Hooligans in Moskou hadden vrij spel

Aan voetbalvandalisme is Rusland niet gewend. Vond daardoor zondag in Moskou de 'voetbalpogrom' plaats? Nazi-skinheads figureren al in complottheorieën, maar onderzoek wijst eerder op dommigheid van het stadsbestuur....

Het Russisch heeft er een nieuw woord bij: voetbalpogrom. Zo doopten de Russen de dronken slooppartij in het centrum van Moskou na de verloren wedstrijd tegen Japan. Sinds tanks in 1993 het Witte Huis in brand schoten, hadden de Moskovieten niet meer zulke onlusten meegemaakt.

Maandag maakten de stad de balans op: meer dan honderd mensen die zich hadden laten behandelen op de Eerste Hulp, een handvol ernstig gewonden in het ziekenhuis, en een politieman en een jongen van zeventien door messteken om het leven gekomen. Gemeentewerkers deden hun best de schade voor het gebouw van de Doema snel te herstellen. De glasscherven werden opgeveegd, telefooncellen en bushokjes vervangen, autowrakken weggesleept.

Rusland is niet gewend aan voetbalvandalisme. In de stadions misschien, maar in het centrum van de hoofdstad, vlakbij het Kremlin en het hoofdkwartier van de veiligheidsdienst FSB, letterlijk voor de deur van het parlement? Voor premier Michail Kasjanov kwamen de rellen op een extra pijnlijk moment; hij had net het groene licht gegeven voor een gooi naar de organisatie van de Europese kampioenschappen in 2008. 'Heeft Rusland het recht zulke evenementen te willen organiseren als dit vaker gebeurt?' vroeg hij zich retorisch af.

Minister van Binnenlandse Zaken Boris Gryzlov, die zondag op werkbezoek in Sint Petersburg was, nam meteen het vliegtuig naar Moskou om 'een diepgaand onderzoek' in te stellen. De eerste complottheorie deed toen al de ronde: de rellen zouden zijn georganiseerd door extreem-rechtse skinheads. Op de tribunes van Moskouse clubs als Spartak, Dinamo, Torpedo en Lokomotif zijn kaalgeschoren supporters met nazi-vlaggen een regelmatige verschijning. Waren het ook niet supporters van Spartak die vorig jaar op een markt in het zuiden van Moskou een èchte pogrom hielden onder Kaukasische kooplui?

Toegegeven: er zat een racistisch tintje aan het geweld. Nog voor de wedstrijd begon werden vijf Japanse studenten, die in Moskou waren voor het Tsjaikovski-concours, door supporters in elkaar geslagen. Ze hadden de waarschuwing van hun ambassade om niet de straat op te gaan in de wind geslagen. De spreekkoren tegen de 'spleetogen' waren niet van de lucht.

Maar de feiten wijzen eerder in de richting van dommigheid van het Moskouse stadsbestuur. Die bleek overvallen door het grote aantal supporters - achtduizend - dat zich voor een videoscherm had verzameld waarop de wedstrijd live was te volgen. Dat die supporters zich volgoten met flessen bier dat overal te koop was, en er volgens ooggetuigen bij het begin van de tweede helft bijna niemand meer nuchter was, scheen ook een verrassing te zijn geweest.

De onrust begon toen Rusland met 1-0 achter kwam, en er lege bierflesjes in de richting van het scherm werden gegooid. Die landden in de voorste rijen, die begonnen terug te gooien - het startsein voor een orgie van vernielingen die anderhalf uur duurde.

'Wij zijn niet verantwoordelijk voor de openbare orde', veegde loco-burgemeester Valeri Sjantsev van Moskou zijn straatje schoon. De politie, die normaal op elke straathoek in het centrum van Moskou is te vinden, had maar 120 agenten ingezet. Ze konden de dronken menigte met geen mogelijkheid tegenhouden. Versterking voor de oproerpolitie kwam pas na een uur opdagen. Er werden meer dan honderd voetbalvandalen gearresteerd, maar toen waren de ruiten aan de Tverskaja-boulevard, Moskous deftigste winkelstraat, al aan diggelen.

De Russische voetbalsupporters hebben de laatste tien jaar veel geleerd van hun collega's in West-Europa. Het zijn goed georganiseerde groepen, met 'scouts', die hun kameraden via een mobieltje of een pieper waarschuwen voor hinderlagen op weg naar het stadion, 'strijders', en 'dwergen', tieners die hun gebrek aan gevechtservaring goed maken met hun felheid.

Volgens de fanaty zelf bestaat er in Moskou een harde kern van zo'n duizend strijders. Bij onderlinge wedstrijden vechten ze tegen elkaar, en allemaal vechten ze tegen 'de kosmonauten' - het jargon voor de oproerpolitie. Zondag was niet de eerste keer dat er bij supportersrellen doden vielen; vorig jaar sneuvelde er bij de wedstrijd van het Petersburgse Zenit tegen Dinamo uit Moskou al een tiener.

De commentator van de staatsomroep probeerde politieke munt te slaan uit de rellen. Hij benadrukte dat de rellen bewezen dat een wet, die de overheid het recht geeft extremistische organisaties te verbieden, meer dan ooit nodig is. Het Kremlin is bezig zo'n wet door de Doema te drukken, maar een deel van de communisten en liberalen is bang dat de wet zal worden gebruikt om de oppositie de kop in te drukken.

De rellen duidden op een ernstig probleem, vond Gleb Pavlovksi, de spindoctor van het Kremlin. 'Het massale nationalisme groeit, en als de politiek daar niet aan tegemoet komt, ontaardt dat in voetbalpatriottisme op straat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden