Hollands Model goed voor (E)U

D. B. J. Schouten, vandaag 74 geworden, wist het al in de jaren tachtig. Eén Europese munt, een autonome Europese Centrale Bank en een gemeenschappelijke monetaire politiek zijn noodzakelijke voorwaarden om in de Europese Unie het werkloosheidsprobleem op te lossen....

HARRY VAN SEUMEREN

Tien jaar geleden was de Economische en Monetaire Unie (EMU) een droom. Er was nog een Muur die van geen wijken wilde weten en alle aandacht opeiste.

Er waren nog grenzen die de leden van de Unie uit elkaar hielden. Ieder land voor zich probeerde de werkloosheid een kopje kleiner te maken, en ieder land faalde.

De Tilburgse econoom Schouten doceerde als zijn rotsvaste overtuiging dat een moderne samenleving een gecoördineerd beleid vergt om de boel op de rails te houden. Als de vakbeweging linksaf slaat, de werkgevers rechtsaf en de overheid zijn eigen paden bewandelt, kán het niet goed gaan.

Het leek alsof het gecoördineerd economisch beleid op landelijk niveau Nederland begin jaren tachtig verliet met de decentralisatie van de cao-onderhandelingen. Maar achteraf kunnen we vaststellen dat de laatste vijftien jaar de centrale coördinatie groter is dan ooit en bovendien consequent volgehouden. De basis daarvoor is gelegd in het Akkoord van Wassenaar in 1982 tussen vakbeweging en werkgevers: loonmatiging in ruil voor banen.

Het is aanvankelijk niet van harte gegaan. Tegenover loonmatiging stelden de werkgevers voorrang aan het opvijzelen van hun rendementen. Maar de laatste zes, zeven jaar slaat Nederland ieder jaar Europese records in banengroei, ondanks een sterke munt en hoge prijsstabiliteit. En de verzorgingsstaat staat kwalitatief nog steeds aan de top.

Wat Ad Melkert van Sociale Zaken nu in Europa tracht te slijten als het Hollandse Model is het vrijwel exclusieve eigendom van de overlegeconomie. Was die niet ten grave gedragen? De afbraak van het overlegmodel heeft zich beperkt tot het wieden van de tuin en het slopen van de wrakke bijgebouwen, het domein van eindeloos gepalaver zonder conclusies. Verdwenen is de gedachte dat alles van bovenaf moet geregeld en de basis niets mag.

Hiermee is een andere voorwaarde van Schouten vervuld. 'De sleutel ligt bij de geleide loonpolitiek. Want te snel stijgende loonkosten waren in het verleden de oorzaak van het uithollen van de bedrijfswinsten en daardoor van de afbraak van de werkgelegenheid.'

Het Akkoord van Wassenaar fungeert als een geleide loonpolitiek. Ditmaal niet opgelegd door de regering, maar vrijwillig afgesproken.

In dit Hollandse Model is de rol van de overheid gedefinieerd. Deze is flankerend. In het beleid ten aanzien van belastingen en sociale zekerheid ondersteunt ze het banen- en loonbeleid van werkgevers en vakbeweging. Met het beheersen van de uitgaven en het verminderen van de staatsschuld schept ze de voorwaarden voor een voortgezet succes in de toekomst.

Als Melkert naam wil maken in de Europese Unie dan zal hij moeten proberen dit overlegmodel te verkopen door met name te pleiten voor een gecoördineerd macro-economisch beleid, in ieder geval voor de toekomstige EMU-leden.

Jean-Luc Dehaene pleitte hiervoor deze week tijdens een rede voor de geldschieters van het perscentrum Nieuwspoort. De Belgische premier sprak van een 'harmonisatie van belastingen en sociaal beleid'.

Voor een omkaderings- of gecoördineerd beleid is het niet noodzakelijk alles gelijk te trekken in het Europa van de EMU. Het aantrekkelijke van de Nederlandse overlegeconomie is nu juist dat in onderhandelingen telkens een synthese wordt gevonden tussen de vereisten van de markt en het wenselijke van een sociaal beleid, zonder dat een van beide het primaat verwerft. De praktijk leert dat binnen het afgesproken kader een grote variëteit aan oplossingen mogelijk is.

Het door Dehaene en anderen gesignaleerde wantrouwen van Europese burgers tegen de EMU is gerechtvaardigd. De Europese regeringsleiders hebben immers te veel en te lang mooie woorden gewijd aan werkgelegenheid en welvaart voor de burgers, zonder dat zij dit hebben kunnen waarmaken.

In de Frans-Duitse discussie over de EMU draait het vooral om de vraag of de Europese Centrale Bank autonoom en onafhankelijk moet zijn (ja, zeggen de Duitsers) of dat de politci daar het stuur moeten vasthouden (ja, zeggen de Fransen). De Duitse en de Nederlandse ervaring onderstreept de wenselijkheid van een centrale bank, die binnen het door politici getrokken raamwerk autonoom haar werk doet.

Daarnaast is het aan de politiek een flankerend, de markt tussen vakbeweging en werkgevers ondersteunend beleid te voeren. Dan kan er misschien toch iets terecht komen van de doelstellingen die de SER kort na de oorlog formuleerde: economische groei, een sterke munt, een rechtvaardige inkomensverdeling, lage inflatie en volledige werkgelegenheid.

Harry van Seumeren

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden