Iedereen slooft zich uit tijdens de training, op Ronaldo na

Brazilië en Frankrijk gaan zaterdag in de kwartfinale van Frankfurt op herhaling. De twee speelden tegen elkaar in de finale van het WK van 1998: Frankrijk won (3-0)....

Lummelen, dat kunnen Brazilianen op de training. Als geen ander beheersen ze de kunst van het balletje hoog houden, of als lome tijgers rond sjokken. Ze gooien de spieren los en rekenen erop hun energie te bewaren voor de momenten die er echt toe doen.

Donderdagmiddag in het stadion van SSG 05 in Bergisch-Gladbach gaat het er zowaar serieus aan toe bij de groepstraining van Brazilië. Bondscoach Carlos Alberto Parreira laat zijn selectie oefenen op een groot veld. Het gaat over tactiek, er zijn hesjes uitgedeeld voor de basiself en er wordt getraind op uitbraakvoetbal.

Het trio Ronaldo, Adriano en Ronaldinho kan voor de break-outs niet direct de goede versnelling vinden. Vooral Ronaldo, als enige in een zweet opwekkend regenjackje gehuld, blijft van zijn hoogste versnelling af. Uitsloven, zo lijkt de Goddelijke Dikke uit te stralen, dat is voor anderen.

Dan wordt de training beëindigd met een serie strafschoppen. Meestal, zeggen geoefende waarnemers uit kringen rond de selecao, trappen Ronaldinho en Roberto Carlos er een balletje van elf meter in en is de rest dan al grappenmakend op weg naar de kleedkamers.

Nu laat coach Parreira zijn tien veldspelers – de geblesseerden Kaka en Emerson zijn voor de gelegenheid reeds vervangen door Juninho en Gilberto Silva – in totaal dertig penalty’s trappen. Er gaan er drie mis: de eerste van Ronaldo, een heel slappe balletje, de eerste van Gilberto Silva en de tweede van Lucio, onbeheerst hoog over.

De hardste trap is van Adriano. Ronaldinho maakt oog in oog met Dida waar dat hij de eerste keuze zal zijn als in reguliere speeltijd de bal op de stip gaat. ‘Dat doelpunt gaat er een keer komen, misschien wel in de finale’, heeft de tot nu toe tegenvallende wereldvoetballer van het jaar verklaard. En Ze Roberto, de meest onderschatte Braziliaan, geeft de secuurste trap, altijd hoog, altijd rechts van de keeper, te hebben.

Het is in de heuvels bij Keulen overduidelijk: hier wordt een serieuze voorbereiding gepleegd op de kwartfinale van zaterdagavond tegen Frankrijk. Het oefenen van elf meter geeft aan dat de Brazilianen uitgaan van een slopende wedstrijd die in Frankfurt na 120 minuten niet beslist zal zijn.

De twee landen hebben een voorgeschiedenis in strafschoppen nemen tegen elkaar. Bij het WK van 1986, het geweldige toernooi van Mexico, versloeg Frankrijk de Brazilianen via de beslissende reeks van elf meter. Het was in de kwartfinale in het verstikkend warme Guadalajara. Na de reguliere speeltijd was de stand 1-1 (goals van Careca en Platini).

Toen kwam de strafschoppenreeks die begon met een misser van Socrates. Frankrijk hield door Stopyra, Amoros en Bellone de leiding tot meesterschutter Platini bij 3-3 zijn grote faam niet kon waarmaken. Het was alsof het zo moest zijn dat direct daarop Julio Cesar ook miste en Luis Fernandez het Franse elftal vervolgens naar de halve finale loodste: 4-3. In die semi-finale was Duitsland vervolgens te sterk.

Het was de tijd van de ‘lange droogte’ voor de Brazilianen. Tussen 1970 en 1994 konden de Zuid-Amerikanen, de mannen van het jogo bonito, het schone spel, hun grote talent niet omzetten in een wereldtitel. Nu dragen zij intussen al weer op vijf sterren op het shirt: vijf wereldtitels.

Frankrijk bezit één onderscheiding: die staat voor het wereldkampioenschap van 1998. Op de slotdag van dat toernooi gaf de Franse ploeg, aan de hand van de tweemaal scorende Zinedine Zidane, Brazilië een lesje in effectiviteit. Brazilië was in de finale te Saint Denis volledig het hoofd kwijt, omdat topschutter Ronaldo ’s ochtends tijdelijk in het ziekenhuis was opgenomen.

In Rio de Janeiro schreeuwt het volk dezer dagen om revanche op Frankrijk, om wraak zelfs. De statistieken zijn niet direct in het voordeel van Brazilië. Van de laatste vier wedstrijden werden er twee gewonnen door Frankrijk, twee eindigden gelijk. Brazilië won in 1992 voor het laatst een onderling duel.

Bondscoach Parreira liet de wereld al weten hoge achting te hebben voor Zidane, Henry en de anderen. De spelers zeiden het fijn te vinden – na de middenmoters Kroatië, Australië, Japan en Ghana – eindelijk een grote tegenstander tegenover zich te vinden.

Gilberto Silva, de waarschijnlijke vervanger van de aan de knie geblesseerde Emerson: ‘Een team als Frankrijk houdt er ook van te voetballen. Het wordt een open wedstrijd. Dat is goed voor ons. Het zal geen wedstrijd zijn waarin het andere team slechts probeert verdedigend te spelen. Want Frankrijk wil deze wedstrijd ook winnen.’

‘Dit wordt onze zwaarste wedstrijd tot nu toe’, meende Juninho, speller van Lyon en mogelijk de vervanger van de nog niet herstelde spelmaker Kaka. ‘Ik ken Frankrijk. Dat is een echt team. Die doen alles voor elkaar in het veld.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden