'Hoop is een uiting van intellectuele luiheid'

Zanger/liedjesschrijver Leonard Cohen is een van zijn belangrijkste voorbeelden. David Bezmozgis zelf wordt inmiddels vergeleken met grootheden als Philip Roth....

Hij wordt een van de auteurs genoemd die het ook in Noord-Amerika enigszins kwijnende korte verhaal nieuw leven hebben ingeblazen. Zijn bundel Natasha and Other Stories werd alom lovend ontvangen en leverde hem vergelijkingen op met grootheden als Philip Roth, Harold Brodkey, Isaac Babel en zelfs Anton Tsjechov.

Natasja en andere verhalen, zoals de bundel in Nederlandse vertaling heet, bestaat uit een zevental verhalen. Hierin vertelt Bezmozgis de op zijn eigen ervaringen geïnspireerde geschiedenis van een joods gezin dat van de toenmalige Sovjet-republiek Letland naar Canada is geëmigreerd, en zich daar een positie probeert te verwerven.

Hoofdpersoon is de losjes op de auteur zelf gebaseerde Mark Berman. De verhalen zijn in chronologische volgorde afgedrukt: in het eerste verhaal is Mark zes, in het laatste voor in de twintig. Het boek laat zich daarom enigszins lezen als een roman waarin telkens perioden worden overgeslagen.

'De reden waarom mijn ouders de Sovjet-Unie eind jaren zeventig wilden verlaten, was simpelweg omdat iedereen in onze omgeving dat deed', vertelt hij. Die omgeving bestond uit de laatste restanten van de joodse aanwezigheid (onlangs recapituleerde Geert Mak nog in In Europa dat Estland al in 1941 'Ju d e n -frei' kon worden verklaard). De economische omstandigheden waren moeilijk, er was sprake van een door de staat beleden antisemitisme, bijvoorbeeld door het beperken van studiemogelijkheden voor joden, dus toen de mogelijkheid zich aandiende om te vertrekken grepen de laatst overgebleven joden die met beide handen aan.

Bezmozgis: 'Wanneer joden uit de voormalige Sovjet-Unie wilden emigreren, was dat formeel altijd naar Israël. Ook mijn ouders hadden dat land als officiële bestemming. De procedure was dat je dan naar Italië reisde, naar een soort opvangoord nabij Rome, en vandaar verder ging. Maar veel mensen, onder wie ook mijn ouders, wilden helemaal niet naar Israël, met name vanwege de politieke situatie in het Midden-Oosten. Bovendien was er de gedachte: Israël is altijd nog een optie. Als het misloopt in Noord-Amerika, hebben we altijd Israël nog achter de hand. Mijn ouders hadden aanvankelijk het plan zich te vestigen in Atlanta, waar ze mensen kenden. Maar in Italië werd hun duidelijk gemaakt dat de zuidelijke VS voor joden geen ideale plek was en werd Toronto aangeraden. Toen onze opvang via de joodse gemeenschap aldaar was geregeld, trokken we daarheen.'

De meeste verhalen in Na t a s j a zijn pure fictie, zegt hij. 'Sommige zaken zijn verzonnen, andere gebaseerd op verhalen die mij ter ore kwamen. Maar naar de geest sluiten de beschreven gebeurtenissen goed aan bij wat mijn ouders, oom, tante en nichtje, met wie we samen emigreerden, hebben meegemaakt.'

Al op jeugdige leeftijd wilde Bezmozgis schrijver worden. Maar omdat hij zich realiseerde dat zijn ouders dat nooit als een 'beroep' zouden beschouwen, besloot hij de filmopleiding van de University of Southern California te gaan volgen. 'Aanvankelijk had ik mij zelfs ingeschreven voor een rechtenstudie, maar ik bracht het niet op daar zelfs maar aan te beginnen. Ik wilde iets artistieks doen. Als een soort concessie aan mijn ouders volgde ik daarom een opleiding tot filmmaker. Daarvoor kon je heel concrete vaardigheden leren, dus dat werd thuis als een "vak" beschouwd. Maar natuurlijk is het in de praktijk net zo moeilijk om van het filmen te leven als van het schrijven.'

De vijf jaren die Bezmozgis in Los Angeles doorbracht, waren waarschijnlijk de meest frustrerende van zijn leven. Het was voor hem een geweldige desillusie te moeten ontdekken dat alle vooroordelen en stereotypen over Hollywood kloppen. 'De kulgesprekken van would-be filmmakers en acteurs in de cafés, de volstrekte ongeïnteresseerdheid van de studiobonzen in mijn scripts, de verpletterende oppervlakkigheid. Na vijf jaar wist ik zeker dat ik nooit meer iets met film te maken wilde hebben. Zelfs als je een goed script hebt, heb je nog de instemming van zoveel mensen en de investering van zoveel geld nodig. . . Dus keerde ik terug naar Toronto met het voornemen fictie te s ch r i j v e n . '

Een van Bezmozgis' grote voorbeelden was Leonard Cohen, in Nederland vooral bekend als zanger/liedjesschrijver, maar tevens auteur van diverse dichtbundels en romans. Ook Cohen had kortstondig rechten gestudeerd en later letteren, maar had uiteindelijk zijn artistieke geweten gevolgd. Bezmozgis: 'Toen ik terug was in Toronto, kreeg ik een baantje bij The Documentary Channel en schreef in de avonduren aan mijn verhalen. Na een halfjaar werd ik werkloos en waren mijn verhalen mijn enige houvast. Ik was inmiddels achter in de twintig en stelde mij tot taak in elk geval voor mijn dertigste genoeg verhalen te hebben voor een bundel.'

Via via kwamen Bezmozgis' verhalen terecht bij een redacteur van de New-Yorkse uitgeverij Farrar, Straus & Giroux, en op de heugelijke datum van 11 september 2002 kreeg Bezmozgis een telefoontje dat de uitgeverij zijn boek wilde publiceren.

Met de verhalen in Natasja wilde Bezmozgis niet alleen het leven van zijn hoofdpersoon Mark en diens naast familie beschrijven, maar het bestaan van de hele Russisch-joodse gemeenschap in Noord-Toronto en daarmee in feite al deze gemeenschappen in Noord-Amerika. 'Want die gemeenschappen lijken in veel opzichten op elkaar. Ze zijn allemaal behoorlijk insulair, op zichzelf gericht, en ik had nog nooit een boek over ze gelezen. Ik wilde ze als het ware een stem geven.'

Bezmozgis koos voor de verhaalvorm omdat de gedachte meteen een volledige roman te schrijven hem intimideerde. Na t a s j a is wat hem betreft evenwel geen roman in de gedaante van een verhalenbundel. 'Ik ben gek op korte verhalen. Een aantal van mijn meest indrukwekkende leeservaringen dank ik aan verhalen, niet aan romans. Bovendien zijn er een paar voorbeelden van boeken die bestaan uit met elkaar verbonden, korte verhalen, die mij zeer lief zijn en die me bij het schrijven als voorbeeld dienden.'

Bezmozgis noemt in dit verband de bundel Jesus' Son (1992) van de Amerikaanse schrijver Denis Johnson: korte verhalen met dezelfde hoofdpersoon, telkens op verschillende punten in zijn leven. 'Met name het feit dat er allerlei ontbrekende stukken waren die je zelf moest invullen, vond ik geweldig. Het was alsof je een heel leven moest reconstrueren uit een reeks momentopnamen, als het bladeren door een fotoboek waarbij je iemand steeds ouder ziet worden. Dat is een andere, en in bepaalde opzichten fascinerender benadering dan het bekijken van een doorlopende film.'

Een van de effecten van deze manier van schrijven is dat de ontwikkelingen en veranderingen die de hoofdpersoon doormaakt meer nadruk krijgen. Hij kan bijvoorbeeld van het ene verhaal op het andere ineens een stuk minder naïef of een stuk cynischer zijn geworden. Ook om dat effect was het Bezmozgis te doen.

'De verhalen zijn ook niet in chronologische volgorde geschreven. Het eerste verhaal in de bundel is bijvoorbeeld het laatste dat ik schreef. Ook deze manier van werken droeg ertoe bij dat ik de persoon van Mark telkens op een andere manier benaderde, niet vanuit een gevoel van continuïteit. Het gevolg daarvan is dat de 16-jarige Mark een totaal andere jongen is dan de Mark van zes, negen of veertien. En volgens mij gaat het ook in werkelijkheid zo. Vooral in je ontwikkelingsjaren werp je om de zoveel tijd je oude ik af en omarm je een nieuwe persoonlijkheid, die je dan na een tijdje ook weer afdankt.'

Naast de ervaringen van een immigrantengezin in de nieuwe wereld is het fenomeen 'joodse identiteit' het tweede belangrijke motief in het boek. De vraag wat het betekent om jood te zijn en wie je bent in relatie tot je geschiedenis en de huidige situatie in de wereld is wat Bezmozgis betreft nog steeds relevant: 'Het feit dat je deel uitmaakt van het joodse volk betekent dat je er niet omheen kunt een standpunt in te nemen over, bijvoorbeeld, de holocaust, het al dan niet opkomende antisemitisme in de wereld, enzovoort. Die grote zaken hebben weliswaar niet direct betrekking op mijn bestaan, maar ik weet vanuit historisch perspectief dat dat wel het geval had kunnen zijn of zou kunnen zijn.

'Ik ben niet religieus in de zin dat ik in God geloof, maar ik ben wel in de joodse religie geïnteresseerd omdat die tot op zekere hoogte onlosmakelijk verbonden is met de joodse cultuur. Het judaïsme heeft nu eenmaal zowel een religieuze als een etnische component. Ik ben geïnteresseerd in de geschiedenis en literatuur van mijn volk, en dat zie je vanzelfsprekend in mijn werk terug.'

Vrijwel alle verhalen in Na t a s j a hebben als structuur dat er een illusie wordt opgebouwd die aan het slot bruut wordt doorgeprikt. In het openingsverhaal wacht een ouder immigrantenpaar maandenlang tot hun meegeëmigreerde hondje Tapka eindelijk uit quarantaine komt, waarna het noodlot toeslaat. In 'Roman Berman, massagetherapeut' vestigt Marks vader zijn hoop op zijn 'beschermheer' dr. Kornblum, maar komt hij van een koude kermis thuis. In 'Natasja' ziet Mark zich als de aangewezen mentor van een jonger, pas geëmigreerd Russische meisje, om vervolgens tot de ontdekking te komen dat ze heel wat minder onschuldig en naïef is dan hijzelf .

Bezmozgis: 'Ik denk dat ik me aangetrokken voel tot het schrijven van verhalen waarin iemands illusies worden opgeblazen. Ik heb een afkeer van het fenomeen hoop. Hoop is een leugen die mensen elkaar vertellen om zich beter te doen voelen, in plaats van de werkelijkheid onder ogen te zien. Ik geloof dat het Czeslaw Milosz was die "hoop" de oorzaak van de holocaust noemde. De gedachte dat mensen tot op het allerlaatste moment bleven geloven dat het allemaal wel goed zou komen.

'Het is een misverstand te denken dat we niet zonder hoop kunnen leven. Ik wijs de intellectuele luiheid af waarvan hoop een uiting is. Er is een spreekwoord dat luidt: ''God helpt hen die zichzelf helpen.'' Daar geloof ik in. Nee, ik predik geen moreel nihilisme. Hoop heeft niets met moraliteit te maken. Ik geloof zelfs dat hoop dikwijls de moraal corrumpeert. Als je je niet verantwoordelijk acht voor je eigen handelen en hoopt dat het wel goed zal komen, geef je jezelf daarmee een soort aflaat. Ik geloof in pragmatisme en persoonlijke discipline. Kinderen mogen hopen; volwassenen niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden