Hutkoffer, faculteit geodesie, Delft

Door zijn metingen onder zee ontdekte prof. dr. Vening Meinesz dat de aardkorst soms omlaag buigt. Zijn koffer vol aantekeningen is er nog....

DE INITIALEN luiden V. M. op de donkergroene reiskist, waarop bij nadere beschouwing ook nog een vaal roodwit kruis geschilderd blijkt. Geen sleutels in de koffer, staat op een randje papier gekrabbeld. Zijn bij de agent.

Er zitten nog altijd etiketten opgeplakt van de Holland-Amerika Lijn, van douane-inspecties aan onbekende grenzen, van de Nederlandsche Spoorwegen (8 stuks bagage, driemaal). En het adres in potlood van zijn beroemde eigenaar is nog gewoon leesbaar: F. A. Vening Meinesz, Potgieterlaan 5, Amersfoort. De professor thuis.

Onbekend is hoeveel de koffer is meegeweest van de ruwweg honderdduizend zeemijlen die de befaamde Delfts-Utrechtse geofysicus tussen 1923 en 1939 in onderzeeboten rondom de wereld voer. Dat deze koffer erbij was op zijn beroemdste reis rond de wereld aan boord van de H. Ms. K XVIII van de Koninklijke Marine, Kerst 1934 en voorjaar 1935, is haast zeker.

De Rijks Commissie voor Geodesie, de hoeders van de vaderlandse landmeetkunde waarvan ook Vening Meinesz (1887-1966) voorzitter was, bewaart de koffer om zijn historische inhoud, het ruwe wetenschappelijke materiaal van de man die als eerste de zwaartekracht op zee in kaart bracht. Net zo nauwkeurig als op land.

Ingewijden mogen hem wel eens bewonderen, in het archief van de commissie, een betonnen hoogbouw, middenin de weiden bij de Technische Universiteit Delft. De dubbel uitgevoerde precisieslinger waarmee hij zijn metingen deed, staat er ook, in het museum met landmeet-instrumenten. In zijn proefschrift van 1915 beschreef Vening Meinesz er de baanbrekende principes van.

Talloze notitieboeken en boekjes zitten in de kist. Logboeken, mappen met losse bladen, eindeloze reeksen getallen, hier en daar voorzien van een vraagteken in rood, ruwe berekeningen, formules, schetsen, probeersels, alles in een sierlijk en systematisch handschrift. Onderin een reeks hoge ronde, wat roestige cacaoblikjes, elk 0,25 kilogram, met originele registratierolletjes van de onderzeese slingermetingen. Verbandpleister als etiket, dezelfde zwierige letters, weer dat potlood.

Het is de ruwe erfenis van een echte wetenschappelijke held, over wie spannende boeken werden geschreven en Polygoonjournaals vervaardigd. Zoon van burgemeester Vening Meinesz van Rotterdam, een gentleman van bijna twee meter lang die wetenschap bedreef waar nog geen geofysicus dat had gedaan: onder zee. In benauwde onderzeeërs vermeed hij de golfslag die aan het oppervlak slingermetingen van de zwaartekracht onmogelijk maakte.

In 1923 voer hij in de H. Ms. K III van de Koninklijke Marine door het Suezkanaal naar Indië. In 1926 was hij aan boord van de K XIII, die hij een halfjaar exclusief voor metingen mocht gebruiken. In de jaren dertig voer hij meermalen, en onder toenemende publieke belangstelling, op de K XVII en de K XVIII. De O-16, de eerste gelaste Nederlandse duikboot, was in 1937 zijn domein. President Roosevelt ontving de Nederlandse geleerde persoonlijk. In Indië wachtten radioreporters de vermetele professor aan de kade op.

Uit de asymetrische zwaartekracht bij diepzeetroggen leidde hij af dat een deel van de aardkorst er omlaag was gebogen. Het waren de voorboden van de ontdekking van de plaattectoniek, eind jaren zestig door Wegener, die inzag dat stromingen diep in de aarde enorme delen van de korst meeslepen. Vening Meinesz bleef tot zijn dood in 1966 geloven dat de aarde star was.

Behalve de hutkoffer zijn er alleen nog coördinaten op volle zee. De O-16 werd op 15 december 1941 bij Malakka getorpedeerd en verging met 41 man aan boord. Alleen kwartiermeester Cornelis de Wolf overleefde. Het wrak werd in 1996 herontdekt bij het eilandje Tioman.

De XIII en XVIII werden op 2 maart 1942 beide in de haven van Surabaja door de bemanningen zelf lekgeschoten om te voorkomen dat ze in Japanse handen zouden vallen. De bezetter haalde twee jaar later de gehavende XVIII nog boven water en gebruikte de leeggehaalde romp als lichtschip in de Straat van Madura, benoorden Java. Op 16 juni 1945 joeg de Britse H. Ms. Taciturn haar daar, dertien jaar oud, definitief naar de kelder. 06 Graden 48 minuten zuid, 112 graden 47 minuten oost, om precies te zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden