Huiver voor DNA in strafproces is overdreven

Het gebruik van DNA-materiaal in het strafproces is geen inbreuk op de lichamelijke integriteit, meent Boris O. Dittrich. Bovendien hebben de spectaculairste gerechtelijke dwalingen zich meestal voorgedaan bij veroordelingen op basis van getuigenbewijs....

PROFFESOR De Roos lijkt zich in zijn artikel over DNA-onderzoek te verbazen over de aanzienlijke verruimingen die door regering en Tweede Kamer op de wet zijn aangebracht (Forum, 21 februari). Hij beweert dat de verlaging van de acht jaarsgrens naar vier een gevolg was van een geslaagde lobby uit het veld van de rechtshandhaving. Hier gaat hij te kort door de bocht. Wij hebben op basis van eigen afwegingen gepleit voor verruiming van de DNA-wet. Daarvoor hadden wij argumenten, die in de redenering van De Roos geen plaats hebben gekregen.

Ruim tien jaar geleden werd de afname van DNA-celmateriaal met veel waarborgen in het strafrecht opgenomen. De stand van de techniek was nog niet zo ver. Toen moest er bij een verdachte een behoorlijke hoeveelheid bloed worden afgetapt om aan voldoende celmateriaal te komen. Dat leidde inderdaad tot een forse inbreuk van de lichamelijke integriteit. Nu is dat anders. Een beetje wangslijmvlies, af te nemen met een wattenstaafje, is voldoende.

De Hoge Raad heeft in 1999 zelfs overwogen dat voor de identificatie van de verdachte ook gebruik mag worden gemaakt van restmateriaal dat de verdachte op bijvoorbeeld een tandenborstel heeft achtergelaten. Het lichaam van de verdachte behoeft dan niet eens meer te worden aangeraakt.

Niemand kan dan nog volhouden dat het gebruikmaken van celmateriaal van de verdachte een inbreuk op de lichamelijke integriteit oplevert. Het is opmerkelijk dat De Roos het arrest van de Hoge Raad niet eens noemt.

De huiver om DNA een volwaardige plaats in het strafproces te geven deel ik niet. Elke rechtenstudent wordt ervan doordrongen hoe onbetrouwbaar getuigenbewijs kan zijn. Leg de verklaringen van tien getuigen van een voorval naast elkaar en je zult zien hoezeer ze verschillen. Hoeveel verdachten zijn niet veroordeeld op basis van louter getuigenverklaringen? Geef mij dan maar DNA-materiaal als aanvullend bewijs. Al zal het aantreffen van celmateriaal van de verdachte op de plaats van het misdrijf niet zonder meer kunnen leiden tot de gevolgtrekking dat hij het misdrijf heeft begaan, toch zal hij met een aannemelijke verklaring moeten komen, hoe zijn celmateriaal daar terecht is gekomen.

De ervaring leert dat verdachten dan vaak tot een bekentenis komen, omdat na verder onderzoek hun alibi niet blijkt te kloppen. De spectaculaire voorbeelden van gerechtelijke dwalingen, waaraan De Roos refereert, hebben zich veelvuldig voorgedaan bij veroordelingen op basis van getuigenbewijs. Het blijft dan ook belangrijk dat de rechter kritisch naar alle bewijsmiddelen blijft kijken, of daar nu DNA bij zit of niet.

Ik pleit voor een reële toepassing van DNA in het strafrecht. Daarom heeft D66 ook de motie ingediend, die het nu mogelijk maakt grootschalige DNA-onderzoeken onder voorwaarden te houden in ernstige zaken, zoals bij moord, wanneer alle andere opsporingsmethoden gefaald hebben. Aan de deelnemers van zo'n grootschalig DNA-onderzoek wordt gevraagd vrijwillig celmateriaal af te staan. Uit enquêtes blijkt dat men daar graag aan mee wil werken.

De veiligheid kan vergroot worden door DNA-profielen in een databank op te nemen. Ook hier is De Roos te terughoudend. Uit onderzoek blijkt dat veel misdrijven door mensen worden gepleegd, die eerder zijn veroordeeld. Om het ophelderingspercentage van reeds gepleegde misdrijven te vergroten is het raadzaam van alle veroordeelden celmateriaal af te nemen en in de DNA-databank op te slaan.

Inderdaad gaat het te ver om van alle Nederlanders DNA-materiaal af te nemen. Laten we het beperken tot diegenen, die met criminaliteit in verband kunnen worden gebracht. Het is de taak van wetenschappers als De Roos om op de eventueel nadelige gevolgen van een royale toepassing van DNA in het strafrecht te wijzen. Volksvertegenwoordigers dienen de aangevoerde argumenten te wegen in het besef dat de samenleving een adequaat overheidsoptreden verlangt bij het tegengaan van criminaliteit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.