Hoofdbestuur CP'86 moet terecht staan wegens discriminatie

De ultra-rechtse partij CP'86 en het voltallige hoofdbestuur moeten eind deze maand terecht staan voor de rechtbank in Amsterdam. Hun wordt discriminatie en het aanzetten daartoe ten laste gelegd....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

De dagvaardingen zijn woensdag uitgebracht aan voorzitter H. Ruitenberg, partijsecretaris T. Mudde en de hoofdbestuursleden S. Mordaunt en W. Beaux. Ook ex-voorzitter Wijngaarden van CP'86 en de Stichting tot Steun en Toezicht op CP'86 worden vervolgd.

De strafzaak dient op 21 maart, 4 en 18 april. Op 4 mei moeten vijf of zes aanhangers van CP'86 voor de Amsterdamse politierechter verschijnen wegens het uitdelen van racistische folders.

Al in het najaar van 1993 werd een gerechtelijk vooronderzoek geopend tegen CP'86. Bij huiszoekingen bij alle toenmalige hoofdbestuursleden en in een drukkerij in Duitsland werden 29 dozen met volgens justitie propagandistisch materiaal aangetroffen. Volgens de met discriminatiezaken belaste Amsterdamse officier van justitie mr H. de Graaff bieden deze 'racistisch getinte' spullen belangrijke aanknopingspunten voor de bewijsvoering.

Als de rechtbank tot veroordeling komt, is CP'86 nog niet automatisch verboden. 'Maar we zijn dan wel een eind op weg', aldus De Graaff. In een aparte civiele procedure op grond van artikel 20, boek 2 van het Burgerlijk Wetboek kan het Openbaar Ministerie bij de rechtbank verboden-verklaring en ontbinding vorderen van een rechtspersoon waarvan de werkzaamheid in strijd is met de openbare orde. Volgens De Graaff is het te verwachten dat hij die stap zal zetten.

CP'86'er Beaux heeft al een strafblad. In mei vorig jaar werd hij in hoger beroep door het Amsterdamse gerechtshof veroordeeld voor het bezit van racistische pamfletten. Hij kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken en een boete van duizend gulden.

Een maand eerder werden hij en vijf partijgenoten door de rechtbank in Zwolle veroordeeld wegens discriminatie en het aanzetten tot vreemdelingenhaat. Zij kregen een boete van duizend gulden en een jaar voorwaardelijke gevangenisstraf. Tot de teksten die de rechtbank discriminerend achtte, behoorde de verkiezingsleus 'Eigen volk eerst'. Talloze aanhangers van CP'86 werden in de loop der jaren gestraft voor onder meer racistische geweldpleging, wapenbezit en brandstichting.

Een andere extreem-rechtse partij, de Centrumdemocraten, ging CP'86 vóór op het strafrechtelijke pad. In november 1993 diende voor de Haagse rechtbank een strafzaak tegen voorman H. Janmaat van de Centrumdemocraten en tegen de partij. Ook zij waren aangeklaagd wegens deelneming aan een organisatie met een crimineel oogmerk en wegens discriminerende activiteiten. De zaak liep stuk op nietigverklaring van de dagvaarding.

In mei 1994 had het Openbaar Ministerie wel succes met de vervolging van Janmaat, zijn partner Schuurman en de Centrumdemocraten. Janmaat werd veroordeeld tot zesduizend gulden boete, waarvan tweeduizend voorwaardelijk; Schuurman tot vijftienhonderd gulden, waarvan vijfhonderd voorwaardelijk en de partij tot tienduizend gulden waarvan 2500 voorwaardelijk.

Voorlieden van CP'86 reageerden woensdag laconiek op de dagvaarding. 'Ik ontken alle beschuldigingen. De officier van justitie is kennelijk uit op publiciteit. Hij wil waarschijnlijk de show stelen door het proces te laten beginnen op 21 maart, de internationale dag tegen racisme', zei voorzitter Ruitenberg.

Het voormalige Amsterdamse gemeenteraadslid Beaux noemt de beschuldiging dat zijn partij een criminele organisatie is, 'waanzin'. 'CP'86 is een democratisch gevormde politieke partij die met criminele activiteiten niets van doen heeft.' Hij toonde zich verrast door de uitspraak van de officier dat deze aankoerst op een verbod van de partij. 'Als de criminele activiteiten niet kunnen worden bewezen, kan de partij ook niet worden verboden.'

Hoofdbestuurslid en Haags gemeenteraadslid S. Mordaunt beschuldigt het Openbaar Ministerie van intimidatiepraktijken. 'De beschuldigingen tegen onze partij slaan nergens op. Wij hoeven nergens toe aan te zetten. De Nederlandse bevolking komt zelf wel in verzet. Justitie moet de overheid aanklagen, omdat die grote stromen kleurlingen toelaat', zegt hij.

In Nederland zijn twee keer politieke organisaties verboden verklaard en ontbonden. Na de oorlog werd de NSB verboden op grond van een in 1944 door de Nederlandse regering in ballingschap in Londen hiervoor speciaal gemaakte wet. In 1953 stak een soort nieuwe NSB - de Nationaal Europese Sociale Beweging (NESB) - de kop op, die in 1955 werd verboden.

Een in 1978 ingestelde verbodsactie tegen de nazistische Nederlandse Volks-Unie (NVU) van H. Glimmerveen mislukte door een gat in de wet, dat in 1988 werd gedicht.

Op grond van het in 1966 in New York tot stand gekomen Internationaal verdrag inzake uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie - een verdrag van de Verenigde Naties - is de Nederlandse regering verplicht racistische organisaties die rassendiscriminatie in de hand werken en daartoe aanzetten, te verbieden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.