Homo past een ingetogen leven

De meeste homo's willen op ingetogen wijze hun eigen leven lijden. Ze willen niets liever dan dat niemand iets aan hen ziet....

OMDAT ik 37 jaar geleden het voorrecht heb gehad te kunnen meewerken aan de eerste, aan homoseksualiteit gewijde, emancipatoire studie van reformatorische zijde, meen ik enig recht te hebben een bijdrage te leveren aan de discussie over de Gay Games.

Ik bedoel hier de publicatie van: De Homosexuele Naaste verschenen in 1961, waarin een paar gereformeerde theologen, een anonymus en twee VU-hoogleraren, namelijk mijn vriend en collega Janse De Jonge (overleden in 1965) en ikzelf, betoogden dat de Bijbel helemaal niets tegen de homoseksualiteit heeft en dat bepaalde teksten altijd verkeerd waren vertaald en uitgelegd.

Wij meenden dat de wrede woorden die de apostel Paulus aan homoseksualiteit wijdde in zijn brief 'aan de Romeinen', ingegeven waren door zijn afkeer van de decadente verschijnselen in het Rome van die tijd.

Inderdaad, in de Romeinse cultuur, vanaf de dagen van Tiberius en Caligula, via Heliogabalus tot en met Diocletianus, heeft homoseksualiteit zich steeds gemanifesteerd als één grote doorlopende Gay Games. Het was die decadentie in elk geval, die de christelijke keizer Theodosius de Grote (sic) ca 385 een voorwendsel gaf, sodomie met de doodstraf te bedreigen waar zijn latere opvolger Justinianus ca 550, nog een schepje bovenop deed. Die vreselijke vervolging van homo's, heeft 1500 jaar moeten duren totdat keizer Napoleon er een eind aan maakte.

De schrijvers van 'de homoseksuele naaste' waren echter nog wat naïef en hadden gedacht dat homoseksualiteit in de geschiedenis een continuüm was geweest, wat later historisch onderzoek inderdaad heeft gelogenstraft. Wij realiseerden ons ook nog niet dat de liefde tussen twee mannen, indien ingetogen beleefd, even ingetogen als de meeste heteroseksuele liefde, eigenlijk nooit in de geschiedenis veel moeilijkheden had gehad.

Wat ons voor ogen stond was de schoonheid van de liefde die de bijbelse David had voor zijn geliefde vriend Jonathan. Is niet de bijbelse dichtregel die David zong, toen hij vernomen had dat zijn geliefde vriend Jonathan gesneuveld was: 'Mijn broeder Jonathan, Gij waart mij zeer lief, Uw liefde was mij wonderbaarlijker dan de liefde der vrouwen', een van de meest ontroerende dichtregels in de geschiedenis der poëzie.

Wij dachten aan Montaigne en zijn vriendschap voor Etienne de la Boétie, die toen men hem vroeg die liefde te beschrijven, de beroemde woorden sprak: puisque c'était lui, puisque c'était moi. Wij dachten aan Albert Verwey: aan 'de liefde die vriendschap heet', wij dachten ook aan de vele prachtige essays die over de vriendschap geschreven werden, denk aan Montaigne en Emerson. Ook waren wij indachtig aan de waarschuwingen van Socrates, met betrekking tot zijn decadente vriend Alkibiades.

Het boek kreeg veel aandacht, maar wij hadden niet verwacht dat de tolerantie, vooral ook ten aanzien van de uitbundige decadentie van homoseksualiteit, zo'n snelle voortgang zou hebben. De jaren zestig kwamen er aan en de Utrechtse hoogleraar Kempe was de eerste die onraad rook.

Hij stelde voor om voor 'de liefde die vriendschap heet', het woord homofilie te gebruiken en voor het op seks georiënteerde type homo-seksualiteit. Maar het was al te laat. De term vond geen ingang meer.

Ik ben geen futuroloog en ik weet ook dat de laatste drie eeuwen elk zijn decadente fin de siècle kende. Denk maar aan de gay nineties van de vorige eeuw. Er zijn misschien mensen die denken dat de Gay Games het bewijs vormen van de totale acceptatie van homoseksualiteit. Maar ik ben bang dat ik beter weet en wel dat de wal altijd het schip keert en dat de slinger der geschiedenis terugslaat met de meedogenloosheid van de metronoom.

De reactie kan verschrikkelijk zijn als het economisch weer eens slecht gaat. De stad Amsterdam die nu zo trots is op haar tolerantie van de decadentie, was in 1730 het toneel van de wreedste homo-vervolging in Europa ooit, toen vele sodomieten levend werden verdronken in het IJ, iets wat volgde op een periode van relatieve tolerantie. 'Het kan verkeren', zei Breroo.

Maar in de vele landen, waar homoseksualiteit nu nog onderdrukt wordt, zal men het nieuws van de decadentie der Gay Games gebruiken om weer meer te gaan onderdrukken. Wie zegt dat niet ook bij ons de man-man en de vrouw-vrouw liefde zich in de naaste toekomst weer in de ingetogenheid zullen moeten terugtrekken. Marguérite Yourcenar heeft het ook allemaal zo juist gezien.

Ik heb een vreselijke hekel aan de uitdrukking 'moral majority' maar, goddank, leeft het merendeel der homoseksuelen ook nu op ingetogen wijze: gelukkig maar. Juist, omdat ze ingetogen zijn en dat ook met een blij hart willen zijn, ziet niemand iets aan ze.

En ze willen niets liever dan juist dat.

Herman Bianchi is emeritus hoogleraar criminologie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden