Hoge Raad vernietigt vonnis rechtbank Doodslag dronken automobilist niet bewezen

Een automobilist die, dronken en te hard rijdend, een andere automobilist doodrijdt, loopt minder kans voor doodslag te worden veroordeeld dan wanneer hij een fietser of voetganger dodelijk zou hebben aangereden....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Dit leiden deskundigen af uit een recent arrest van de Hoge Raad in de zaak van een Tilburgse automobilist die op 3 april 1994 in het Brabantse Heesch een auto-ongeluk veroorzaakte waarbij vijf mensen om het leven kwamen. Tijdens een rit op een provinciale weg botste hij bij het inhalen frontaal op een tegenligger. De vier inzittenden hiervan, alsmede de passagier van de inhalende auto, verloren hierbij het leven.

Het gerechtshof in Den Bosch veroordeelde de man, op het moment van het ongeval 26 jaar, tot zes jaar cel wegens doodslag. Bewezen werd geacht dat hier sprake was van wat wordt genoemd voorwaardelijke opzet. De man had, aldus het hof, bewust de kans aanvaard en op de koop toe genomen dat hij dodelijke slachtoffers zou maken.

De Hoge Raad, het hoogste rechtscollege, heeft dit arrest op 15 oktober echter vernietigd en de zaak terugverwezen naar het gerechtshof in Arnhem. Kern in de argumentatie vormt hierbij het risico dat de automobilist zelf liep bij de fatale inhaalmanoeuvre. Aangezien hij een paar keer afzag van een inhaalpoging, en in de geleende Porsche terugkroop achter zijn voorligger, zich kennelijk bewust van het risico dat een botsing ook voor hem zou hebben, is er onvoldoende bewijs voor de opzet anderen dodelijk te treffen, aldus het arrest. En dat is eenmaal nodig voor een veroordeling wegens doodslag.

Volgens prof. J. de Kroes, voorzitter van de Vereniging van Verkeersslachtoffers (VVS), heeft de Hoge Raad in zijn vonnis impliciet een onderscheid gemaakt tussen automobilisten enerzijds en fietsers en voergangers anderzijds. 'Als hij voetgangers of fietsers slachtoffer zou hebben gemaakt, had hij wel vanwege doodslag kunnen worden veroordeeld.' De automobilist loopt bij een botsing met deze, kwetsbaarder, verkeersdeelnemers immers zelf minder risico de dood te vinden.

Ook advocaat-generaal mr. A. Broek, die de zaak voor het gerechtshof in Den Bosch behandelde en indertijd zes jaar eiste tegen de automobilist, noemt het onderscheid in de kwetsbaarheid van de getroffen verkeersdeelnemers opvallend. 'Je vordert niet zomaar doodslag. Nu komt de Hoge Raad ineens op de proppen met het risico dat de man zelf liep. Ik was wel verbaasd dat dit aspect ineens uit de kast werd getrokken. Ik ben zeer benieuwd wat het hof in Arnhem nu gaat doen.'

Door de affaire wordt de discussie opgerakeld over de strafmaat voor roekeloze weggebruikers bij dodelijke verkeersongevallen. De Wegenverkeerswet voorziet niet in straffen op grond van doodslag, wel op grond van dood door schuld. De maximale straf is dan een jaar, wat bij verzwarende omstandigheden (alcoholgebruik, aantallen slachtoffers, eerdere veroordelingen) kan worden verhoogd tot drie of vier jaar. Een wetsvoorstel is in voorbereiding voor verzwaring van deze strafmaat.

Bij een aantal ernstige verkeersongelukken is met wisselend succes geprobeerd doodslag, uit het strafrecht, te gebruiken, om zo een hogere straf te kunnen eisen. De maximale straf is dan vijftien jaar. Maar hiervoor moet juridisch meer uit de kast worden gehaald, vooral op het gebied van bewezen opzet.

Volgens de Amsterdamse advocaat mr E. van der Laan biedt de tekst van de Hoge Raad echter juist een handvat voor officieren om in dit soort extreme gevallen doodslag te eisen. 'Het is natuurlijk heel jammer voor de familie van de slachtoffers. Maar uit juridisch oogpunt verheugt het mij zeer dat nu voor het eerst een zo hoog rechtscollege zich duidelijk uitspreekt over de mogelijkheid op grond van doodslag te veroordelen.'

Van der Laan stond de familie bij in de zaak van de zevenjarige Laura Oomens, die 30 april 1994 in Vlissingen door een botsing met een veel te hard rijdende motorrijder werd gedood. De 34-jarige man, die 150 reed waar hij 50 mocht rijden, kreeg uiteindelijk een half jaar cel op grond van dood door schuld uit de Wegenverkeerswet. De ouders deden er toen alles aan om de man doodslag ten laste te leggen. 'De officier wilde dat niet. Deze uitspraak kan officieren van justitie sterken het in dit soort gevallen wel te doen.'

Tot nu toe zijn slechts veroordelingen op grond van doodslag gedaan in gevallen dat iemand doelbewust op een agent af reed, iemand in de vangrail drukte of bij uitzonderlijk alcoholgebruik, zegt Van der Laan. 'Maar dit arrest biedt een opening die ik interessant vind.'

Volgens De Kroes van de VVS draagt het juridische steekspel over de kwestie van de doodslag-eis bij aan een adequate rechtsgang. 'Net zoals men bij zaken als euthanasie met specifieke gevallen tot bepaling van de grenzen probeert te komen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden