analyse hormuz-missie

Hormuz-missie lijkt weerspiegeling van de Europese militaire verhoudingen

Een vrouw zwaait het Nederlandse fregat Hr. Ms. Tromp uit, als het in februari 2010 de haven van Den Helder verlaat. Dit fregat nam eerder deel aan een missie in het gebied. Beeld ANP

De afgelopen maanden leek de Europese Hormuz-missie te zijn opgegaan in een Bermudadriehoek van vage verklaringen en gemankeerde veiligheidsambities, maar ziedaar! Deze week kwam uit diezelfde mist plots een heuse Europese maritieme operatie ten tonele, door Frankrijk geleid en met Nederland en Denemarken als eerste landen die hun deelname bevestigen.

Het kabinet hakte vrijdag de knoop door over deelname aan de missie met het fregat Zr. Ms. De Ruyter en enkele stafofficieren op het door Fransen geleide hoofdkwartier in Abu Dhabi, voorlopig voor een half jaar. De European-Led mission Awareness Strait of Hormuz (Emasoh) rust behalve op een militaire ook op een diplomatieke poot, gericht op het de-escaleren van de spanningen en het streven naar een ‘inclusieve regionale dialoog’. Het fregat gaat in beginsel geen Nederlandse schepen escorteren. De dreiging wordt als ‘laag’ ingeschat, ‘omdat Iran vermoedelijk niet uit is op escalatie’. Tegelijk wordt niet ontkend dat Iran de missie als ‘provocatie’ kan zien.

Het belang van de Hormuz-missie moet, net als de timing, niet onderschat worden. Wat dat laatste betreft: komende week viert de Navo in Londen haar 70-jarig bestaan te midden van politieke spanningen. Na Macrons typering van de alliantie als ‘hersendood’ zette president Trump verder de toon door aan te kondigen dat de VS hun Navo-contributie gaan verlagen. Kortom, een politiek feestje waarbij aanwezigen hun eigen drankjes moeten betalen en de politie tevoren gewaarschuwd is voor retorische geluidsoverlast.

Diplomatiek getouwtrek

Tweespalt tussen de bondgenoten, in dit geval over het belang van het nucleaire akkoord met Iran, leidde het afgelopen half jaar tot veel diplomatiek getouwtrek. Eerst kwam er een Amerikaans verzoek aan de Europeanen om deel te nemen aan een maritieme missie om de vaarroutes in de Golf vrij te houden, na verscheidene aanvallen op olietankers die (ook volgens Nederland) ‘waarschijnlijk’ door Iran gepleegd zijn.

Nederland stond er ‘welwillend’ tegenover, maar de rest van Europa niet, mede vanwege het risico te worden meegezogen in de Amerikaanse politiek van ‘maximale druk’ op Iran – en een mogelijk militair conflict. Daarna werd er in EU-verband een poging gedaan een Europees antwoord te formuleren, maar dat stuitte naar verluidt op Duitse weerstand. Daarna zagen de Britten, nog onder premier May, hun kans hun Europese gezicht te tonen. Bijna was er een Brits-Franse missie, maar deze werd getorpedeerd door de kersverse premier Boris Johnson. Hij sloot zich direct aan bij de Amerikaanse missie.

Het Nederlandse marineschip Hr. Ms. De Ruyter in 2011 voor anker in Oman. Dit is het schip dat naar de Straat van Hormuz afreist. Beeld ANP

Het is dus geen toeval dat de uiteindelijke Europese maritieme missie er zo uitziet: buiten de EU om, geleid door Frankrijk en met deelname van landen als Nederland en Denemarken die vaker bereid zijn concreet bij te dragen aan internationale veiligheid.

De overige elf Europese landen die benaderd zijn, moeten deels gezocht worden onder deelnemers aan het Franse Europese Interventie-Initiatief (EI2). Dat brengt gelijkgezinde landen samen die actief bijdragen leveren aan operaties en streven naar een ‘Europese strategische cultuur’. Hoewel er officieel niets over bekend is, is het aannemelijk dat bijvoorbeeld ook Italië, Spanje, België, Noorwegen en Zweden zijn benaderd.

Iran-deal redden

Het kabinet benadrukt dat deze missie overeenkomt met Nederlandse wensen: het bewaken van de vrije en veilige doorvaart door de Straat van Hormuz, het leveren van een ‘fair share’ aan een lichte veiligheidsoperatie die tegelijk gericht is op de-escalatie van de spanningen, en met politieke afstand tot het Amerikaanse Iran-beleid. Het nucleaire akkoord met Iran ‘blijft de beste manier om een Iraans kernwapen te voorkomen’, aldus het kabinet. Om dat akkoord te helpen redden, zal Nederland ook aandeelhouder worden van Instex, een Europees instrument dat de handel tussen Europa en Iran wil faciliteren door het effect op Europese bedrijven van Amerikaanse sancties tegen Iran te beperken.

Zo lijkt de Hormuz-missie een goede weerspiegeling van de stand van de Europese militaire verhoudingen, ook vis-à-vis de VS: Duitsland afwezig, Frankrijk neemt de leiding, geflankeerd door een select groepje landen, buiten de EU om, en militair ‘in nauwe coördinatie’ (aldus de Franse minister van Defensie Florence Parly) met de Amerikanen, maar op veilige politieke afstand van Trumps Iran-beleid.

De Nederlandse diplomatie lijkt inmiddels ‘Europees’ ingehaald te worden door militairen. Defensie zocht eerder al aansluiting bij Frankrijk in het EI2 en overweegt nog een kleine nieuwe door Fransen geleide missie in Mali. Nederland laat op militair terrein dus meer zijn Europese gezicht zien (naast alle Navo-verplichtingen), terwijl het diplomatiek in toenemende mate bekendstaat als koppige dwarsligger bij een aantal belangrijke Europese kwesties: uitbreiding, de meerjarenbegroting, en nu mogelijk zelfs de ratificatie van het handelsverdrag Ceta met Canada. Maar vanaf januari wappert er een Nederlands vlaggetje in een Europese missie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden