IJldromen in een wereld zonder betekenis

'Ik heb u nog nooit zien lachen. In al die jaren dat u hier werkt, heeft u niet één keer gelachen', zegt een fabrieksmeisje tegen een zwijgzame, sombere man....

Burning in the Wind van Silvio Soldini, die eerder het kassucces Pane e Tulipani maakte, zit vol met dergelijke dialogen. Burning in the Wind is een boekverfilming. Een bijna twee uur durende film op basis van een nog geen honderd pagina's tellende roman van Agota Kristof (die in Nederland bij Van Gennep verscheen als Gisteren), om precies te zijn. Het is een typische boekverfilming, met lange, gezwollen voice-overs en een gekunstelde structuur.

Hoofdrolspeler van Burning in the Wind is Tobias (Ivan Franek), die geplaagd wordt door ijldromen met tijgers, piano's en vogels. Tobias staat elke dag om vijf uur op, en reist dan met de bus naar de fabriek, waar hij de godganse dag gaatjes moet stansen.

Tobias is geboren in een dorp zonder naam, in een land zonder betekenis. Zijn moeder was de dorpshoer. Zijn vader een van haar klanten. Toen hij dat ontdekte, stak hij de man neer, en vluchtte naar Zwitserland. Daar schrijft de mooie Tobias een boek, over de vrouwen die hij ontmoet. Geen van hen voldoet aan Tobias' beeld van de ideale vrouw, van Line, het dochtertje van zijn vader.

Burning in the Wind gaat over het grote geluk, over een onmogelijke, passionele liefde, maar meeslepend wil hij niet worden. De fotografie is fraai, op de acteurs valt weinig aan te merken, maar de gekunstelde structuur blijft voortdurend in de weg zitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden