Ideeën Duras vonden in film hun juiste plek

Films van Marguerite Duras. Deze week in het Haags filmhuis en Rialto Amsterdam...

PETER VAN BUEREN

In de meeste herdenkingstukken bij de dood van Marguerite Duras stond dat zij ook films maakte. Een te geringschattende toevoeging aan het oeuvre van een schrijfster die zich pas op 55-jarige leeftijd met film ging bemoeien, maar juist in die kunst misschien haar meest geeïgende terrein vond.

Tussen haar eerste filmscenario - Hiroshima mon amour van Alain Resnais in 1959 - en haar eerste film (nog samen met iemand anders, Paul Seban) La musica in 1966 werden verschillende boeken van Duras door anderen verfilmd: Moderato cantabile (Peter Brook), La diga sul Pacifico (René Clément), Une aussi longue absence (Henri Colpi), 10.30 p.m. Summer (Jules Dassin) en The Sailor from Gibraltar (Tony Richardson). Voor sommige daarvan schreef ze zelf het scenario, maar tevreden over de films was Duras niet. De kern van haar opvattingen werd niet geraakt.

In 1969 - toen ze dus 55 jaar was en het begrip ouderendiscriminatie nog niet bestond - was Marguerite Duras in staat haar 'literaire' opvattingen in een geheel eigen film om te zetten: Déetruire, dit-elle. Twee jaar later volgde Nathalie Granger en in 1974, na La femme du Gange, bereikte haar filmoeuvre een hoogtepunt in India Song.

Natuurlijk kun je India Song samenvatten al het verhaal van een tragische liefde, gebaseerd op de waar gebeurde geschiedenis van een Franse ambassadeursvrouw in Indo-China, gespeeld door Delphine Seyrig. Een fatale liefde in de Franse koloniale wereld van de jaren dertig. Maar het gaat om de vorm. De twee dagen van die liefde worden in herinnering geroepen door vier stemmen zonder gezicht.

Deze stemmen richten zich niet tot de luisteraar of de filmkijker, ze zijn autonoom, ze praten met elkaar, ze wekken niet de indruk beluisterd te worden. De stemmen spreken vanuit het heden en vanuit het verleden, door elkaar. En de beelden lopen niet synchroon met die stemmen. Je hoort de stemmen terwijl je andere personages ziet, ze zijn verzelfstandigd, zoals ook de beelden een eigen zelfstandigheid hebben. Beeld en geluid botsen op elkaar, voeren een dialoog met elkaar.

Dialectiek (cultureel en politiek), daar ging het bij Duras om. In haar literatuur, in haar theater en in haar films, waarbij film het extra had van geluid en beeld naast de tekst. Bij de opnamen van India Song werd geen geluid opgenomen, maar de acteurs waren altijd omringd door geluid: de later aan de film toegevoegde muziek van Carlos d'Alessio, het commentaar van Duras - om de acteurs alvast te vangen in de spanning die de filmkijker later zou krijgen door de filmstemmen en de beelden.

Om duidelijk te maken dat de elementen geluid en beeld een eigen zelfstandigheid hebben, gebruikte Duras de geluidsband van India Song opnieuw, maar dan met heel andere beelden voor Son nom de Venise dans Calcutta désert. Dat werkte niet, alleen in India Song zit de dialectiek op z'n plaats. Geluid en tekst mogen dan autonoom zijn, ze zijn niet willekeurig, blijkt.

In Le camion (1977) is Marguerite Duras zelf prominent aanwezig. Ze zit aan een tafel en legt aan Gérard Depardieu het scenario uit van een film die zij zou willen maken met hem in de hoofdrol van een vrachtwagenchauffeur die een liftster meeneemt. De schrijfster en de acteur zijn de enige mensen in de film, die verder beelden laat zien van een vrachtwagen die in een verlaten landschap rijdt in de buurt van Parijs. Natuurlijk gaat het om meer, bij voorbeeld om de vrouwen die Duras in haar eerdere scenario's en films heeft bedacht om haar ideeen en gevoelens uit te drukken.

Le camion duurt maar 75 minuten, is tegelijk theoretisch als puur film, soms ondraaglijk spannend en van een bijna fysieke schoonheid. 'Is het een film?', vraagt Depardieu. 'Het zou een film geweest zijn. Het is een film, ja', antwoordt Duras. Een film creëren door beeld en tekst over een film die gemaakt zou kunnen zijn. Dat is Duras in haar zuiverste kern. Met associaties vanuit beelden en teksten komt de verbeelding aan de macht. Duras was een schrijfster wier literaire theorieën wellicht het best tot uiting kwamen in de films die zij maakte. Het narratieve ontkennend, en toch een 'verhaal' vertellend als het er formeel niet is.

Paul Ruven heeft onlangs een aardig geslaagde poging gedaan de spanning van een film als Le camion opnieuw op te roepen in Sur place. Wie die laatste film inmiddels heeft gezien, zou eens terug moeten keren naar de bron. Door een toeval presenteert het Haags filmhuis deze week in samenwerking met het Institut Français de la Haye een Duras-retrospectief. Rialto in Amsterdam heeft zich snel aangesloten, 't Hoogt te Utrecht en Lantaren/Venster in Rotterdam volgen.

India Song en Le camion zijn natuurlijk in het programma opgenomen. En gelukkig niet de verfilming van L'amant, Duras' met een Prix Goncourt bekroonde roman. De manier waarop deze autobiografische herinnering aan haar jeugd, waarin zij als 15-jarig meisje verliefd werd op een oudere Chinees, door Jean-Jacques Annaud is bewerkt naar een scenario van Gérard Brach (en niet naar dat van Duras zelf!), is een stuitende misvatting. Mooie plaatjes, een heftige passie, en een voice over van de oude vedette Jeanne Moreau zijn schamele invullingen van wat het boek bepaalt. Zo wordt een essentie verpulverd tot een quasi kunstzinnige vorm. Een aangekleed verhaaltje. Dit was precies waartegen Marguerite zich altijd verzette, waarom zij haar eigen literaire en filmische vorm ontwikkelde.

Peter van Bueren

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden