Hop, door de Waddengordel

Zoals in het Caribisch gebied kunnen bezoekers van de Wadden van het ene naar het andere eiland 'hoppen'. Er kon al worden gevaren tussen de eilanden, maar nu wordt het hoppen geïntroduceerd....

De vogels vielen er dood uit de lucht, het ijs was er zwart van ouderdom. Water en lucht gingen onmerkbaar in elkaar over en in deze witte schemering was men gedoemd voor eeuwig te dolen. Nee, de oude Grieken hadden het niet zo op het huiveringwekkende Noorden. Zij fluisterden over de vloek die op de Noordelijke IJszee rustte.

En de middeleeuwers hadden zo mogelijk nog meer ontzag voor dit terra incognita. Voorbij de Noordkaap wachtte de argeloze bezoeker een zuigende zee, gevoed door een enorme draaikolk en vier golfstromen, voerend over de rand van de wereld naar een peilloze diepte. Schepen waren kansloos tegen vissen zo groot als eilanden en tegen zeemonsters met schubben als pantsers en rookspuwende bekken met messcherpe tanden.

Inmiddels was iedereen er wel van overtuigd dat de aarde rond was, maar toch moet Willem Barentsz beseft hebben dat hij aan een hachelijk avontuur begon toen hij op 18 mei 1596 als expeditieleider van twee naamloze Amsterdamse schepen zeil zette naar het Noorden. Het was zijn derde keer en dit maal zou het lukken. Marco Polo had drie eeuwen eerder met zijn fantastische verhalen over het koninkrijk Cathay de hoofden van de rijke kooplieden in de lage landen op hol gebracht. Maar de Turkse legers hadden de verbinding over land afgesloten door in de veertiende en vijftiende eeuw grote delen van Zuidoost-Europa en Voor-Azië te veroveren.

De Terschellinger Barentsz, twee jaar eerder officieel ingeschreven als Amsterdams 'poorter', deerde het niet. Hij zou de zeeën en oceanen naar dit beloofde werelddeel bedwingen, het ijs en de draaikolken omzeilen en de vissen en zeemonsters onschadelijk maken. Barentsz had voor het eerst onbeperkte volmacht en niemand bracht hem af van zijn overtuiging dat de doorgang naar de machtige handelsrijken van Azië 'benoorden Nova Zembla om' was.

Zelfs de ideeën van de bezielde dominee Petrus Plancius over een doorvaart over de Noordpool, mogelijk omdat het ijs in de zomer zou smelten, liet hij varen. Daarvoor was Barentsz te veel Terschellinger: vrij, onafhankelijk, stijfkoppig. En als het moet, gaan Terschellingers er voor, zo weet de bekende eiland-chroniqueur Gerrit Knop. In die tijd hield bij Terschelling de noordelijke grens van de Zuiderzee op en begon de hoofdscheepvaartroute naar het Noorden. Het eiland was de voorpost van Amsterdam, zoals Hoek van Holland dat nu is van Rotterdam.

De droom van Barentsz werd een nachtmerrie. Tegen het ijs van de Noordpool hadden de astronauten van de zestiende eeuw niets in te brengen. Na een huiveringwekkende overwintering in het eigengemaakte 'Behouden Huys' op Nova Zembla, waar de bemanning zich in leven hield met poolvossen en ijsberen, stierf Barentsz zoals het een echte zeeheld betaamt: aan scheurbuik en op de zee die later zijn naam zou dragen, de Barentsz-zee.

Geen wonder dat Terschelling precies vier eeuwen later zijn grote held eert. Want uit de overlevering is inmiddels bekend dat Barentsz zijn tijd ver vooruit was. Pas drie eeuwen na het epos van de overwinteringsreis op Nova Zembla, in 1879, zou het de Zweed Adolf Nordenskjöld met de 'Vega' lukken de noordoostelijke doorvaart - overigens nog altijd na een overwintering - te voltooien.

Vorige maand is in zijn vermoedelijke geboortedorp Formerum een standbeeld van Barentsz onthuld. Van het Behouden Huys is een replica gebouwd aan de noordoostkant van het eiland.

De organisatoren van het spraakmakende culturele festival 'Oerol' zien in 'Het Magnetisme van de Noordpool' de artistieke drijfveer voor dit jaar (14 tot en met 23 juni). Bezoekers krijgen een kompasje uitgereikt en een kaart waarop de 0-meridiaan en de evenaar naar Terschelling zijn gemanipuleerd. Op het kruispunt van beide lijnen ligt het circusdorpje Westerkeyn.

Dat doet dienst als Oerolcentrum en vandaar moeten bezoekers met kaart en kompas hun weg zien te vinden naar de verschillende culturele activiteiten en manifestaties. Want, zo schreef N. Scott Momaday, 'eens in zijn leven moet een mens zijn geest richten op de aarde zoals hij die kent en zich totaal overgeven aan een bepaald landschap; het bekijken uit zo veel mogelijk gezichtshoeken, zich erover verbazen, er lang over nadenken'.

Centraal in het herdenkingsjaar staat een tentoonstelling over de poolreizen van Willem Barentsz in museum 't Behouden Huys in West-Terschelling. Daar is voor het eerst te zien met wat voor schepen de barre tocht werd ondernomen. Een van de overwinteraars, Gerrit de Veer, schreef weliswaar een dagboek over de reis en de belevenissen op Nova Zembla, maar hij is in 'Om de Noord' opvallend vaag over de de beide 'Jaghten'.

'Tot voor kort was er nog weinig bekend over de vorm en constructie van de schepen', zegt conservator Gerald de Weerdt van 't Behouden Huys, die als amateur-scheepsarcheoloog onderzoek heeft gedaan naar de Barentsz-expeditie. 'De Veer geeft alleen op dat het laadvermogen dertig en vijftig last is, wat neerkomt op scheepslengten van negentien en vierentwintig meter, gemeten van vóór- tot achtersteven.'

Vooral dankzij onderzoek van een flink fragment van het schip van Barentsz, gevonden door de Russen op Nova Zembla, is eindelijk meer over het schip te zeggen. De Weerdt: 'Barentsz zat op het kleinste van de twee schepen, zo weten we uit de omvang van de bemanning: zeventien man, expeditieleider Barentsz en kapitein Jacob van Heemskerk inbegrepen. Dat was anderhalf keer de normale bemanning en dat was gebruikelijk voor een expeditie van deze omvang.'

'Het is nu vrijwel zeker dat het schip echt maar zo'n kleine negentien meter lang was omdat de dikte van de huidplanken en de spanten van het gevonden fragment zeer goed passen bij een schip van die grootte. Scheepjes van bescheiden afmetingen waren overigens niet minder zeewaardig dan de grotere in die tijd, hooguit minder comfortabel in slecht weer. Dat ze sneller wendbaar waren was belangrijk in onbekende gebieden met soms plotseling opdoemende ondiepten.'

Het door de Russen gevonden fragment is op schaal in het museum nagebouwd; van het 'Jaght' van Willem Barentsz is vanaf volgende week een replica te zien van schaal 1:10. De herdenking van de avonturen van Willem Barentsz geeft Terschelling dit jaar naast de Brandaris, de cranberry-cultuur en de verscheidenheid aan natuur en landschappen, strand, zee en duinen een extra dimensie.

Ook voor degene die er niet aan moet denken een vakantie op Terschelling door te brengen, bijvoorbeeld omdat er auto's rijden, omdat er veel jongeren komen, of omdat men gewoon de voorkeur geeft aan een van de andere eilanden. Vooral het laatste komt veel voor. Op de Waddeneilanden worden veelal de rust, kleinschaligheid en intimiteit gezocht. Die worden eerder gevonden op Vlieland en Schiermonnikoog dan op Texel, Terschelling en zelfs Ameland.

Bezoekers keren vaak terug naar het eiland van hun keuze, zo blijkt uit consumenten-onderzoek. Krijgen er een hechte en emotionele band mee. Gaan zich eilander voelen met de eilanders. En negeren de andere 'parels' - of 'diamanten', de VVV's gaat geen zee te hoog - van het Wad. Ook al omdat er op de wal verschillende 'opstapplaatsen' zijn: Den Helder voor Texel, Harlingen voor Vlieland en Terschelling, Holwerd voor Ameland en Lauwersoog voor Schiermonnikoog.

Deze eenzijdige benadering van de Waddeneilanden kan voorgoed tot het verleden behoren. Was het al een aantal jaren mogelijk tussen bepaalde eilanden te varen, vanaf deze zomer moet het 'waddenhoppen' ingeburgerd raken als een exotische attractie in eigen land. In het gebied dat aan het einde van de dertiende eeuw door de allesvernietigende St Lucia-vloed van het vasteland werd gescheiden.

Als een noordelijke gordel van smaragd liggen van Texel tot Schiermonnikoog de - bewoonde - Waddeneilanden te wachten op de ondernemende toerist. Hij kan overvaren met schipper Sil Boon van 'De Vriendschap' vanaf het noordelijkste puntje van Texel naar de Vliehors. Een omgebouwde legertruck brengt hem door de 'Sahara van het Noorden' naar het Posthuys, alwaar hij door een taxi naar Oost-Vlieland wordt gebracht.

Hij vaart van Vlieland naar Terschelling in een kwartiertje met de catamaran Koegelwieck, de 'TGV van het wad', door water, waar in 1666 'd' Engelsche Furie rigoureus huishield onder een grote Nederlandse koopvaardijvloot en het welvarende dorp West-Terschelling grotendeels in brand stak. Het was de tijd dat Engeland en Holland elkaar nog de hegemonie op de wereldzeeën betwistten.

Met de 'Ameland' vaart hij vervolgens van Terschelling naar Ameland. Een fascinerende reis van drie tot vier uur, waarvan Theo Mosterman aan de hand van de vaak onvoorspelbare getijdestromingen de koers bepaalt. Bijna letterlijk 'Schipper naast God, want hij stamt ongetwijfeld uit de familie van Trijntje Mosterman, de moeder van Jan de Jong, de Amelander die in 1936 aartsbisschop van Utrecht werd en tien jaar later door paus Pius XII tot Johannes kardinaal De Jong werd gecreëerd. 'Een zoon van het eiland' die het tot kardinaal wist te brengen en wiens profetische gaven hem al in mei 1936 Nederlandse katholieken deed verbieden lid te zijn van de NSB.

En tenslotte vaart hij met een gloednieuw schip, de 'Zeehond', van Ameland met een bocht om de Engelsmanplaat naar Schiermonnikoog, het kleinste van de bewoonde Waddeneilanden en sinds enkele jaren nagenoeg geheel nationaal park. Volgens Projectbureau WaddenTrek in Lauwersoog zullen natuur, cultuur, strand en zeelucht jaarlijks meer dan twintigduizend extra liefhebbers van de wadden in beweging brengen, nu regelmatig per veer van eiland naar eiland kan worden gependeld in zowel oostelijke als westelijke richting. Zoals in de Griekse Cycladen en in het Caribisch gebied.

Die liefhebbers kunnen het Barentszeiland Terschelling combineren met een bezoek aan het intiemere Vlieland, waar de Leeuwarder Jan Jacob Slauerhoff vele lange zomers doorbracht bij zijn tante Anke, de zus van zijn moeder, telgen uit de Vlielander loodsenfamilie Pronker. Van Friesland ('De Friesche aard is benepen, En uit zich niet groot, weegt en wikt. . .') en Holland ('In Nederland wil ik niet leven, Men moet er steeds zijn lusten reven, Ter wille van de goede buren, Die gretig door elk gaatje gluren. . .') moest Slauerhoff niet veel hebben.

Maar Vlieland boeide hem, zoals later op zijn reizen als scheepsarts alle eilanden hem zouden boeien. 'Dorp aan Zee' is zijn ode aan Vlieland. Maar het eiland doemt ook in enkele andere gedichten op, zoals in 'Verleden': 'Ik denk aan 't eiland waar 'k niet meer zal komen: -'t Is bijna niet uit zee te zien, zoo smal; Het kleine dorp dat ik niet noemen zal, Ligt diep achter den dijk onder zijn boomen-; En aan de vrouw bij wie 'k niet meer zal komen: Met haar lag ik één stormigen nacht tezaam, De onrustige nachtwind rukte aan 't oude raam; Zij lag zeer stil en mompelde een naam, Die 'k niet meer weet, maar draag in al mijn droomen.'

In museum Tromp's Huys herleeft het Vlielandse verleden van Slauerhoff. Evenals de kunstzinnige herinnering aan de laatste bewoonster (van 1896 tot 1922) van het historische pand, de Noorse schilderes Betzy Berg, die was gehuwd met de Nederlandse diplomaat Gooswinus Akersloot. 'Bij Betzy op Vlieland', heet de expositie van haar schilderijen. Zij kwam naar Nederland als bewonderaar van Hendrik Willem Mesdag, de Haagse schilder van zee en strand. Ze wilde zich aan zee vestigen en streek uiteindelijk neer op Vlieland, omdat 'welke windstreek men kiest, men komt uit bij de zee'

De hoppers kunnen op Ameland rondlopen in de mooiste dorpen van het wad - Hollum, Ballum, Nes en Buren - maar ook op zoek gaan naar de duinpan waarin Marguerite Yourcenar een van de meest aansprekende sterfscènes uit de wereldliteratuur situeerde. In het verhaal 'Die Ene Man' uit de bundel 'Als Stromend Water' legt de held zich neer tegen de duinpan om rustig, beheerst en onbevreesd zijn einde tegemoet te zien. Zoals een ziek of zwak dier zich afzondert van de kudde om alleen dood te gaan.

'Opeens hoorde hij een geblaat; dat was niet verwonderlijk: een paar verwilderde schapen woonden in het hart van het eiland; ze hadden net als hij een veilige schuilplaats gevonden. Het uur van de roze hemel was voorbij; op zijn rug liggend keek hij hoe daarboven de dikke wolken zich vormden en weer oplosten. Toen kwam plosteling zijn hoest weer opzetten. Hij probeerde niet te hoesten, daar hij het geen zin meer vond hebben zijn verstikte borst vrij te maken.

'Hij had pijn aan de binnenkant van zijn ribben. Hij richtte zich een beetje op om wat verlichting te vinden; een welbekende rode vloeistof vulde zijn mond; hij spuwde zwakjes en zag de dunne schuimige straal verdwijnen tussen de grassprietjes die het zand bedekten. Hij had het een beetje benauwd, nauwelijks meer dan hij gewend was. Hij legde zijn hoofd op een graspol neer en ging gemakkelijk liggen als om te slapen.'

WaddenTrek heeft uitvoerig onderzoek laten doen naar de haalbaarheid van het waddenhoppen. Het nautisch onderzoek, dat werd opgezet in samenwerking met het ingenieursbureau Grontmij resulteerde in een uitgekiende 'inter-insulaire' dienstregeling. Geen sinecure omdat, aldus projectleider Jan IJzerman, tussen Schiermonnikoog en Ameland en tussen Ameland en Terschelling alleen bij hoog tij kan worden gevaren. Uit het marktonderzoek kwam de conclusie naar voren dat negen van de tien toeristen op de eilanden meer willen dan alleen strand en duinen. Vandaar dat de factoren natuur en cultuur, via thema's als Flora en Fauna en Kustverdediging en Verdronken Dorpen, worden benadrukt.

Het Projectbureau is opgezet door 'waddenfanaten', die er niet op uit zijn de eilanden zomers nog zwaarder te belasten. IJzerman spreekt dan ook van een accentverschuiving. WaddenTrek heeft daarom ook een mobiliteitsonderzoek laten uitvoeren. Een troefkaart in de via De Jong Intra Vakanties en de banken aangeboden arrangementen is dat van huis naar huis gebruik wordt gemaakt van het openbaar vervoer. In ieder geval moet worden voorkomen dat toeristen hun auto meenemen voor de bagage. 'Het scenario dat we hebben uitgedacht spaart een half miljoen autokilometers uit', aldus IJzerman. Zowel op de eilanden als in de opstapplaatsen wordt vooral dit aspect van het waddenhoppen toegejuicht, omdat de parkeerdruk in het waddengebied langzamerhand onbeheersbaar wordt.

Ook de VVV's op de eilanden bieden speciale hoparrangementen aan, van rugzaktoerisme tot luxe zeilcruises in een nostalgische driemastklipper. WaddenTrek en de VVV's zijn niet tot een vergelijk kunnen komen over de aanbieding van een gezamenlijk waddenhop-programma. Het verschil is dat de VVV's vastgestelde arrangementen hebben en dat WaddenTrek zich meer richt op de individuele behoeften van de toerist die een uitgedachte reis wil. Dit proefjaar 1996 moet uitwijzen of het waddenhoppen aanslaat. Of er voldoende toeristen zijn die een bezoek aan Europa's breedste strand op Schiermonnikoog willen combineren met een rondleiding van de Texelse Wol Onderneming bij Oudeschild.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.