Hoog kijkt neer op laag, of is het nou juist andersom?

Misverstand

Ik zat met een krant in de pizzeria op mijn bestelling te wachten toen Paolo, de laagopgeleide pizzabakker, vanuit de keuken riep: 'En? Staat er nog iets in de krant?'


Ik keek hem aan. Ik had wel iets over 'het heteroseksuele misverstand' gelezen. Onderzoek wees uit dat hoog- en laagopgeleide mannen anders naar vrouwen kijken. Hoog keek naar ogen in plaats van borsten, naar lippen in plaats van billen. Waar de erotische belangstelling van laag zich achter onderbroekjes waagde, raakten wij in vuur en vlam door wat de vrouw te zeggen had. Maar om dit nu door de pizzeria te roepen?


Het was een specifiek onderzoek, dat ongetwijfeld grote, onoverbrugbare verschillen tussen hoog en laag blootlegde, maar dat ik moeilijk herkende. Misschien was ik een veelvraat, maar ik vond eigenlijk alles wel leuk. Ja, dom, scheel, zacht - je kon mij er midden in de nacht voor wakker maken.


Misschien had intelligentie onder de moderne man-vrouwverhoudingen, waarin gelijkwaardigheid de klok sloeg, wel aan aantrekkingskracht gewonnen. Het korte commando had afgedaan, in een onderhandelingshuishouding was het belangrijk dat vrouwen begrepen wat je zei.


Maar dat konden laagopgeleiden toch ook? Wat dit betreft keek ik niet op ze neer. Ook al had ik gelezen dat volgens weer een ander onderzoek mijn hoogopgeleide soortgenoten dat wel degelijk doen. Met de ontzuiling was de verticale ordening van de maatschappij vervangen door een horizontale. Daartussen gaapte een gat. Tussen de groepen kwam het nooit meer goed.


Ik wilde best geloven dat hoog neerkeek op laag, maar eerlijk gezegd had ik altijd gedacht dat het juist andersom was. Dat alles wat hoog belangrijk vond - onderwijs, empathie, kunst - onder de druk van laagopgeleide aversie dreigde te bezwijken.


Als je op de sociale ladder wilde klimmen, zou je bijvoorbeeld altijd zien dat de bovenlaag je met open armen wilde ontvangen maar de laagopgeleiden met zijn allen aan je jasje gingen hangen. Om een sport te kunnen stijgen moest je - ook niet als een kwartje geboren - serieus met ze breken. Mogelijk was dat als neerkijken ervaren.


Paolo pakte mijn bestelling in. 'Nou? Stond er nog iets in de krant?' Ik haalde mijn schouders op. 'Nee,' zei ik. 'Vandaag niet zo.'


Onderweg naar huis dacht ik nog wat over alle onderzoeken na. Hoogopgeleiden, met name zij die aan GroenLinks en D66 de voorkeur gaven, werden daarin altijd 'winnaars van de globalisering' genoemd. Maar wat hadden zij nu helemaal gewonnen? Hele generaties werden als zzp'er de arbeidsmarkt op gestuurd, met minder inkomen dan een bijstandsmoeder en minder zekerheden dan een arbeider. Dat zij de onvermijdelijkheid van alles inzagen, werd misschien met optimisme en winnen verward.


Ik had Paolo een flinke fooi gegeven, misschien zelfs iets te flink - maar waarom? Zou het mijn schuldgevoel weer zijn, de favoriete verklaring van conservatie commentatoren voor alle gedrag dat leuk en aardig is? Paolo had van alles in mijn tas gestopt dat ik niet had besteld, zag ik. Salade voor de vrouw, een blikje voor meneer en zo'n broodje, vers uit de oven, waar mijn kleuter, zoals hij weet, zo vreselijk gek op is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.