reconstructie howick en lili

Hoop, onrust, vlucht en uiteindelijk het goede nieuws: Lili en Howick mogen blijven

De slepende uitzettingszaak rond Lili en Howick kende dit weekend een adembenemende ontknoping: de Armeense kinderen mogen toch in Nederland blijven. Wat ging hieraan vooraf? En wat gebeurt er met hun moeder? 

Leden van kinderrechtenorganisatie Defence for Children voeren actie tegen de uitzetting van Howick en Lili. Foto ANP

Op 18 mei 2008 komen moeder Armina en haar twee kleine kinderen Lili en Howick, dan amper 2 en 3 jaar oud, aan in Nederland. Op 28 augustus 2008 vraagt moeder asiel aan. Zij zegt dat ze in Armenië gevaar lopen omdat ze van Azerbeidzjaanse afkomst is. Dat blijkt niet waar te zijn. Ook weigert de moeder hun echte namen te geven. De rechter wijst haar verzoek op 5 oktober 2009 af.

De moeder neemt geen genoegen met de afwijzing en gaat in beroep. Ook de Raad van State, de hoogste bestuursrechter, wijst uiteindelijk in 2011 haar verzoek om een verblijfsvergunning af. Het gezin kan niet worden uitgezet omdat de moeder lang weigert haar naam en die van haar kinderen te geven. Pas jaren later stellen de Armeense autoriteiten vast wie zij zijn en verstrekken ze drie paspoorten.

De moeder kampt dan al met ernstige psychische klachten. ‘Zij is tot haar uitzetting in Nederland onder behandeling geweest voor een posttraumatische stressstoornis’, zegt haar advocaat Patricia Scholtes. Omdat haar medische situatie ten tijde van de eerste asielprocedure niet kon worden meegewogen, begint de moeder een nieuwe procedure voor een verblijfsvergunning door een beroep te doen op haar psychische problemen. Ook die mislukt, net als volgende procedures.

De moeder krijgt nieuwe hoop als in februari 2013 een tijdelijk kinderpardon van kracht wordt – een regeling die kinderen die vijf jaar in Nederland zijn het recht geeft op een verblijfsvergunning. Haar kinderen vallen daar buiten, ze komen net een paar maanden tekort.

Buiten de boot

Ook vallen Lili en Howick buiten de boot van de definitieve regeling van het kinderpardon, die vanaf mei 2013 van kracht is voor deze groep in Nederland gewortelde kinderen. De voorwaarde is dat moet worden aangetoond dat de ouders van deze kinderen hebben meegewerkt aan hun vertrek. En dat heeft hun moeder zeker niet.

In die onrustige jaren verhuizen de moeder en haar opgroeiende kinderen Lili en Howick meer dan vijftien keer en veranderen ze vaak van school. Ze schieten wortel in Amersfoort. Als het gezin dreigt te worden uitgezet, komen daar hun schoolgenootjes van basisschool ’t Anker in actie. In augustus 2017 gaan ze naar Den Haag om te protesteren. Ook de protestantse Sint Joriskerk in Amersfoort, die de moeder geregeld bezoekt, voegt zich bij het protest.

Als de Dienst Terugkeer en Vertrek het gezin wil uitzetten en de moeder in vreemdelingendetentie wordt geplaatst, zijn de kinderen uit logeren. Voor het eerst besluit de overheid dan om een moeder alleen uit te zetten, zonder haar kinderen. Hiermee worden Lili en Howick landelijk nieuws. Er volgen geschokte reacties: hoe kan een moeder worden uitgezet zonder haar kinderen? Critici wijzen erop dat de moeder heeft gelogen en doelbewust de procedures heeft gerekt, en dat de overheid wel een daad moest stellen. De moeder heeft bovendien de verblijfplaats van de kinderen niet willen prijsgeven om zo uitzetting te voorkomen.

Haar advocaat Scholtes vindt het onterecht dat deze moeder ‘wordt weggezet’ als iemand die doelbewust misbruik heeft gemaakt van het soms langdurige asielproces in Nederland om tijd te rekken. ‘Ze heeft gebruik gemaakt van de procedurele mogelijkheden die ze had. En ze heeft hoop gekregen door het kinderpardon.’

De twee Armeense kinderen Lili en Howick voorafgaand aan de zitting van de Raad van State over hun asielprocedure. Foto ANP

Hoe verder

Kort na de uitzetting van hun moeder duiken Lili en Howick weer op. Ze komen in een instelling terecht. Door bemoeienis van Scholtes worden de kinderen ondergebracht in een pleeggezin bij mensen die ze al kennen, met goedkeuring van voogdij-instelling Nidos, die toezicht houdt op de kinderen.

Dan is het de vraag hoe het nu verder moet met Lili en Howick, die nauwelijks Armeens spreken en zich Nederlandse kinderen voelen. Hun moeder wil dat ze in Nederland blijven. Maar de Nederlandse autoriteiten vinden dat ze moeten worden uitgezet naar Armenië, dat een veilig land is. Voor het eerst vragen Lili en Howick zelf asiel aan.

De kinderen krijgen hoop als de bestuursrechter in Utrecht in mei van dit jaar oordeelt dat ze de uitspraak in Nederland mogen afwachten. Voogdij-instelling Nidos heeft de rechter ondertussen gevraagd om meer tijd om de eventuele opvang in Armenië van de kinderen beter te regelen.

Omdat de kinderen onder toezicht staan van een voogdij-instelling, wordt ook de Raad van de Kinderbescherming bij de zaak betrokken. Die stelt dat de kinderen niet eerder kunnen worden uitgezet dan dat duidelijk is waar ze gaan wonen en of ze naar school kunnen. Ook moeten ze ondersteuning krijgen bij de verwerking van wat ze hebben meegemaakt.

Publiciteitsoffensief

Lagere rechters hechtten waarde aan deze voorwaarden van de Raad van Kinderbescherming, maar de hoogste bestuursrechter, de Raad van State, vindt ze niet relevant. Op 24 augustus luidt het oordeel dat de verantwoordelijke staatssecretaris Mark Harbers van Justitie en Veiligheid (VVD) de kinderen mag uitzetten. De situatie in Armenië is niet zo ernstig dat er mensenrechten worden geschonden. Dat de economische situatie van Armenië minder florissant is dan die van Nederland, is volgens de hoogste bestuursrechter niet relevant. Iemand krijgt hier alleen een verblijfsvergunning als hij in eigen land dreigt te worden vermoord, gemarteld of opgesloten.

Na deze uitspraak begint kinderrechtenorganisatie Defence for Children met de kinderen een publiciteitsoffensief. Lili en Howick verschijnen in praatprogramma’s en in het Jeugdjournaal om te vertellen hoe verschrikkelijk ze het vinden Nederland te moeten verlaten. Ook schrijven ze een brief aan de staatssecretaris, de premier en de koning en de koningin.

De in Nederland gewortelde Armeense kinderen worden zo een nationale kwestie. Veel bekende Nederlanders spreken zich uit tegen hun dreigende uitzetting. Afgelopen donderdag wordt er gedemonstreerd tegen hun vertrek.

Staatssecretaris van Justitie Mark Harbers (VVD) houdt tot het laatste moment zijn poot stijf: hij wil geen gebruik maken van zijn discretionaire bevoegdheid voor deze kinderen. ‘De zaak is acht keer beoordeeld en in alle gevallen was de uitkomst dat er geen recht is op verblijf, omdat Armenië een veilig land is. De Nederlandse overheid doet alles samen met de Armeense autoriteiten om voorzieningen en hulp beschikbaar te stellen na terugkeer’, zegt hij vrijdag nog.

Harbers geeft geen sjoege. In de marge van de ministerraad komen de kinderen nog ter sprake volgens voorspelbare lijnen. D66-vicepremier Kajsa Ollongren en haar CU-collega Carola Schouten doen nog een goed woordje voor de kinderen. Maar ook VVD-premier Mark Rutte toont zich onverbiddelijk. Tijdens zijn wekelijkse persconferentie zegt hij mee te leven met de kinderen. Maar ‘soms moet je hard zijn’ om het draagvlak voor het asielbeleid in stand te houden.

Weggelopen

De advocaten van de kinderen spannen vrijdagavond nog een laatste procedure aan om uitzetting te voorkomen. Tevergeefs. Na elven blijkt dat de rechters ook nu de boot afhouden. Als Lili en Howick dit slechte nieuws horen, besluiten ze in de nacht van vrijdag of zaterdag weg te lopen vanuit hun pleeggezin in Wijchen. Dat gebeurde op een moment van ‘onoplettendheid’ van de medewerker van voogdij-instelling Nidos. ‘Er was op dat moment sprake van commotie in het huis en toen zijn de kinderen weggegaan’, aldus een Nidos- woordvoerder.

Waar de kinderen heen zijn gegaan en of ze daarbij hulp hebben gehad, is onbekend. Alle betrokkenen bezweren zaterdagmorgen daarover niets te weten. Feit is dat ze zaterdagochtend onvindbaar zijn als de Dienst Terugkeer en Vertrek hen met het vliegtuig wil terugsturen naar Armenië, zoals de planning is.

Daarna ontrolt zich binnen enkele uren een adembenemende ontknoping van een al jaren slepende uitzettingszaak. De politie is een zoekactie begonnen naar de vermiste tieners in en rond Wijchen. Zaterdag aan het begin van de middag maakt de politie via een verklaring bekend daarbij ook de hulp van burgers in te roepen. ‘Er waren grote zorgen over de veiligheid van de twee kinderen, die in een emotionele situatie verdwenen waren’, verklaart de politie daarover later, als de kinderen weer terecht zijn.

De sociale media ontploffen. Vooral op Twitter wordt overwegend met veel verontwaardiging gereageerd op die oproep. Want die zou impliciet inhouden dat burgers wordt gevraagd mee te werken aan de uitzetting van de Armeense kinderen. ‘Wat een gotspe’, twittert misdaadjournalist Peter R. de Vries ‘Ze mogen bij mij onderduiken. Iedereen die hen aangeeft is een NSB’er.’

Ook veel anderen laten hun ongenoegen blijken. ‘Help niet mee met de mensenjacht! Mocht u de kinderen vinden, geef ze onderdak en raadpleeg een arts. Waarschuw in géén geval de politie’, is een van de vele reacties. Ook worden massaal ‘onderduikadressen’ aangeboden.

Sommigen spreken zelfs van ‘een klopjacht’ op de kinderen. De politie moet later, met gevoel voor understatement, erkennen dat de oproep aan het publiek ‘niet breed werd omarmd’.

De zoektocht naar de vermiste kinderen werkt wel als katalysator in Den Haag, waar de meeste politici zich tot dan toe publiekelijk nauwelijks hebben bemoeid met het lot van de Armeense kinderen en de kwestie nadrukkelijk hebben overgelaten aan het kabinet. Door het verdwijnen van de kinderen slaat het angstbeeld toe dat hun iets kan overkomen. Vooral voor de coalitiepartners D66 en ChristenUnie is de maat vol.

Joël Voordewind, Tweede Kamerlid van de ChristenUnie en vanouds sterk begaan met asielkwesties, gaat driftig telefoneren met zijn partijleider Gert-Jan Segers en met zijn collega-asielwoordvoerder bij D66 Maarten Groothuizen. Weliswaar is de D66-fractie de afgelopen weken pal achter Harbers blijven staan, de situatie blijkt nu toch razendsnel te zijn gekanteld.

Uniek geval

Segers belt Pechtold, beiden bellen Harbers om te vragen of hij niet snel met de hand over het hart wil strijken: ‘Het mag toch niet gebeuren dat de kinderen nu iets overkomt.’ Ook een ander scenario baart Den Haag zorgen: stel dat een deel van het opgeroepen ‘publiek’ de kinderen op het spoor komt en overdraagt aan de politie, die hen daarna inrekent en naar het vliegtuig brengt? Hoe leg je dat uit, als kabinet?

Harbers, die volgens De Telegraaf vorige week heeft moeten onderduiken na ernstige bedreigingen, wordt steeds meer onder druk gezet. Hij beseft dat door deze ‘actuele ontwikkelingen’ het welzijn en de veiligheid van de kinderen ‘niet meer voldoende kunnen worden gewaarborgd’. Iets na half vier maakt de VVD-staatssecretaris in een korte verklaring bekend dat hij gebruik maakt van zijn discretionaire bevoegdheid en dat ‘de kinderen in Nederland mogen blijven’.

Het is een uniek geval van empathie op het allerlaatste nippertje, onder grote druk. Kamerleden verdringen zich voor de camera’s om te vertellen hoe blij ze zijn met deze afloop. ‘Eindelijk duidelijkheid: Howick en Lili mogen blijven!’, aldus CU-Kamerlid Voordewind. Achter de schermen is ontzettend hard gewerkt om dit voor elkaar te krijgen.’

Nauwelijks twee uur later duiken Lili en Howick weer op. Ze worden door de politie ‘in goede gezondheid’ in Wijchen aangetroffen. De tieners zijn blij met het besluit van de staatssecretaris, hun moeder in Armenië eveneens. Advocaat Scholtes heeft moeder Armina het goede nieuws gebracht. ‘Eerst kon ze het niet geloven. Nu is ze ontzettend blij. De kinderen kunnen weer aan hun toekomst werken in Nederland.’ Diverse media melden dat de moeder dreigde zelfmoord te zullen plegen als de kinderen zouden worden uitgezet.

Via de NOS en het ANP laten de opgeluchte Lili en Howick zondag weten nu vooral naar rust te verlangen. De 13-jarige Howick: ‘Het is misschien gek, maar het meest van alles verheug ik me er nu op om weer gewoon naar school te kunnen gaan.’ Hun advocaat vraagt de media om de twee met rust te laten.

Zijn Lili en Howick een precedent voor andere ‘gewortelde’ asielkinderen zonder verblijfsvergunning?

Kinderrechtenorganisatie Defence for Children schat dat er zo’n 400 kinderen zonder verblijfsvergunning al langere tijd (vijf tot tien jaar) in Nederland verblijven. ‘Vrijdag belde nog een jongen van 16. Hij dreigt komende woensdag te worden uitgezet naar Afghanistan, waar het oorlog is. Hij verblijft al acht jaar hier’, vertelt jurist Martine Goeman. Zij is blij met de goede afloop voor Lili en Howick, maar wil voorkomen ‘dat we dit om de paar jaar moeten meemaken’. Ze roept daarom de politiek op: ‘Laat dit een wake-upcall zijn dat de kinderrechten niet goed geregeld zijn voor asielkinderen op de vlucht. Het wordt tijd dat kinderrechten in de vreemdelingenwet komen te staan. Als kinderen in hun ontwikkeling worden bedreigd, dan moeten ze een verblijfsvergunning krijgen.’ De standaardreactie van het ministerie van Justitie en Veiligheid is dat elke persoon en elke casus uniek zijn – en ze dus per geval worden bekeken en beoordeeld.

De zaak-Lili en Howick

De Armeense kinderen mogen in Nederland blijven, maar wat gebeurt er met hun moeder Armina (36), die vorig jaar augustus werd uitgezet naar Armenië? Het ministerie van Justitie en Veiligheid zwijgt daarover in alle talen. Maar volgens juristen kan het bijna niet anders dan dat ook moeder Armina over enige tijd zal worden herenigd met haar kinderen in Nederland.

Howick en Lili zijn de dupe van een jarenlange strijd die geheel over hun hoofden heen is uitgevochten. Er is in deze zaak veel om cynisch van te worden.

De dreigende uitzetting van Lili en Howick herinnert aan vergelijkbare gevallen in het recente verleden van kinderen zonder verblijfsvergunning die tot maatschappelijke en politieke discussie leiden. Hoe verging het hun?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.