Column

Iets in de mens verzet zich tegen geloofloosheid

Van alle leden van de Rooms-Katholieke kerk in Nederland, gelooft nog 17 procent in God. De rest is agnost (weet het niet), ietsist (gelooft in Iets) of atheïst (gelooft in Niets). In de Protestantse Kerken gelooft de helft van de leden nog in God en is een derde ietsist. Waarbij moet worden aangetekend dat het percentage katholieken in Nederland in vijftig jaar is gedaald van 35 naar 12 procent en dat van protestanten van 25 naar 9 procent. Nederland is geen christelijke natie meer.

Sint-Pietersbasiliek in Rome. Beeld thinkstock

Als God bestaat moet hij degenen die dat nog geloven met een lampje zoeken. Voor de vijfde keer in vijftig jaar is onderzocht hoe het ervoor staat met God in Nederland, en de Allerhoogste moet met grote zorg kennis hebben genomen van de uitkomsten. Als rationeel mens zou je willen zeggen: wees dan ook eens wat duidelijker over je bestaan, Allerhoogste. Maar dat kan God niet doen, want dan is het geloof in hem geen geloof meer. Dat was vroeger tenminste het antwoord van mijn moeder op vragen van mijn kant naar Gods ondoorgrondelijkheid, en er viel weinig tegenin te brengen.

Gelukkig voor God zijn er nog de leden van de kleine protestantse kerken, die moedig standhouden in een zee van secularisme en existentiële twijfel: zij weten zeker dat God zich hoogstpersoonlijk met hun bestaan bemoeit en hebben Hem daarom lief boven alles.

Maar, zoals gezegd, bij de katholieken is de situatie nijpend. Een deel van de toffelemonen gelooft niet meer in God maar nog wel in Jezus de Zoon - veel beter kun je de totale verwarring in de Nederlandse afdeling van de kerk van Rome niet schetsen. Zeven procent noemt zich zelfs ronduit atheïst. De verdere neergang sinds het vorige onderzoek uit 2006 houdt zeker verband met de schandalen in de kerk en vast en zeker ook met leiders als de aartsbisschop Eijk - ik zou ook principieel weigeren in dezelfde god te geloven als die middeleeuwse zwartrok met z'n rigide opvattingen.

De Nederlander is, zo blijkt uit het onderzoek, in toenemende mate een twijfelaar. Oude zekerheden zijn gesmolten als sneeuw voor de zon, we vullen overal 'misschien' of 'weet niet' in. Zelfs het 'ietsisme', een aanduiding die ooit werd gemunt door de huidige minister van Binnenlandse Zaken Plasterk, is op zijn retour. In 2006 was zestig procent van de Nederlanders ietsist, nu nog 42 procent - die andere achttien procent vond het ietsisme kennelijk toch nog iets te concreet en is op zoek gegaan naar een geloofsvorm die wat meer ruimte voor twijfel toelaat, het weetnietsisme.

Het georganiseerde geloof van de kerken mag dan naar de marge zijn gedrukt, driekwart van alle Nederlanders gelooft nog altijd in een god of een hogere macht. In het onderzoek is sprake van 'ongebonden gelovigen' en 'ongebonden spirituelen' die in meerderheid 'ietsist' of agnost zijn. Zelfs van de mensen die zich seculier noemen is minder dan de helft atheïstisch. En het is nu eenmaal menselijk om naar verbinding te zoeken: je kunt erop wachten dat de ongebonden zich gaan binden en een gebouwtje neerzetten voor de gezamenlijke beleving van het weetnietsisme: nieuwe stroming.

Het is een wonder en nog verbazingwekkender dan de ontmanteling van de kerken: dat het geloof nog altijd bestaat en miljoenen Nederlanders geloven in dingen waarvoor elk redelijk bewijs ontbreekt en die vaak volstrekt absurd mogen worden genoemd. Kennelijk is er iets in de mens dat zich verzet tegen geloofloosheid, tegen de idee dat we eenzaam en alleen door het universum zweven, zonder hoger doel, op weg naar nergens.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden