REPORTAGE

Hollandse kleuren aan de oever van de Rijn

Eva Hoeke bezoekt de mooiste terrassen van Nederland. Marcus Huibers test er de maaltijd. Een verblijf bij 't Kalkoentje in Rhenen: 't is toch net een vijfsterrenvakantie?

Eva Hoeke en Marcus Huibers
Het terras van 't Kalkoentje. Beeld Henk Wildschut
Het terras van 't Kalkoentje.Beeld Henk Wildschut

Je geeft het niks hoor, als je komt aanrijden: een doorgaande weg, een rits saaie dorpen, stalen loodsen, weinig sfeer, rij maar door, hier komen we niet weer.

Maar dan gebeurt het.

Want dan stopt de tomtom ineens bij nummer 143, draai je het erf op, ga je de poort door en ben je van het ene op het andere moment op een van de mooiste plekjes langs de Rijn, de Nederrijn om precies te zijn, waar de tuin van 't Kalkoentje, onder aan de dijk en precies op de scheiding tussen Utrecht en de Betuwe, deel uitmaakt van het Rhenense rivierenlandschap - en dan weet je het wel. Dat betekent frisse lucht, kronkelende kribben en eindeloos zicht op de Hollandste kleuren ter wereld: het blauw van water, het groen van gras, het zwart-wit van koeien.

Daar kan geen vijfsterrenvakantie tegenop. Vond ook eigenaar Nico Klaver (lichtgroene ogen, klein brilletje en een mooie vertelstem die trilt in de laagte en zachter klinkt als het spannend wordt), die 54 jaar geleden in Rhenen werd geboren en na zijn leertijd bij de fameuze familie Fagel een glansrijke carrière tegemoetging in het internationale hotelwezen, ware het niet dat hij telkens als hij van Schiphol terugreed naar Rhenen om zich heen keek en dacht: wat is Nederland toch mooi.

En dus keerde hij al vrij vlot terug op het dorp (maar zeg nooit dorp, want als een van de oudere steden van Nederland krenk je de Rhenenaar dan diep), om daar een paar jaar later 't Kalkoentje te kopen. Over de herkomst van de naam zijn mooie verhalen te vertellen: de een zegt dat een kalkoentje een kwart flesje wijn is (zo'n vliegtuigflesje), de ander beweert dat 't Kalkoentje een verzinsel is van de kunstenaar die er een tijd woonde, en weer anderen schrijven de naam toe aan 'Huppeldepup Van Berlicum', die er rond 1900 woonde, toen de regio nogal in trek was bij Dordtse reders en cargadoors die graag een buiten bliefden, een beetje zoals Amsterdammers destijds naar de Vecht trokken. Maar wat dat met een kalkoen te maken heeft?

Zeg het maar.

Wat wel duidelijk is, is waarom ze allemaal per se hier wilden zitten. Binnen is veel bewaard gebleven: de vloer kraakt, de trap is uitgesleten, het balkenplafond robuust. De flakkerende kaarsen en bronzen raven op tafel maken het lekker middeleeuwerig, net als de openhaard en goedgevulde digestieventafel. De tekeningen met bramen en rozebottels zijn van de buurvrouw ('Marjolein Bastin woont hier om de hoek') en hé, zien we daar nou ineens een portret van Herman Brood? Jazeker, want die man was volgens Nico 'grensverleggend te gek'. Verder staat er een borstbeeld van ene E. Cuffens, van wie Nico ook niet precies weet wie dat is, maar 'ik vond die kop zo mooi'.

Het team van 't Kalkoentje. Beeld Henk Wildschut
Het team van 't Kalkoentje.Beeld Henk Wildschut

Al goed. We komen toch vooralvoor buiten, dat iets wegheeft van een secret garden, met wulpse vormen en ruige randjes, waar tafels wit opgedekt in het gras staan te wachten op lange gesprekken en voetjes die vrijen onder vlierbloesem, vijgenbomen en walnotenbomen, waarvan die laatste vooral functioneel zijn: als insecten érgens een hekel aan hebben is het aan die geur. 's Avonds klinken er steenuilen, ijsvogels bouwen er hun nesten en laatst zwom er een reetje de Rijn over. Wie naar links kijkt ziet de toren van de Cunerakerk, recht vooruit is daar de molen van Lienden en een stukje verder naar rechts staat een nogal ontsierend zand- en grindverwerkingsbedrijf, maar goed, daar staat een grote treurwilg voor die Nico niet meer snoeit, dus dat is ook weer opgelost. En als hij dan 's avonds zijn laatste gast heeft uitgezwaaid en nog even buiten op 'mijn ouwemannenbankje' zit, Spätburgunder in de ene, glas water in de andere hand, dan is 'Ome Nico een tevreden mens'.

Een glas wijn en de zon zien zakken over de Rijn - hoe geluk eenvoudig kan zijn.

Eva Hoeke

Betoverend

Als je de weg hier naar toe mag geloven regeert het chin.ind.spec.rest. in deze streken. Wat een contrast met wat Nico Klaver en zijn mannen voor ons op tafel zetten. Bij de rondleiding krijgen we een glas in de hand, en een sympathieke amuse: een cornetto met tomatenijs, en heldere gazpacho van het tomatenvocht. Meesterlijk in eenvoud. Als het tweede glas al bijna wordt ingeschonken bedenken we dat we met de auto zijn, dus doe ons maar dat puik ogende BOB-wijnarrangement. We beginnen met een 'moestuintje' van zomergroentjes, kreeft en koningskrab, levendig als een bloemenperkje. De dorade met antiboise daarna is simpel, maar goed. Van de volgende gang vallen we haast in katzwijm: romige mousseline, malse plakjes varkenshaas, gekarameliseerde ganzelever, stroperige jus en een royale hoeveel- heid zomertruffel. De vegetarische variant van collega Eva, met een gepocheerd eitje, is nóg beter, beweert ze althans, maar dat zal de moraal zijn. Het boerenhoender wordt als iets spectaculairs aangekondigd, maar dat zit 'm vooral in de kippendijtjes die boven het kampvuur worden geroosterd, en die de smaak van de botermalse borstfilet bijna van tafel blazen. Het slotoffensief bestaat uit een zondvloed aan zoetigheden waarmee je ons geen plezier doet, maar waarvan het vanille-souffleetje met aardbeien toch weet te betoveren. Als tevreden kalkoentjes waggelen we terug, de zomernacht in.

Marcus Huibers

't Kalkoentje

Utrechtsestraatweg 143,
0317 - 612 344
info@kalkoentje.nl
http://www.kalkoentje.nl/

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden