds. 'Er is zoveel belangstelling voor Van Gogh uit de hele wereld. Dat kunnen wij met onze collectie nooit bedienen. We hebben gezocht naar iets waarmee je het gedachtengoed en de kunst van Van Gogh kunt ondergaan, zonder dat je daarvoor de kwetsbare kunstwerken op reis stuurt.'

(Tekst gaat verder onder foto).

Axel Rüger. Op de achtergrond het zojuist onthulde nieuwe schilderij van Vincent van Gogh. Het gaat om het werk Zonsondergang bij Montmajour uit 1888. Beeld Olaf Kraak

Linkse hobbyisten

Het is een echte commerciële onderneming, benadrukt de museumdirecteur trots. Waarmee hij de kritiek pareert dat musea 'een beetje aan het klooien zijn'. Het is al langere tijd zijn 'cri de coeur'. Specifieker: sinds Halbe Zijlstra, de VVD-staatssecretaris van Cultuur in het kabinet-Rutte I vijf jaar geleden een kwart van de cultuur-begroting schrapte en het cultureel ondernemerschap propageerde - alsof dat iets nieuws was.

'Zijlstra heeft de sector waarvoor hij verantwoordelijk was met zoveel dedain behandeld. Kritiek was misschien op zijn plaats, maar om ons in een vloeiende beweging weg te zetten als linkse hobbyisten die als het verkeerd gaat hun hand ophouden, dat is in de 21ste eeuw, zeker voor de grote instellingen, niet meer waar.

'Het Concertgebouw en de drie musea aan het Museumplein zijn hoog geprofessionaliseerde organisaties, die met keiharde financiële doelstellingen werken en op tal van gebieden expertise moeten hebben om miljoenen bezoekers te kunnen ontvangen. Om dan populistisch te spreken over een hobby voor de Amsterdamse grachtengordel, dat vind ik ongelooflijk vervelend en beledigend.'

Wereldmerk

Zeker, geeft hij toe, er valt hem en zijn collega-museumdirecteuren ook wat te verwijten. Ze hebben hun stem te weinig laten klinken in het discours. 'We hebben lang gedacht: daar gaan we niet over, wij zijn van de kunst. Maar inmiddels is het zoveel meer. We moeten aan bepaalde tafels terecht komen. Het is opmerkelijk dat in de raden van toezicht van alle belangrijke culturele instellingen ceo's van naam en faam zitten. Die vinden dat heel vanzelfsprekend en voelen zich allemaal automatisch geschikt voor die rol. Ik heb gezegd: wie van ons, directeuren van culturele instellingen, is commissaris bij een grote of middelgrote onderneming? Die zijn snel geteld: Truze Lodders (voormalig zakelijk directeur van De Nederlandse Opera, red.) en daarna komt er niemand meer.

'Ooit zei een ceo tegen mij: wat denk jij dat jij te bieden hebt? Ik dacht: mwah, ik ben de manager van een wereldmerk. Ik ken van bijna elke bezoeker de schoenmaat, zoveel publieksonderzoek doen wij. Ik heb minstens zo'n strakke financiële doelstelling als elke commerciële organisatie, maar moet het met minder budget doen. Ik kan niet de topsalarissen bieden die in de reclamewereld worden betaald, maar heb zulke experts wel nodig en moet ze dus motiveren om hier te werken. Ik bedien een scala aan stakeholders, meer dan bij menig mkb-bedrijf. Ik heb te maken met alles wat er tussen het koningshuis zit en de leverancier aan de achterdeur. Onze beveiligingsorganisatie is enorm. En we mogen ons voortdurend op publieke belangstelling verheugen. Ik zeg altijd: als het over Van Gogh gaat, staat het morgen in de krant.

'Bedrijven kunnen iets van ons leren. Er komt wat bij kijken om een Van Gogh Museum te runnen.' Rüger, die zegt 'niet van de loze statements te zijn', volgt inmiddels aan een particulier instituut een opleiding tot commissaris.

Focus

Volgend jaar april is hij tien jaar directeur van het Van Gogh. Raakt hij niet uitgekeken op het uitventen van het werk van één kunstenaar? 'Ik moet daar bijna een schizofreen antwoord op geven. Aan de ene kant is het inderdaad zo dat het relatief smal en beperkt is. Altijd Van Gogh. We zoeken natuurlijk andere dimensies, maar je bent gericht op deze ene persoon. Aan de andere kant geeft het ook focus. De directeur van het MoMA in New York zei onlangs tegen mij: wij zijn misschien hét Museum of Modern Art, maar er zijn veel musea moderne kunst die allemaal doen wat wij ook doen. Besef je wel wat voor unieks je in handen hebt? En het klopt. Zodra ik ergens in de wereld zeg: ik ben directeur van het Van Gogh Museum, dan hoef ik verder niks meer uit te leggen. Van Gogh is een global superstar.'

Heeft Rüger met de nieuwe inrichting van de vaste collectie en de opening van de nieuwe entree zijn missie niet voltooid? Is het net als bij zijn voorgangers Ronald de Leeuw en John Leighton na tien jaar niet genoeg? Hij lacht. 'Er is geen nijpende urgentie voor mij om nu te zeggen: ik moet echt iets anders gaan zoeken.'

Maar lang zal hij vermoedelijk niet genieten van de nieuwe ingang op het Museumplein, geeft hij aan het einde van het interview toe. 'Ik ga kijken wat er aan kansen langs komt. En of daar dan de omstandigheden gunstig zijn qua organisatie, financiële structuur en omgeving. Wil ik in Kansas City gaan wonen? Nou, dat weet ik nog niet. Aan de andere kant: ik gun het Van Gogh Museum ook nieuwe inspiratie.'

Een zelfportret van Vincent van Gogh in het Van Gogh museum Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden