Hoofdrekensommetjes verminderen potentieproblemen

De laatste jaren heeft de nadruk gelegen op de lichamelijke oorzaken van impotentie. De psychologische kwamen wat in het gedrang....

IMPOTENTIE, het uitblijven van de erectie bij de geslachtsgemeenschap, is een omvangrijk probleem. Tienduizenden, zo niet honderdduizenden Nederlandse mannen hebben ermee te maken. En er ontstaat al snel een vicieuze cirkel: een mislukking vergroot de angst dat het een volgende keer opnieuw mis zal gaan.

Dat duidt erop dat impotentie naast lichamelijke oorzaken ook een psychische component heeft. Maar terwijl de kennis over de lichamelijke oorzaken de laatste twintig jaar sterk is toegenomen, hand in hand met nieuwe diagnostische methoden om ze op te sporen, is de diagnostiek van de psychologische kant van impotentie achtergebleven.

De balans lijkt de laatste jaren door te slaan naar de lichamelijke oorzaken en naar dito oplossingen voor impotentie - met als summum de geïmplanteerde, opblaasbare penisprothese. De klinisch-psycholoog die wordt ingeschakeld om de oorzaak van impotentie te achterhalen, moet zich veelal behelpen met het afwerken van een vragenlijst of met een diagnostisch interview.

Klinisch-psycholoog E. Janssen van de Universiteit van Amsterdam heeft de afgelopen jaren geprobeerd deze achterstand weg te werken. Hij ontwikkelde een psychofysiologische test waarmee beter inzicht kan worden verkregen in de vraag of de oorzaak van de impotentie-problemen wellicht psychologisch van aard is. Donderdag promoveerde Janssen op een proefschrift over de mannelijke 'genitale respons', waarin hij de nieuwe test beschrijft.

Uitgangspunt is dat bij een erectie onbewuste 'reflexmatige' en bewuste 'cognitieve' processen een rol spelen. De onwillekeurige 'reflex-erectie' zetelt in het ruggemerg en reageert op aanraking of prikkeling van de penis. De willekeurige 'psychogene erectie' zetelt in de hersens en reageert op visuele impulsen of erotische fantasieën.

Hoe beide processen samenspelen en op elkaar inwerken, is nog nauwelijks onderzocht. Janssen ontwierp een op het eerste gezicht nogal gecompliceerde laboratorium-opzet om de interactie van beide processen te bestuderen. Proefpersonen, zowel mannen zonder erectieproblemen als mannen die te kampen hebben met impotentie, werden daarin blootgesteld aan lichamelijke en visuele erotische prikkels, afzonderlijk of in combinatie. Voor de lichamelijke prikkeling gebruikte Janssen een commercieel verkrijgbare ringvormige vibrator die rond de penis kan worden geschoven. De visuele prikkel bestond uit erotische filmfragmenten of erotische dia's.

De laboratorium-opzet stelde Janssen in staat te ontrafelen onder welke omstandigheden een erectie optreedt en wat de invloed daarbij is van de 'automatische' reflex en van psychologische processen. Zo bleek dat bij de impotente proefpersonen, bij wie op de 'ouderwetse' manier was vastgesteld dat de impotentie waarschijnlijk een psychologische oorzaak had, de puur lichamelijke prikkeling van de vibrator nauwelijks tot een erectie leidde. Keken deze mannen tegelijkertijd naar een erotische film, dan kwam de erectie veel makkelijker tot stand.

Janssen interpreteert deze bevinding als een ondersteuning van de theorie dat de 'onbewuste' erectie veel gevoeliger is voor afremming door psychologische processen dan de bewuste. Het is alsof zorgen over het eigen seksueel functioneren of allerlei niet-seksuele gedachten of hersenspinsels vooral de automatische reflex beïnvloeden.

Met de visuele prikkels erbij lijkt er minder kans dat zulke preoccupaties de overhand krijgen: het denken wordt veel sterker op sex gericht en de lichamelijke ervaring wordt daardoor meer in een seksuele context geplaatst.

Dat negatieve gedachten of seksuele zorgen het krijgen van een erectie kunnen belemmeren, bleek ook uit een extra testconditie. Werd de impotente proefpersonen gevraagd bij het kijken naar de erotische filmfragementen tegelijkertijd een aantal hoofdrekensommen te maken, of door middel van een beweegbare schuif aan te geven hoe sterk ze dachten dat hun erectie was, dan bleek de opgewekte erectie sterker. Het is alsof een extra mentale taak de negatieve seksuele gedachten uit de hersens verdringt en meer ruimte schept voor erotische prikkels om een erectie tot stand te brengen.

Bij mannen die voor hun impotentie de hulp inroepen van een seksuoloog wordt het vermogen, een erectie te krijgen tot dusver getest door metingen van de ochtend-erectie, of door het injecteren van spierverslappende middelen in de penis.

Janssen denkt dat zijn laboratorium-test, waarbij het erectie-vermogen in waaktoestand wordt gemeten, een bruikbaar alternatief biedt. De test hoeft niet duur te zijn en benadert de werkelijkheid meer dan de standaardtests. Onder bepaalde condities is het zelfs mogelijk met honderd procent zekerheid vast te stellen dat de oorzaak van de impotentie psychologisch van aard is, aldus Janssen in zijn proefschrift.

Gerbrand Feenstra

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden