IJdel pietje precies is een en al welwillendheid

Partijleiders komen en gaan, maar Alexander Pechtold is een blijvertje geworden. Een politieke machtsfactor van belang. Hij geniet zichtbaar van zijn status als bemiddelaar.

Hij is erg gesteld op netjes. Correctheid, betamelijkheid. Het klinkt door in de manier waarop hij praat. Het klinkt door in de woordkeuze. Het oog wil ook wat: als hij naar de interruptiemicrofoon loopt, gaat de hand als vanzelfsprekend naar het knoopje van het colbert.

In de politiek gaat het er niet altijd even beschaafd aan toe, dus heeft hij zich aangepast. Een fractiegenoot noemt hem 'een elegant boefje'.

Ook hecht hij zeer aan eenheid. Eenheid moet je uitstralen, vindt hij. Alexander Pechtold (47) is een perfectionist, een pietje precies, hij bemoeit zich graag met alles. Toen hij in 2006 de leiding kreeg over de tot drie leden gedecimeerde Kamerfractie van D66 gaf hij collega Boris van der Ham het dwingende advies mee zich altijd netjes, dus in colbert, te presenteren.

Daar houden de meeste mensen van. Van netjes. Hij heeft altijd oog voor decorum, zegt oud-Kamerlid Van der Ham.

De hand van de leidsman is ook zichtbaar in de werkomgeving, vindt Paul van Meenen, lid van de nu twaalf leden tellende D66-fractie. Een etage lager in het Kamergebouw, daar waar het CDA huist, is het een rotzooitje. Zo niet bij de burelen van D66 waar de onberispelijkheid van afstraalt. 'Daar voert hij ook de regie over.'

De fractiekamer van D66 was vroeger het domein van de Hoge Raad van Adel en in zo'n omgeving voelt hij zich opperbest. Zijn eigen werkkamer heeft ook al iets statigs. Graag ontvangt hij daar collega-politici, van links tot rechts, de deur staat altijd open.

In NRC Handelsblad van afgelopen zaterdag wordt het begrip 'de fuik van Pechtold' opgevoerd. Wie vertrouwelijk wil overleggen met de leider van D66 is vanzelfsprekend welkom, maar dan wel op zijn kamer. Vervolgens doen de voorlichters van de partij hun werk: wist de pers al dat die ene minister of die ene fractievoorzitter straks aanklopt?

De politieke vrienden herkennen het beeld. Niemand die zo bedreven is in het 'zichtbaar' maken van de partij als Pechtold, klinkt het in bewondering. De vijanden zien in dat beeld hun opvatting bevestigd: geen politicus met zo'n onbeschrijflijke zucht naar aandacht als hij.

Voor het grote publiek ontstaat zo langzamerhand dit beeld: in politiek Den Haag ligt iedereen altijd met iedereen overhoop, maar er is er één die zich aan dat gewoel weet te onttrekken. Eén die tenminste wél bijdraagt tot besluitvorming, zich constructief opstelt en immer bereid is de helpende hand uit te steken.

Plots is Pechtold een politieke machtsfactor van belang. Hij geniet er zichtbaar van. Invloed hebben, daar is het toch om te doen in de politiek?

Het Lente-akkoord van vorig jaar, het eerder dit jaar afgesloten woonakkoord, het begrotingsakkoord van afgelopen week, in tijden van crisis kan op hem worden gebouwd. PVV-leider Geert Wilders mag hem een 'miezerig mannetje' vinden, Pechtold bouwt rustig voort aan zijn statuur van de wijze staatsman die zich, ahum, bewust is van zijn 'verantwoordelijkheid'. Een en al welwillendheid, een en al minzaamheid.

Naar anciënniteit gemeten kan hij zich die pose inmiddels wel veroorloven. Partijleiders komen en gaan. Hij vaart een stabiele koers. Sinds 2006 is zijn politieke leiderschap onomstreden in de partij. Bij zijn aantreden was D66 op sterven na dood (op enig moment nul zetels in de peiling), maar de partij herrees.

Alle verkiezingen nadien met hem als boegbeeld werd er gewonnen. Het 'kereltje Pechtold' (schimpnaam die wijlen Jan Blokker hem heeft opgeplakt en die hem lang achtervolgde) is een blijvertje geworden.

Daar zag het in 2005, het jaar dat hij zijn entree maakte in de landelijke politiek, allerminst naar uit. De burgemeester van Wageningen (nog steeds zijn woonplaats) en toenmalig partijvoorzitter werd plotseling minister in het tweede kabinet-Balkenende. Als opvolger van de tussentijds afgetreden Thom de Graaf. Met een portefeuille (bestuurlijke vernieuwing, koninkrijkszaken) die niet zo veel voorstelde.

De aanstelling tot minister is een illustratie van de geldingsdrang. De partijvoorzitter van D66 ging op zoek naar een opvolger van De Graaf en kwam toevallig uit bij zichzelf. De geldingsdrang bleek lastig te beteugelen. De pers belde nooit tevergeefs. En hij nam geen blad voor de mond. Via Opzij liet de nieuwkomer weten dat het er in de ministerraad veel 'vuiler en vunziger' aan toegaat dan menigeen denkt.

IJdelheid wordt hem door velen tot op de dag van vandaag nagedragen. Er bestaat ook een andere aanvliegroute om de nogal manifeste aanwezigheid van de D66-voorman te duiden. 'Hij is open, charmant en altijd benaderbaar', zegt Peter Bootsma, D66-raadslid in Leiden, de stad waar het voor Pechtold begon. Hij kent de partijleider een kleine twintig jaar en concludeert: 'Dat hij nu als een bindende factor wordt gezien, is logisch. Dat is hij ook. Geen spat veranderd.'

Dergelijke typeringen doen het bloed van de vijand koken. Parool-columnist Theodor Holman houdt het liever op een ruggegraatloos 'mannetje van niets', een elastieken trekpop, danwel 'een pratend IKEA-meubel'.

Indertijd, in de Leidse politiek, was de voorliefde voor 'middelen' al zichtbaar. Alexander Pechtold was van 1997 tot en met 2003 wethouder in Leiden en binnen de twee colleges van B en W boterde het niet altijd. Politici traden aan en af. Hij bleef rustig op zijn post.

Leidenaar Paul van Meenen, huidig Kamerlid namens D66: 'Ik herinner me permanente spanningen tussen collegepartijen. Tussen PvdA en GroenLinks, met wethouders met nogal sterke ego's. En hij maar bemiddelen. Ondertussen sleepte hij er meteen iets uit. Zo heeft hij een oude wens, de bouw van een turnhal, voor elkaar gekregen.'

Pechtolds natuur sluit naadloos aan bij de klassieke middenpositie die D66 in het politieke landschap bekleedt, zegt de naaste omgeving. Bij een rondgang binnen en buiten zijn partij wordt die vaak als 'optimistisch' aangeduid. Pechtold ziet immer 'kansen', zuigt graag op wat anderen ergens van vinden. Inderdaad neemt hij veelal zelf het initiatief om met links en rechts in gesprek te gaan.

In zijn Abel Herzberglezing van enkele jaren terug zei hij het zo: 'Polarisatie werkt verlammend en getuigt van intellectuele gemakzucht'. Hij verkent liever het 'tussengebied'. 'Niet omdat 'de waarheid' per definitie in het midden ligt, maar omdat we moeten proberen die van alle kanten te bekijken.'

Zo opereerde hij ook als Leids wethouder en later als burgemeester van Wageningen. Roept u maar, burger, hoe ziet u dit of dat? Als burgemeester liet hij zich per advertentie uitnodigen om 's avonds bij de mensen thuis bij het eten aan te schuiven. Dezer weken maakt hij een tour langs collegezalen om het imago van 'dé onderwijspartij' nog eens te beklemtonen.

Over de vermaarde 'kroonjuwelen' van D66 horen we hem nooit meer. De gekozen burgemeester, invoering van referenda, zelfs bij actuele abstracties als samenvoeging van provincies ter verhoging van de 'bestuurskracht' doet hij er veelal het zwijgen toe.

Onder zijn leiderschap heeft D66 de sociaal-economische agenda tot speerpunt gemaakt: verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd, lastenverlaging, meer geld naar het onderwijs, kortere WW-duur, het versneld aanpakken van de ontslagbescherming. 'Die lijn is eigenlijk al onder Boris Dittrich ingezet', zegt een oud-D66-Kamerlid, 'maar Alexander kan heel goed de indruk wekken dat hij er de uitvinder van is.'

Een jaar geleden, toen duidelijk werd dat de VVD en de PvdA geen gebruik wensten te maken van de diensten van D66, maakte hij op menig Binnenhof-watcher een geslagen indruk. Een vertrek uit Den Haag zou wel eens aanstaande kunnen zijn, zoemde het rond.

Peter Bootsma, D66-raadslid in Leiden, gelooft er niets van dat Pechtold heeft gespeeld met de gedachte de landelijke politiek te verlaten. Bootsma werkt aan een proefschrift over coalitievorming en heeft ten behoeve daarvan inzage gekregen in de verslagen van de besprekingen die tot de vorming van het kabinet- Rutte II hebben geleid.

Alexander Pechtold is voor alles een pragmaticus, zegt hij. Nu iedereen de mond vol heeft van de 'weeffout' van Rutte en Samsom bij de formatie (ontoereikende steun in de Eerste Kamer), moet daaruit niet de conclusie worden getrokken dat Pechtold per se D66 in het kabinet vertegenwoordigd wilde zien.

'In de verslagen is heel duidelijk te lezen dat we wat hem betreft , en trouwens ook wat Arie Slob van de ChristenUnie betreft, dat ontbreken van voldoende steun in de Eerste Kamer helemaal niet als een probleem moest worden gezien.' Nee, wil Bootsma maar zeggen, de politieke leider van D66 rook weer 'kansen'. Het kabinetsbeleid bijsturen als oppositiepartij, veel constructiever kan het niet.

Ziehier hoe voorman van D66 het politieke spel in de vingers heeft gekregen, zegt zijn voormalige Leidse fractie-assistent. Lacht: 'Godzijdank zijn veel mensen vergeten hoe hij het zelf dat ene jaartje als minister deed.'

CV

1965 Geboren in Delft

1992 Veilingmeester bij Van Stockum's Veilingen in Den Haag

1994 D66-raadslid Leiden

1996 Doctoraal kunstgeschiedenis en archeologie, Rijksuniversiteit Leiden

1997 Wethouder in Leiden

2002 Partijvoorzitter D66

2003 Burgemeester van Wageningen

2005 Minister in kabinet-Balkenende II

2006 Fractievoorzitter D66 in Tweede Kamer.

Alexander Pechtold woont in Wageningen, is getrouwd en heeft twee kinderen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden