Hongaarse partij lijkt tikje wereldvreemd

Toen de Italiaanse fysicus en Nobelprijswinnaar Enrico Fermi (1901-1954), die overtuigd was van het bestaan van buitenaardse wezens, op een dag wanhopig uitriep: ‘Maar waar zijn ze?’, snelde zijn Hongaarse collega Leo Szilard hem ter hulp met het volgende antwoord: ‘Ze bevinden zich reeds onder ons....

Dat is misschien wat kras, maar vast staat dat de Hongaren een apart volkje zijn. In dat verband herinner ik mij een bezoek aan een hunnengenootschap in Boedapest. De leden geloofden dat ze rechtstreeks afstamden van Attila de Hun.

Maar dat was nog niets vergeleken bij wat ik afgelopen maand meemaakte tijdens de verkiezingscampagne van de Beweging voor een Beter Hongarije, in het Hongaars Jobbik.

Op een bepaald ogenblik dacht ik in de jaren dertig beland te zijn. Jobbik hanteert een nationalistisch discours, waarin anti-communisme, anti-liberalisme en anti-intellectualisme de boventoon voeren. Precies zoals onder het fascisme. Ook aan een sterke leider ontbreekt het niet. Daarvoor staat Gabor Vona borg, de 31-jarige oprichter van Jobbik. Op campagne laat hij zich escorteren door de Hongaarse Garde, een met zijn partij verbonden paramilitaire beweging. Zelfs de zondebokken – zigeuners en joden - zijn dezelfde als weleer.

Nu wil ik het gevaar niet overdrijven. Al bij al gaat het bij Jobbik om een erg verwaterde versie van het fascisme. Zo is de partij niet van plan de democratie af te schaffen; volgens Vona volstaat het de huidige politici in de gevangenis te stoppen. Ook de leden van de Hongaarse Garde zijn de kwaadste nog niet. Met hun rood-witte sjaaltjes hebben ze veel van veredelde padvinders.

Maar dat maakt het succes van Jobbik er niet minder verbazingwekkend op. Bij de parlementsverkiezingen haalde de partij 16 procent van de stemmen, een ongelooflijk resultaat, zelfs rekening houdend met de verzachtende omstandigheden van een zware politieke en economische crisis.

Maar nog het meest verrassend was de reactie van de aanhangers van Jobbik. Die zijn zich van geen kwaad bewust. ‘Zie jij hier fascisten?’, vroeg woordvoerder Andras Kiraly, nadat zijn partijleider, geflankeerd door geüniformeerde leden van de Hongaarse Garde, in zijn toespraak tekeer was gegaan tegen joden en zigeuners.

Een uitzondering was Kiraly niet. Toen ik na een andere toespraak van Vona aan twee studentes vertelde dat ik toch niet helemaal verkocht was, konden ze hun oren niet geloven. Stemmen voor Jobbik beschouwden ze als de normaalste zaak van de wereld. En dan Julika, een studente maatschappelijk werk. Eigenlijk voelde ze zich wel aangesproken door het programma van Politiek Kan Anders, de partij van de Hongaarse Groenen. Alleen vond ze het verdacht dat ze zoveel geld in hun campagne staken. Dat kon alleen van de joden komen, besloot ze. Dus stemde ze voor Jobbik.

Of Kiraly de partij trouw blijft, is maar de vraag. Sinds in de pers foto’s opdoken van een verblijf in Toronto heeft hij ontslag moeten nemen als woordvoerder van Jobbik. De aanblik van Kiraly in het gezelschap van blowende meisjes en ondeugend geklede travestieten tijdens de beroemde Gay Pride was voor zijn partij duidelijk een beetje te veel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden