Hugo Claus zet oud gesprek bij tramhalte om in gedicht

Ieder die vandaag een boekhandel bezoekt, kan 'De groeten' van Hugo Claus krijgen. Twee maanden lang is deze derde Gedichtendag-bundel voor anderhalve euro te koop....

Het is een mooi bundeltje geworden, mooier dan die van vorig jaar (Judith Herzberg) en minstens zo mooi als de eerste (Toon Tellegen). Claus laat in vogelvlucht zien wat hij kan: een paar liefdesgedichten, een vers over poëzie, twee spotlustige oden, een objet trouvé, een gedicht over Afghanistan en tot slot een 'verdwaald liedje'. Je kunt het een samengeraapt zootje vinden, je kunt het ook een kleine staalkaart van een poëtische omnivoor noemen.

In het nieuwe poëzietijdschrift Awater dat ook vandaag gepresenteerd wordt, vertelt Claus dat het gedicht Objet trouvé in de tram is gebaseerd op een gesprek dat hij dertig jaar geleden hoorde toen hij op de tram stond te wachten.

Een vrouw vraagt aan een 'klootzak' waar hij naar toe gaat. Hij is op weg naar zijn moeder die aan een fatale vorm van emfyseem lijdt. De man kan niet wachten tot 'haar tenen koud zijn'. Toch eindigt dit wrange gedicht niet wraaklustig: 'Daar is Tram Tien./ Anders alles goed?/ Een beetje emfyseem./ Dat hebt ge van uw Mama./ Het zou kunnen.'

Een gedicht dat niet dertig jaar in een kladboek heeft liggen wachten is Inch Allah. Hier krijgen de televisiebeelden van de oorlog in Afghanistan een plek: 'Te koop:/ Een eigenhandig gerepareerde kalashnikov/ Een zelf herstellende microwave/ Goudgevlekte lapis lazuli van Afghanistan/ Landmijnen met tien procent korting.' Het gedicht is een uitzondering want volgens Claus is politiek als thema 'te emotioneel'. Gedichten worden dan al snel 'ouwe wijven-gilletjes'.

Ook wie vandaag met een grote boog om alle boekhandels heen loopt, kan poëzie voorgeschoteld krijgen. In het kader van het NS-project 'Tijd voor Lezen' krijgen treinreizigers bij aanschaf van hun kaartje een ansichtkaart met een gedicht. Kopen ze hun kaartje bij een automaat, dan is er altijd nog de minibar in de trein. Op het servetje bij de koffie staat een dichtregel van de Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker.

Het thema van deze derde Gedichtendag, twee jaar geleden van start gegaan op initiatief van Poetry International, is het levenslied. Schrijvers als Leo Vroman, Remco Campert en Wim T. Schippers kregen de opdracht een nieuw levenslied te schrijven. Veel lokale organisaties konden met dit thema ook goed uit de voeten.

Zo organiseert de Utrechtse bibliotheek een workshop smartlappen schrijven en is er in Den Bosch een boekhandel waar de medewerkers hun klanten zullen toezingen. Een school in Ede houdt Candlelight-workshops.

In totaal zijn er meer dan honderd evenementen, ongeveer even veel als vorig jaar, maar voor het eerst hebben instellingen de krachten gebundeld. Dat het literaire niveau niet altijd even hoog is, is volgens de Gedichtendagcoördinator, Janita Monna, geen probleem: 'Om met Gerrit Komrij te spreken: het is prima als je met Toon Hermans begint, zolang het maar niet je eindstation is. Wij grijpen pas in als een of ander neofascistisch groepje Sieg Heil-liederen wil schrijven.'

Officieel gaat de Gedichtendag in het Rotterdamse stadhuis van start, maar Groningen heeft er dan al een nacht opzitten. Traditiegetrouw begint om middernacht een 24-uurspoëziemarathon. Gast is Anneke Brassinga. Ze mag hopen dat ze als een van de eersten aan de beurt is, want vanavond moet ze nog een keer optreden: in Terneuzen .

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden