ACHTERGRONDExtreemrechts bij Duitse politie

‘Houd eens op Hitler te groeten. Hij is dood’

Cabaretier en jongerenwerker Idil Baydar (45): ‘Respect krijg je niet door een uniform en een wapen. Daar hoort bepaald gedrag bij.’Beeld Marlena Waldthausen

Dreigmails via een politiecomputer aan prominente Duitse vrouwen met een migratieachtergrond voeden het lang bestaande vermoeden dat er binnen de politie in Duitsland extreemrechtse netwerken actief zijn. Idil Baydar is een van de slachtoffers. Waarom lijkt Duitsland zijn eigen ogen te sluiten? 

‘Eerlijk waar Duitsland, wat is er met je politie aan de hand?’ Jilet Ayse, zelfbenoemd gettobruid en integratienachtmerrie, vroeg het zich een paar jaar geleden al af. In een van haar videotirades somt ze misdragingen van agenten op, vaak gericht tegen mensen met een migratieachtergrond. ‘Wat nou politie is je vriend en helper? Je beul zul je bedoelen!’ Ze snuift. ‘Wallah, ik zweer het je, we zijn hier niet bij Miami Vice.’

Jilet Ayse bestaat niet echt. Ze is een schepping van cabaretier en jongerenwerker Idil Baydar (45), een geboren Berlijnse met Turkse voorouders. Haar straattaal, trainingspakken en goedkoop glanzende lipglos zijn misleidend. Jilet Ayse houdt de Duitse samenleving in haar video’s een haarscherpe spiegel voor en maakt haar schepper daarmee geliefd bij sommigen en gehaat door anderen.

Idil Baydar wordt met de dood bedreigd door extreemrechts, al bijna twee jaar lang. De mails die de Volkskrant inzag tonen een toxische mix van racisme, vrouwenverachting en verheerlijking van het nationaal-socialisme. Ze zijn ondertekend met ‘NSU 2.0’, een verwijzing naar de terreurgroep Nationalsozialistischer Untergrund die begin deze eeuw tien Duitsers met Turkse wortels vermoordde.

Het is problematisch genoeg dat er mensen zijn die in de voetsporen willen treden van deze NSU, maar nog alarmerender is het dat de privégegevens van Idil Baydar afkomstig zijn van een politiecomputer, net als vertrouwelijke informatie over twee andere bekende vrouwen die dreigementen met hetzelfde onderschrift ontvingen, een strafrechtadvocaat en een linkse politica. Het lek zit bij de politie in de deelstaat Hessen, zoveel is bekend. Maar verder tasten politie en OM naar eigen zeggen in het duister, al twee jaar lang.

Dreigmails

De dreigmails voeden het lang bestaande vermoeden dat er binnen de politie in Duitsland extreemrechtse netwerken actief zijn. Vooral het afgelopen jaar regent het voorvallen: antisemitische grappen in app-groepen, een dronken politieman die in zijn vrije tijd een asielzoeker afranselt, en agenten die de Hitlergroet brengen op een feestje of in de voetgangerszone van een provinciestad. Volgens een rondvraag van Der Spiegel loopt er momenteel onderzoek naar meer dan vierhonderd voorvallen.

Zoals dat gaat bij een zomerse bui: de eerste dikke druppel is gewoon een druppel, de tweede ook, de derde nog net. Maar daarna wordt het verband tussen de druppels onmiskenbaar. Het regent. Dat doet het overigens ook bij het Duitse leger, de Bundeswehr. Dit voorjaar werd een hele elite-eenheid ontbonden vanwege overdadig bewijs voor extreemrechtse denkbeelden en verheerlijking van de nazi’s.

‘Dit moet een groep zijn, dit kan niet het werk van een persoon zijn’, sombert Idil Baydar op een hoogzomerse namiddag in een Berlijns parkje. De cabaretière heeft een vriendin meegenomen naar de afspraak met de Volkskrant, voor de veiligheid. Want alleen gaat Baydar niet meer over straat. Cynisch: ‘En politiebewaking hoef ik nu ook niet zo nodig.’

Ze vertelt hoe ze na het eerste dreigement aangifte deed. ‘De politie probeerde de zaak weer eens onder het tapijt te vegen, zoals de politie alles altijd verdoezelt. Ze moest maar een ander mobiel nummer nemen, zei men op het politiebureau. ‘Dat is toch ongeveer alsof je tegen een vrouw zegt: trek geen minirok aan, dan word je nooit meer verkracht. Dus ik vroeg: en wie zegt me dat jullie dat nummer niet aan nazi’s geven?’

NSU 2.0

Het verhaal van Baydar is in Duitsland een van de vele variaties op het thema dat luidt: de Duitse politie kan slecht tegen kritiek en doet te weinig aan zelfreflectie. Tekenend is de reactie van politievakbonden op de grote media-aandacht voor de kwestie ‘NSU 2.0’.

Politievakbonden waarschuwden voor ‘algemene verdachtmaking van de politie’ en wezen op het toenemend aantal geweldsdelicten tegen agenten. Bij wijze van reactie op de NSU 2.0-bedreigingen, noemde minister van Binnenlandse Zaken Horst Seehofer (CSU) de politie onlangs ‘een juweel’. Structurele problemen met racisme en extreemrechts ontkent hij categorisch. Het zou slechts gaan om incidenten van kwaadwillende individuen.

‘Dat is driest. Je moet het als minister maar durven’, zegt Rafael Behr. De criminoloog en socioloog uit Hamburg was zelf twintig jaar agent en geeft nu les op de academie. Hij promoveerde op de organisatiestructuur van het politieapparaat.

Dat de politie een groot probleem heeft met racistisch gedrag en extreemrechtse denkbeelden in eigen gelederen staat voor Behr buiten kijf. Wat niet wil zeggen dat hij meegaat in het doemscenario van sommige media dat er sprake is van een schaduwleger van extreemrechtse uniformdragers. ‘Ik zie geen structuren die racisme afdwingen, maar ook geen structuren die racisme en rechts-extremisten herkennen en tegengaan. Dat laatste is het grootste probleem.’

De zwijgende meerderheid die dit soort dingen laat gebeuren, die is volgens Behr cruciaal. ‘In Duitsland is de politie van oudsher een centraal georganiseerde instelling die zichzelf als almachtig en foutloos beschouwt. Wie intern kritiek uitoefent, geldt als nestbevuiler.’ Bovendien ontbreekt een noemenswaardig onafhankelijk meldpunt waar politiemensen misstanden van collega’s kunnen melden, zoals Nederland dat sinds kort wel heeft.

Ministers van Binnenlandse Zaken, zeker een conservatief exemplaar als Seehofer, versterken die cultuur van onvoorwaardelijke loyaliteit door bij de minste of geringste aanleiding demonstratief voor ‘hun’ politie te gaan liggen. Dat doen ze deels uit electoraal belang – de CDU/CSU wil uit alle macht voorkomen dat deze conservatieve beroepsgroep overloopt naar de (extreem)rechtse AfD – en gedeeltelijk onder druk van de in Duitsland machtige politievakbonden die al jaren roepen dat de politie het slachtoffer is van het ‘softe’ en ‘groene en linkse’ klimaat dat tegenwoordig in Duitsland zou heersen. Ze vinden dat de politie te weinig geld krijgt maar vooral te weinig eerbied en te veel maatschappelijke argwaan. Twee twijfelachtige claims, omdat de huidige regering na jarenlange bezuinigingen juist flink in het politieapparaat investeert én omdat uit peilingen blijkt meer dan 80 procent van de Duitsers een groot vertrouwen heeft in de politie – alleen verpleegkundigen scoren beter.

Lang bestaat het vermoeden dat er binnen de politie in Duitsland extreemrechtse netwerken actief zijn. Structurele problemen met racisme en extreemrechts worden door verantwoordelijk minister Horst Seehofer (CSU) juist categorisch ontkend.Beeld Ullstein bild via Getty Images

Blinde vlek in de maak

Maar dat geüniformeerde minderwaardigheidscomplex verklaart wel waarom Seehofer eerder deze zomer, op het hoogtepunt van de internationale Black Lives Matter-protesten, besloot een lang aangekondigd landelijk onderzoek naar etnisch profileren bij de Duitse politie af te blazen. Zijn uitleg: etnisch profileren is bij wet verboden, dus de politie doet zoiets niet. Oftewel: wat verboden is, bestaat niet. Seehofers argument klinkt als een handleiding voor het creëren van een blinde vlek. Coalitiepartner SPD sprak er schande van, maar bondskanselier Angela Merkel floot haar minister niet terug.

Seehofers redenering doet Behr, en vele andere Duitsers, denken aan de wegkijkcultuur die ertoe leidde dat de NSU destijds tien racistische moorden kon plegen, terwijl de politie bleef volhouden dat het ging om een serie afrekeningen in een Turks onderwereldmilieu.

De eerste keer dat het onderschrift NSU 2.0 opdook was in 2018 in een dreigbrief aan de advocaat Seda Basay-Yildiz, onder andere bekend als belangenbehartiger van de nabestaanden van de slachtoffers van de NSU. Yildiz’ gegevens bleken een uur voordat de mail verzonden was, opgeroepen vanaf een politiecomputer in Frankfurt am Main.

De 35-jarige vrouwelijke rechercheur die op het toestel was ingelogd, ontkende schuldig te zijn. Ze legde uit dat ze haar computer altijd de hele dag open liet staan, zodat ook collega’s erop konden werken. In plaats van alle aanwezigen als verdachten te beschouwen, besloten de interne onderzoekscommissie en het Hessische Openbaar Ministerie hen als getuigen te behandelen – ook nadat ze op een in beslaggenomen telefoon van een rechercheur chats met collega’s hadden gevonden waarin een afbeelding van een gaskamer was voorzien van het commentaar ‘hoe groter de Jood, hoe warmer de tent’.

Die rechercheur is niet gearresteerd en gewoon aan het werk gegaan, net als de collega uit Wiesbaden op wiens account een paar maanden later naar de persoonlijke gegevens van Idil Baydar werd gezocht. Heeft de Hessische politie ‘slechts’ als doorgeefluik gediend, of schreven ze de mails zelf? Twee jaar na de eerste dreigmails is er niemand die het weet. De teller van het aantal personen dat door NSU 2.0 bedreigd is, staat inmiddels op 70.

Het was een journalist van de Frankfurter Rundschau, een Hessische krant, die Idil Baydar in juli dit jaar vertelde dat haar gegevens waren ingezien vanaf een politiecomputer in Wiesbaden. Hoe lang de politie dat zelf al wist, is onduidelijk. Ook nadat de krant het nieuws naar buiten had gebracht ‘vond de politie het blijkbaar niet nodig om zich bij mij te melden’, zegt ze.

Idil Baydar vraagt zich af hoe ze een politieapparaat kan vertrouwen dat haar gegevens steelt, vervolgens niet echt z’n best doet uit te vinden wie dat heeft gedaan en de bedreigingen aan haar adres ‘niet bepaald serieus neemt’. ‘Er was maar één politieagent nodig geweest die gezegd had: wij horen u, wij gaan erachteraan.’

Andere mentaliteit

Hoe moeilijk het is om een mentaliteitsverandering bij de politie tot stand te brengen, weet Thomas Müller (66) uit eigen ervaring. Veertig jaar lang, zijn hele beroepsleven, was Müller politieman in Bremen. Toen het begrip etnisch profileren in het begin van deze eeuw voor het eerst rondzong, vertelt hij aan de telefoon, was hij net zo verontwaardigd als het gros van zijn collega’s. ‘We voelden ons totaal niet aangesproken, we deden gewoon ons werk.’

Bij dat werk, zo meende ook Müller jarenlang, moesten bepaalde opmerkingen en grappen over minderheden kunnen. ‘Als we de achtervolging inzetten op iemand met een Arabisch uiterlijk, hadden we het onder collega’s over een ‘olieoog’, ook gingen ze weleens een paar ‘zwarten door elkaar schudden’.

Dat verandert als hij naast zijn baan criminologie gaat studeren, en voor het eerst de andere kant van het verhaal hoort: van mensen die keer op keer worden aangehouden ‘omdat ze vanwege hun huidskleur niet in zo’n dure auto kunnen rijden’. Na zijn studie gaat hij bij de politie aan de slag als integratiedeskundige. Hij organiseert seminars waarbij politiemensen samenkomen met slachtoffers van racisme waarop door de korpsleiding in eerste instantie positief wordt gereageerd. Maar er zijn ook collega’s die Müller opeens niet meer groeten.

En dan is het in 2018 van de ene dag op de andere klaar. Müller wordt zonder opgaaf van redenen weggepromoveerd ‘naar een bureaubaan diep in de organisatie, zonder contact met de buitenwereld’ en krijgt in het resterende jaar tot zijn pensioen een interviewverbod.

Nu Müller weer mag praten werkt hij voor Amnesty en Polizei Grün, een nog jonge belangenvereniging die binnen de politie strijdt voor mentaliteitsverandering. De afgelopen jaren had de club ongeveer vijftig leden – bij 270 duizend politiemensen. Sinds de Black Lives Matter-demonstraties is het aantal verdubbeld. ‘Dat is toch iets.’

Müller pleit voor het ontwikkelen van de ‘softe’ vaardigheden van de politie. ‘Die mensen worden dag in dag uit geconfronteerd met haat, geweld en criminaliteit. Daar wordt niet over gepraat, want dan ben je slap.’ 

Ook criminoloog Behr spreekt over de ‘praktijkshock’ die veel politiemensen ervaren als ze, vol goede bedoelingen, van de academie komen. Omdat er voor hen geen supervisie of ruimte voor reflectie is, verschansen ze zich achter autoritair gedrag en, in sommige gevallen, extremistische denkbeelden en geweldsfantasieën.

Idil Baydar zegt het zo: ‘Respect krijg je niet door een uniform en een wapen. Daar hoort bepaald gedrag bij.’ 

En in de persoon van Jilet Ayse heeft ze in een van haar video’s nog een gouden tip voor extreemrechtse agenten: ‘Houd eens op Hitler te groeten. Hij is dood. Het zinloos. Hij hoort het niet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden