INTERVIEWHubert Bruls

Hubert Bruls, voorzitter van het Veiligheidsberaad: ‘Het moeilijkste deel van de crisis moet nog komen’

Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen en voorzitter van het Veiligheidsberaad over het versoepelen van coronamaatregelen. ‘Wij hebben steeds gezegd: geef de mensen een perspectief.’

Hubert Bruls is sinds 2012 burgemeester van Nijmegen en voorzitter van het Veiligheidsberaad.Beeld Jiri Büller

Wie denkt dat we met de versoepeling van de coronamaatregelen het lastigste deel van de crisis achter de rug hebben, heeft het mis, zegt Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen. Het moeilijkste stuk, het langzaam uit de lockdown kruipen, moet nog komen, waarschuwt hij.

‘Eerlijk gezegd denk ik dat de eerste vijf weken van deze crisis nog het gemakkelijkst waren. Iedereen had in de gaten: er is iets ernstigs aan de hand. De boodschap was kraakhelder: blijf thuis. Dat is een vervelende boodschap. Maar voor een crisisbestrijder is het ideaal.’

Nu de coronacrisis een nieuwe fase ingaat, wordt dat allemaal een stuk ingewikkelder, aldus Bruls. ‘Je ziet dat er in de samenleving een gevoel groeit: wij willen naar buiten. Maar hoe ga je naar buiten, in welk tempo, welke maatregelen neem je daarvoor? En wat is vrijlaten precies? Leg je daarvoor de verantwoordelijkheid bij de samenleving? Of vind je dat de overheid daarop moet handhaven? Daar zitten veel keuzemogelijkheden in. Dat maakt dit een stuk lastiger dan de eerste fase.’

Bruls is voorzitter van het Veiligheidsberaad, het overlegorgaan van de 25 veiligheidsregio’s in Nederland. Daarin zitten de burgemeesters als voorzitter van hun eigen veiligheidsregio. Ze zijn uitvoerder van het kabinetsbeleid in de coronacrisis, maar tegelijk ook belangrijke adviseurs.

Iedereen schreeuwt moord en brand. De kappers, de campings, de restaurants: ze willen weer aan de slag. Waar hebben jullie als burgemeesters bij het kabinet op aangedrongen?

‘Wij hebben steeds gezegd: geef de mensen een perspectief. Iedereen vindt de beperkingen die zijn opgelegd vervelend. Maar nog vervelender is dat je niet weet waar het eindigt. Je kunt wel zeggen: we moeten wachten tot er een vaccin is. Ja, duh, dat is er misschien pas over anderhalf jaar. Dat is niet vol te houden.’

‘Als je kunt aangeven: als de ontwikkelingen goed zijn, kunnen we over twee weken dit doen, over vier weken wellicht dat en eind van de zomer kijken we verder, dan weet je als burger waarvoor je anderhalve meter afstand houdt en je handen wast.’

‘Wat van groot belang is: je moet het niet allemaal op één moment doen. Voor ons als veiligheidsregio’s moet het wel uitvoerbaar en handhaafbaar zijn. Het maakt ons niet zo veel uit waar je met die versoepelingen begint. Of het de kappers zijn, de horeca of de dierentuinen. Als je het maar niet allemaal tegelijk doet. Dan wordt het chaos.’

Tegelijk zie je mensen al hun eigen vrijheid heroveren. Het wordt steeds drukker op de weg. De winkelstraten worden zo vol dat winkeliers alarm slaan.

‘Met name sinds de aankondiging van de eerste versoepelingen door premier Rutte twee weken geleden zie je dat het echt veel drukker is geworden. Laten we ons overigens niet blindstaren op grote steden als Amsterdam en Rotterdam. Het beeld dat ik van mijn eigen stad krijg is dat het wel drukker is, maar dat mensen wel afstand houden.’

‘Maar ik heb het kabinet duidelijk aangegeven: verwacht niet dat wij daarop gaan handhaven. Als mensen in de stad kriskras door elkaar lopen is dat voor de politie niet te doen. Wat we wel kunnen doen is bijvoorbeeld routes maken, eenrichtingsverkeer voor voetgangers invoeren, met crowd control-borden werken. Maar dat is meer een kwestie van reguleren dan van handhaven. De oproep van de detailhandel om een nationaal plan daarvoor te maken, daar geloof ik niet in. Laat dat maar aan de lokale bestuurders en winkeliers over.’

De boodschap van het kabinet in het begin was helder: blijf thuis. Nu steeds meer vakantieparken en hotels opengaan krijgt dat iets tegenstrijdigs. Wat moet de nieuwe boodschap zijn volgens u?

‘De boodschap werd steeds onduidelijker, dat merkte ik ook aan mijzelf. Het is tijd voor een paradigmaverandering, als ik dat zo mag uitdrukken. In onze kringen overheerst het gevoel: we zijn er nog niet. Maar leg nu de nadruk op hoe de samenleving zichzelf organiseert. Blijf anderhalve meter afstand houden, let op hygiëne en blijf thuis als je je niet goed voelt. Dat moet meer de nadruk krijgen.’

Wat is de rol van het Veiligheidsberaad in deze crisis?

‘Wij zijn in eerste instantie uitvoerder. Het bijzondere aan deze crisis is dat het kabinet er niet voor heeft gekozen om de noodtoestand af te kondigen en met een Noodwet te werken. Het kabinet heeft besloten beleid uit te zetten via de veiligheidsregio’s. Dat heeft een enorm voordeel, namelijk dat je gebruik kunt maken van een bestaande structuur. Wij hebben draaiboeken klaarliggen hoe je omschakelt naar crisisstand. Wij hadden in twee dagen onze organisatie staan. Daar ben ik best trots op.’

In de zorg duurde het langer om centrale regie te organiseren.

‘Dat komt omdat de zorg een marksector is. Een ziekenhuis heeft er belang bij zoveel mogelijk bedden bezet te hebben, want dat levert geld op. Nu moesten ze ineens bedden vrijhouden. In de zorg liggen geen draaiboeken klaar voor hoe ze landelijk ic-capaciteit moeten regelen. Er is geen landelijk telsysteem, ze hebben niet dezelfde software. De zorg bestaat uit bedrijven die onafhankelijk van elkaar werken Nu moesten ze ineens omschakelen naar een soort centraal geleide economie. Dat heeft even tijd gekost. Dat vind ik wel een puntje voor de evaluatie.’

‘Eerlijk gezegd denk ik dat de eerste vijf weken van deze crisis nog het gemakkelijkst waren.’Beeld Jiri Büller

Wat moeten we daarvan leren dan?

‘Er zijn nu mensen die roepen: we moeten extra ic-capaciteit beschikbaar houden om bij een nieuwe infectieziekte snel te kunnen opschalen. Maar ik vergelijk het met de vluchtelingencrisis van 2015. Toen was de les ook: we moeten veel meer opvangcapaciteit voor vluchtelingen beschikbaar hebben. Het jaar was nog niet voorbij of er werden budgettaire obstakels opgeworpen. Want zoiets kost tientallen miljoenen. Van mij mag het, maar dan kunnen we andere dingen niet doen.’

Heeft het Veiligheidsberaad zelf ook een stem in de maatregelen?

‘Ik vind het bijzonder dat ik en mijn collega uit Venlo elke week aanschuiven bij de ministeriële crisisstaf. Dat had niet gehoeven, daar is om praktische reden voor gekozen. Ik ga daar niet de grote broek aantrekken en vertellen hoe het zit. Maar ik kan namens de burgemeesters wel aangeven: dat zou ik misschien iets anders doen.’

Het idee om jongeren meer ruimte te geven kwam uit jullie koker?

‘We merkten dat relatief de meeste boetes werden uitgedeeld aan jongeren. Die zochten ontspanning in de buitenlucht. Voor jongeren tikt deze crisis extra hard aan. Omdat ze niet naar school kunnen, niet met vrienden samen kunnen komen, hun vrijheid kwijt zijn. Dus voor ons was het zoiets van: als je al aan voorzichtige stapjes denkt, begin dan met de jongeren.’

Fase twee is geleidelijk uit de lockdown komen. Is er ook een fase drie of vier?

‘Dat is lastig te zeggen. Alles staat of valt met hoe het met het virus gaat. Het is niet verstandig om daarover te speculeren. Perspectief bieden is belangrijk. Maar dat is wat anders dan mensen illusies geven. Wat we wel kunnen doen is de komende maanden maatregelen successievelijk versoepelen en ons voorbereiden op de anderhalvemetersamenleving.’

‘Dat is meer een maatschappelijke opdracht dan een overheidstaak. Wij gaan niet controleren of Ikea zich aan de maatregelen houdt. Dat moet Ikea zelf doen. In extreme gevallen kan er natuurlijk opgetreden worden. Maar een overheid die het moet hebben van handhaving is een armzalige overheid. Dat moet komen van de innerlijke motivatie van winkeliers en hun klanten.’

‘Dat is vanaf het begin ook onze kracht geweest. Het advies aan mensen om thuis te blijven was iets wat ze zelf moesten doen. Dat was ijzersterk, want je doet daarmee een appèl op mensen. Niet omdat het moet van de overheid. Ik was overigens niet verbaasd door de rijen voor Ikea. Ik vond het juist wel aandoenlijk om te zien hoe ze allemaal anderhalve meter afstand probeerden te houden.’

Voor veel bedrijven is de anderhalvemetereconomie geen optie. Restaurants, theaters en cafés kunnen niet draaien met een kwart gevulde zaak.

‘Economisch is het natuurlijk een drama. Voor een aantal bedrijven zal dat niet mogelijk zijn. In de horeca zal dat een forse koude sanering gaan betekenen. Maar gezondheid boven economie stellen vind ik nog steeds een verstandige keuze. Perspectief bieden wil ook zeggen dat je bedrijven duidelijkheid geeft over wat niet kan. Lowlands met anderhalve meter afstand gaat gewoon niet. Ik ken geen evenementenorganisator die dat niet volkomen logisch vindt.’

‘Nog funester is als je over een maand moet zeggen: het virus is opnieuw in alle heftigheid opgedoken en we gaan zaken weer dichtdoen. Dan is je perspectief helemaal weg. Je kunt beter even geduld hebben en pas open gaan als het safe is. Wat dat betreft kijk ik met spanning naar de cijfers in Duitsland. Daar zijn maatregelen versoepeld en lopen de sterftecijfers weer op. Pas als er een vaccin is kunnen we echt weer terug naar normaal.’

Door sommigen wordt nu gefilosofeerd over een nieuwe samenleving na de coronacrisis waarin we minder gaan vliegen, meer videovergaderen. Hoe kijkt u daar tegenaan?

‘Als het vaccin er is, denk ik dat we en masse weer teruggaan naar de situatie van vóór de crisis. Mensen zijn conservatief in hun gewoonten. Ik denk dat we teruggaan naar de oude orde die we samen hebben opgebouwd. Neem al die mensen die nu beeldvergaderen. Dat is toch dodelijk vermoeiend. Ik ga na de crisis weer lekker handen schudden en knuffelen. Kom op zeg, ons leven vóór de coronacrisis was toch fantastisch!’

Burgemeester Hubert Bruls, die pleit voor ‘perspectief bieden’ en ‘maatregelen successievelijk versoepelen’, werd woensdagavond op zijn wenken bediend door premier Rutte. ‘Dit komt tegemoet aan onze wensen. Hier kunnen we mee vooruit’, reageert de voorzitter van het Veiligheidsberaad. ‘Het is een behoorlijk pakket. Het wordt wel een grote uitdaging om de zaken goed te begeleiden.’

De versoepeling van de maatregelen wordt donderdag omgezet in officieel beleid. ‘Daar moeten wij dan onze noodverordeningen op aanpassen. Er is in korte tijd veel te doen, er zal veel gecommuniceerd moeten worden en het zal niet overal goed gaan’, aldus Bruls. ‘Het zal ook wel weer een heleboel vragen oproepen. Zo wordt buitensport ook voor 18-plussers toegestaan, zonder begeleiding. Voor de jeugd gold dat al. Dat levert natuurlijk de vraag op: waarom mag een 19-jarige wel zonder begeleiding buiten sporten, maar een 18-jarige niet?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden