Hoezo heb ik aan feiten geen boodschap?

Aleid Truijens (1955) valt in haar column (O&D, 6 mei) over het begrip 'kinderconcentratiekampje' dat ik in mijn boek De pretparkgeneratie heb gebruikt in de zin: 'Alle goede bedoelingen, speeltoestellen, lieve leidsters ten spijt zijn het, vergeleken met de situatie waarin kinderen thuis of bij een oppas opgroeien, kinderconcentratiekampjes.'

In de beeldspraak wordt het contrast benadrukt tussen begeleiding van kleine kinderen op individuele basis of in groepsgewijze opvang.

Het zou het natuurlijk spijtig zijn als een beeldspraak die verkeerd kan vallen ertoe leidt dat mijn cultuurkritiek niet serieus genomen wordt. Dat doet Truijens echter wel.

Zo voldoen de huidige jongeren, althans, de twintigers om haar heen, minder aan het door mij geschetste beeld van de pretparkgeneratie dan haar eigen generatie die in de jaren tachtig een 'godsliederlijk' en uitkeringstrekkend bestaan leidde. De vraag die in mijn boek centraal staat, is echter niet wanneer het begonnen is - evident vanaf de jaren zestig - maar of er de laatste decennia een extra uitvergroting in gedrag heeft plaatsgevonden die samenhangt met veranderingen in de cultuur rond opgroeien en opvoeden. Om trends waar te nemen moet je je baseren op feiten. Truijens verwijt mij: 'Aan feiten heeft de voormalig onderzoeker geen boodschap', verwijzend naar de door mij verzwegen daling van de jeugdcriminaliteit in Amsterdam.

Ik heb echter nergens in mijn boek gesuggereerd dat die steeg. Ik noem alleen het feit dat die relatief groter is in de ene groep dan in de andere. Ook in algemene zin is het verwijt onjuist. Vrijwel alle 216 bronnen die ik citeer, verwijzen naar nieuwsberichten in de krant of van het web, of naar boeken en rapporten die gebaseerd zijn op wetenschappelijk onderzoek. Allemaal feiten dus. Die laten, vanaf 2000, een toename zien in overgewicht en obesitas, anorexia, psychopathologische diagnoses zoals adhd, schooluitval (inmiddels gelukkig weer wat minder), verschillen tussen jongens en meisjes, drankgebruik en comazuipen, drugsgebruik, game- en twitterverslaving (kon vroeger niet bestaan), gebruik van ritaline, slachtoffers van loverboys, schade door vuurwerk, overlast door herrie, hangjongeren en Marokkaanse jongens, het aantal gevallen van geweld op straat en veld enzovoorts.

Intussen is 'beroemd worden' het belangrijkste levensdoel, de kans op echtscheiding gestegen, slikt een miljoen Nederlanders antidepressiva, zijn jongerenwerkers in 2012 ontslagen, besteden sommige politieke partijen nauwelijks aandacht aan deze zaken, onderhandelen ouders zich suf, laten vele voetbalcoaches en -ouders nog steeds hun emoties gaan, zijn vele ouders van mening dat hun kinderen oud en wijs genoeg zijn om naar zoiets als Haren te vertrekken (kennelijk in de veronderstelling dat de opvoeding aan de burgemeester en politie kan worden overgelaten), zijn de Nederlandse jongeren de gelukkigste van de wereld, maar weten veel jongens hun weg niet te vinden.

Zouden die diverse, soms paradoxale, verschijnselen kunnen samenhangen met een verandering in cultuur, is de vraag waarop ik een antwoord heb willen geven. Als je, zoals Aleid Truijens aangeeft, in een omgeving leeft met alleen maar gewetensvolle jongeren, kan zo'n boek hard aankomen.

Aryan van der Leij, Haarlem

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden