interview peter Lambert

Hoofdpiet zwaait af: ‘Ik had zo graag Zwarte Piet willen blijven, in al mijn onschuld’

Hoofdpiet Peter Lambert met een foto van vorig jaar, van hemzelf en Sinterklaas. Beeld Arie Kievit

Nu de publieke omroep is overgestapt op de roetveegpiet, stopt Peter Lambert – na twaalf jaar – als hoofdpiet van Castricum. ‘Ik dacht direct: het is klaar, het is over.’

‘Heb jij hier nou een wietplantage, Riet?’ Peter Lambert (61) knikt met een vette knipoog naar de bloempotten in de hoek van de zolderkamer. Van onderaan de trap klinkt de stem van de hoogbejaarde kleermaakster. ‘Neehee, dat zijn de fuchsia’s.’ Maar er wordt wel een ander groot geheim bewaard op deze vliering: de veertig pakken van het Castricumse pietengilde. Acht koffers vol kleurige kostuums, een kist met kragen en twee dozen vol kroeshaar.

De paarse met de gouden stiksels is van Lambert. Die verhuurt Riet aan niemand anders. Zijn ogen beginnen te glimmen: ‘Als ik dit zie dan voel ik: het gaat weer beginnen.’ Al twaalf jaar is hij de hoofdpiet van het Noord-Hollandse kustdorp. Met trots, mag hij wel zeggen. Onder zijn leiding groeide de intocht uit tot een spektakelshow in de dorpskerk. Hij pakte het professioneel aan. Nauwgezet volgde hij het Sinterklaasjournaal, Piet Römer als lichtend voorbeeld. Knechten met slecht zittende pruiken werden gecorrigeerd. Die met witte plekken: teruggestuurd. Ook ín de neuzen en oren, was het mantra bij de schmink. Tot dit jaar ‘de klap’ kwam: de publieke omroep NTR stapte over op de roetveegpiet. ‘Ik dacht direct: het is klaar, het is over.’

Er werden telefoontjes gepleegd en een vergadering belegd. Aangekomen bij het geplaagde agendapunt bekende het nieuwste lid van het sinterklaascomité Maurits Hazeleger terstond dat hij wel wat voelde voor roetvegen. Na een discussie van welgeteld een minuut viel de beslissing: net als in steeds meer Nederlandse gemeenten, is de roetveegpiet in Castricum welkom. Twee pieten pakten daarop hun biezen. Lambert zelf hangt op 6 december zijn strooizak aan de wilgen. Zijn troonopvolger is niemand minder dan die 19-jarige Hazeleger.

Rivaliteit

Genoeg reden voor wrok en rivaliteit, zou je denken. Maar Lambert en Hazeleger staan dinsdagavond vol voorpret over de kostuums gebogen. ‘In de zomer droom ik hier al van, nachtmerries meestal’, lacht Lambert. ‘Dat ik een knoop mis, of dat de muziek niet geregeld is.’ Hazeleger knikt: ‘Of dat je aan één hand een handschoen mist.’

Ja, hij vond het spannend om tijdens die vergadering zijn punt te maken, geeft Hazeleger toe. ‘Omdat jij altijd zei: bij ons blijft Piet zwart.’ Lambert: ‘Kijk, dat heb ik altijd gezegd omdat ik dacht: het waait wel over. Maar nu ze landelijk overstag zijn gegaan, weet ik dat dit niet meer goed gaat komen.’

Goed, dat is voor de joviale zestiger dat alles blijft zoals het was. Dat hij van zijn kruin tot zijn kleinste teen zwart kan, zonder dat mensen daar aanstoot aan nemen. Het gaat hem om het geloof. Dat de kinderen niet kunnen zien dat hij eigenlijk Peter de jeugdvoetbaltrainer is. ‘Ik heb altijd gezegd: hier is Sinterklaas echt. Omdat de kinderen moeten geloven. Ze mogen misschien denken dat Piet niet bestaat, maar ze mogen geen bewijzen vinden. Anders is het klaar. Dan is het feest voorbij.’

Maar Lambert ziet heus wel dat de wereld verandert. Nederland bestaat niet meer. Het is een internationale gemeenschap geworden. Logisch dus, dat de tradities vervagen. Zijn oude kustdorp van pakweg veertig jaar geleden, is veranderd in een forensengemeente met ruim 35 duizend inwoners. Er is nu een ‘oud-Castricum’ en ‘nieuw-Castricum’. Het oude Castricum, dat is de Dorpsstraat met zijn kerktoren. Dat zijn de ‘Borstjes, de Beentjes en de Kerkhoffies’. In het nieuwe Castricum staan de nieuwbouwwoningen. Bevolkt door stedelingen op de vlucht voor de oververhitte huizenmarkt.

Hoofdpiet Peter Lambert (midden) en hulppiet Maurits Hazeleger (rechts) bezorgen pepernoten bij het Clusius College in Castricum. Beeld Arie Kievit

Jeugdheld

Het dorp is niet meer dorps, vindt Lambert. ‘Vroeger had je één tennisvereniging, nu twee.’ Van een ‘BC’er’ (Bekende Castricummer) werd hij een onbekende. En hij kent die anderen ook niet meer. Al heeft hij inmiddels wel kennisgenomen van hun frisse blik op zijn dierbare jeugdheld.

Dat begon ongeveer twee jaar geleden. De landelijke zwartepietendiscussie was jarenlang stilletjes aan Castricum voorbijgegaan, tot iemand tijdens de intocht iets riep over discriminatie. Vorig jaar waren er plots drie van dat soort ‘incidentjes’ langs de route. Het breekpunt kwam toen Lambert enkele weken geleden langs de basisscholen ging om de poster voor de intocht op te hangen. Sommige directeuren weerden die omdat ze net als veel basisscholen in Nederland de lijn van het Sinterklaasjournaal volgen. Alleen op De Klimop worden de Pieten nog ‘stevig geschminkt’.

‘Ik liep naar buiten en voelde me een crimineel. Wat ik al jaren doe, mag niet meer.’ En dat vindt hij misschien wel het moeilijkste aan de hele discussie: dat hem wordt opgelegd dat hij anders moet denken. ‘Je denkt dat Zwarte Piet vriendelijk is? Nou, het is gewoon een grote racist.’

Het roept, net als elders in het land, emoties op. Bij de Castricumse Sinterklaas bijvoorbeeld, die overigens geen lid is van het lokale sintcomité. Hij deelde vorige maand nog een foto op Facebook van een stel gitzwarte knechten. ‘Als Zwarte Piet je niet bevalt, rot je maar op naar een land dat geen Sinterklaas viert’, stond eronder.

Vraagtekens

Hazeleger begrijpt dat sentiment wel. Sterker nog, zo dacht hij er zelf ook over. Tot hij een zwart vriendinnetje kreeg. Ze liet na de intocht vallen dat ze moeite had met zijn geschminkte gezicht. Ze was op straat weleens uitgemaakt voor Zwarte Piet. ‘Ik begreep het niet, want zo bedoelt niemand het. Maar toen ik zag dat het haar raakte, ging ik me erin verdiepen.’ Zwarte mensen die werken voor een witte man, daar zet hij nu zijn vraagtekens bij.

Lambert lijkt het verhaal voor het eerst te horen. ‘Zou ze je het kwalijk nemen als je zwart bleef gaan?’ Hazeleger: ‘Nee, ze zei: je moet het zelf weten. Ik ga niet bij je weg. Maar ik voelde dat het haar zou kwetsen.’ Wat hij daar zegt, dat vindt Lambert verschrikkelijk. ‘Ik had zo ontzettend graag Zwarte Piet willen blijven, in al mijn onschuld. Maar dat mensen er op zo’n manier mee worden geconfronteerd, vind ik erg. Ik ga het niet meer tegenhouden, vandaar dat ik stop.’

Als het aan Hazeleger ligt, volgt Castricum vanaf volgend jaar de NTR. Al vreest hij dat het hem de nodige Pieten gaat kosten. En sponsors, verzekert Lambert. Zaterdag zal Hazeleger iedereen alvast proberen te overtuigen van de voordelen van roetveegpiet. Dat het makkelijker is om af te douchen, bijvoorbeeld. Bij Lambert hoeft hij het niet te proberen. Die stapt zaterdag nog een keer in zijn rol als hoofdpiet. In zijn paarse pak met gouden stiksels, met kroeshaar, zwarte schmink en rode lippen. ‘Iedereen die er moeite mee heeft, prima, maar ik ga het nog één keer doen. Dit laatste feest pikken ze me niet af.’

Verder lezen 

In steeds meer gemeenten doet de roetveegpiet zijn intrede bij de sinterklaasintocht. De schoorsteenvariant van Zwarte Piet verschijnt vooral in steden, en in enkele dorpsgemeenten. Bij die laatste brandt het bestuur zijn handen er niet aan: dan komt het besluit van lokale comités.

Ik heb nog geen 5-jarige horen klagen dat Piet zo bleekjes zag, aldus Jean-Pierre Geelen. ‘Wel voorzie ik tranen met tuiten bij de aanblik van gewapende eenheden bij een kinderfeestje.’

Tradities zijn altijd onderhevig aan verandering. Wie ze echter te abrupt wil aanpassen, maakt slapende honden wakker. De strijd rond Zwarte Piet is daarin niet uniek: kijk naar omstreden tradities uit andere landen en een vast patroon tekent zich af. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden