'Ik at tandpasta en dronk urine'

Twee weken dobberde Abu Kurke Kebato (23) met 72 vluchtelingen op zee. De kustwacht en de NAVO wisten waar het bootje was, maar deden niets.

'We waren zo blij toen we de helikopter zagen. Al 16 uur waren we toen op zee en de wind stak op. Het bootje was overvol en iedereen hield zich vast aan een touw om niet overboord te slaan. We hadden onze tassen met voedsel van de mensensmokkelaars in Libië achter moeten laten en de benzine raakte op. Via onze satelliettelefoon belde de kapitein met een Eritrese priester in Rome om alarm te slaan. Niet lang daarna belde de Italiaanse kustwacht ons maar na een paar woorden viel de telefoon uit: de batterij was leeg. Gelukkig verscheen kort daarna de helikopter. Hij vloog laag, de deur was open en ik zag een man met geweer staan. Er was geen vlag of tekst op de helikopter te zien, wel zag ik binnenin een tas met 'Army' erop.


'De gewapende man liet tien flesjes water en pakjes biscuit zakken aan een touw en gebaarde dat we op onze plek moesten blijven. Er zou hulp komen. Het voedsel was bij lange na niet genoeg voor 72 mensen. Ik heb het niet geproefd want mensen vochten erom maar we waren zo blij. Sommigen begonnen andere kleding aan te trekken omdat ze dachten dat we gered werden.


Dobberen

'Na drie uur begonnen we te twijfelen, maar de kapitein zei dat hij op dezelfde plek wilde blijven omdat we anders niet gevonden zouden worden. We luisterden of we helikoptergeluiden hoorden maar er kwam niets, helemaal niets. Sommigen zeiden dat we verder moesten varen op ons kompas, maar de kapitein weigerde. Later vertelde hij de waarheid: hij had het kompas en de satelliettelefoon overboord gegooid. We zouden toch worden gered en anders werd hij misschien voor mensensmokkelaar aangezien.


'Op dat moment hadden we nog maar twee flessen benzine. De kapitein zei dat hij op de zon en de maan kon navigeren maar nadat de brandstof op was, begonnen we te dobberen. De golven waren ontzettend hoog en niet iedereen kon zich vasthouden aan het touw. Één jongen van zestien jaar viel overboord, hij schreeuwde om hulp. Een man sprong in zee om hem te redden maar kon hem niet bereiken. Ik zag hun hoofden één keer boven de golven uitsteken, ik hoorde 'help', daarna zag ik niets meer. Iedereen was geschokt en bang. Niemand sliep, we hielden ons alleen maar vast.


'Het water raakten op, iedereen was uitgeput. Sommige vrouwen werden waanzinnig van de honger. Een vrouw riep dat ze boodschappen ging doen en sprong in de zee. Een jonge jongen uit Eritrea sprong uit wanhoop ook overboord. In zee kreeg hij spijt. De kapitein gooide nog een reddingsvest, maar de jongen kwam er niet meer bij.


Urine drinken

'Ik droeg twee broeken en twee vesten over elkaar. Ik had de kapitein ook stiekem tandpasta zien eten, dat ben ik toen ook gaan doen. We verzamelden onze urine in een flesje en dat dronken we op.


'Na zes dagen zagen we twee vissersboten met een Tunesische en Italiaanse vlag. We lieten ze de lichamenen van dode baby's zien maar ze voeren gewoon weg.


'Op de tiende dag zagen we twee grote schepen waar gevechtsvliegtuigen en helikopters op stonden. Ze voeren in een ruime boog om ons heen. Daarna stegen twee gevechtsvliegtuigen op en vlogen over ons heen. We waren bang, sommigen dachten dat het vliegtuigen van Kadhafi (toenmalig Libische leider, red.) waren die ons wilde bombarderen. Ik hield de dode baby's omhoog. Een paar passagiers zeggen dat ze mensen met verrekijkers hebben gezien aan boord. We waren steeds zo blij om schepen te zien. Tot de dag van vandaag kan ik niet geloven dat ze ons niet hielpen. Waarom? Dit is Europa, de helikopterpiloot was blank. Waarom deed niemand iets?


'Steeds meer mensen stierven. We hebben de lichamen overboord gegooid, het stonk verschrikkelijk. Op de vijftiende dag waren we met nog maar elf mensen aan boord. We dachten bergen te zien, en het bleek Libië te zijn. Daar zijn we gearresteerd en ook in de gevangenis kregen we geen eten. Tripoli is gevaarlijk voor zwarten. We werden aangezien voor huurlingen van Kadhafi.


'We zijn uiteindelijk opgevangen in een Italiaanse kerk in Tripoli, die ons adviseerde naar een VN-vluchtelingenkamp in Tunesië te gaan. Vlak voordat we in een taxi wilde stappen, die zij voor ons hadden geregeld, kwamen er Libische militairen die ons in hun auto duwden. We werden naar het strand gebracht en opnieuw in een bootje gezet. Ik wilde niet, maar ze bedreigden ons met geweren. We hebben toen Lampedusa (Italiaans eiland in de Middellandse Zee, red.) bereikt. Ik heb onder dwang mijn vingerafdruk gegeven en asiel gekregen in Italië.


'Ik heb zoveel slechte herinneringen aan Italië. Ik had in 2010 al een keer met een boot Lampedusa bereikt. Maar toen heeft de Italiaanse politie ons teruggesleept naar Libië. Daar heb ik acht maanden in een gevangenis gezeten onder de grond. Als we toen niet waren teruggesleept, hadden mijn vrienden niet hoeven sterven tijdens die ramptocht op zee. Ik ben blij met het rapport van de Raad van Europa. De verantwoordelijken moeten worden gestraft, ook die van de helikopter en de schepen. Ze wisten dat we hulp nodig hadden maar deden niets.'


2 weken op zee

Twee weken dobberde de 23-jarige Ethiopiër Abu Kurke Kebato samen met 72 vluchtelingen uit Libië in de brandende zon in een rubberboot van 7 meter zonder benzine op de Middellandse Zee. Zowel de Italiaanse kustwacht als de NAVO was op de hoogte van de positie van het bootje maar ze deden niets, zo concludeerde de Raad van Europa woensdag in een vernietigend rapport.


Een militaire helikopter dropte water en koekjes maar kwam niet terug. Twee marineschepen kwam vlakbij maar voeren weer weg, net als twee vissersschepen.


De passagiers werden achtergelaten 'om te sterven', zo stelde rapporteur Tineke Strik, die bij de presentatie van haar rapport sprak van 'een zwarte dag voor Europa'. De NAVO had het gebied vorig jaar tot militaire zone verklaard vanwege de militaire actie tegen de Libische leider Kadhafi. Het hoofdkwartier in Napels stuurde een noodbericht van de Italiaanse kustwacht nooit door naar zijn schepen.


Kebato praat zacht in het Detentiecentrum Rotterdam, vlakbij waar de vliegtuigen landen die hem op 5 april naar Italië moeten brengen. 'In Italië ben ik niet veilig. Ik heb al dreigtelefoontjes gehad nadat ik op de tv was verschenen.' Kebato heeft daar asiel gekregen en moet volgens Europese afspraken daarom terug naar Italië. Zijn advocaat Marq Wijngaarden vindt dat hij op humanitaire gronden recht heeft op asiel in Nederland. 'In Italië heb je alleen recht op gezondheidszorg als je staat ingeschreven op een adres. Dat is Kebato niet gelukt. Ik vecht deze beslissing tot het Europees Hof aan omdat er een risico is op onmenselijke behandeling in Italië.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden