Hoeveel invloed heeft Europa in de toekomst?

Berlijn,..

Helemaal onderaan in de linkerkolom op bladzijde 32 staat het kopje: ‘Europa: minder prestige in 2025’. De boodschap is duidelijk en hetzelfde geldt voor de positie die Europa in de wereld zal hebben volgens het rapport Global Trends 2025 van de Amerikaanse Nationale Inlichtingenraad: een marginale.

Toen het rapport twee weken geleden uitkwam werd het voornamelijk gelezen vanwege het uitgedragen vooruitzicht dat de VS militair nog wel een vooraanstaande rol zullen hebben, maar toch minder macht en voorrechten zullen hebben in een veranderde wereld met meerdere machtspijlers. Maar nu vindt het rapport om andere redenen opnieuw weerklank.

In die twee weken toonde de EU zich weinig eensgezind en heeft men wat betreft de aanpak van de mondiale crisis in de echte economie min of meer genoegen genomen met een ieder-voor-zich-oplossing.

Hoewel het oordeel wordt verzacht door een hele reeks voorwaardelijke formuleringen, geeft de Inlichtingenraad aan dat Europa niet noodzakelijkerwijs een van de nieuwe pijlers van de mondiale macht zal worden. Het rapport maakt gewag van een EU waarin de burgers sceptisch staan tegenover verdere integratie, in beslag zullen worden genomen door intern gekrakeel en concurrerende nationale agenda’s, en de komende twee decennia mogelijk ‘minder in staat zullen zijn om hun economische macht om te zetten in mondiale politieke invloed’.

Klinkt dat u niet bekend in de oren? Dit is het gehuil van een Europese late herfststorm. Het gejank van de Europese paradox, waarin men tegelijkertijd meer betrokken wil zijn bij beslissingen in de wereldpolitiek en minder overtuigd is van de samenhang binnen Europa.

Een paar voorbeelden. In Frankrijk pakte Le Monde uit met een grote kop waarin stond: ‘Stimuleringsmaatregelen: Amerikaanse eigenzinnigheid, Europese aarzelingen’. In Duitsland wijdde het Handelsblatt, de grootste financiële krant, een commentaar op de voorpagina aan de crisis waarin men de Amerikanen die in tijden van crisis ‘als één man opstaan’ stelde tegenover een ‘EU waarin iedereen zijn eigen zorgen als belangrijkste prioriteit heeft’.

Daarbovenop komt de Amerikaanse Inlichtingenraad dan nog met: een afname van de bevolking in EU-landen betekent lagere groei van de werkgelegenheid, waardoor het bruto binnenlands product van de EU met 1 procent zal afnemen. Tegen 2025 zal de bevolking in West-Europese landen voor 15 procent of meer bestaan uit niet-Europese minderheden, waardoor ‘de spanningen waarschijnlijk toenemen’. En als Europa niet in staat is haar energieaanbod te diversifiëren, zal haar afhankelijkheid van Rusland ervoor zorgen dat ‘de belangen van Moskou in belangrijke landen veel aandacht zullen krijgen’.

Het contrast met het nieuwe optimisme aan de overzijde van de Atlantische Oceaan is groot.

Joschka Fischer, voormalig minister van Buitenlandse Zaken in Duitsland, schreef: ‘Als er een eind komt aan deze wereldwijde crisis, zal Europa eenvoudigweg minder belangrijk zijn geworden.’

Volgens hem zal dat het geval zijn omdat Amerika, om redenen van machtspolitieke en economische aard, zich meer op Azië dan op Europa zal gaan richten en de ‘Europeanen met hun armen over elkaar hun macht zien afbrokkelen’. Volgens Fischer zullen de VS zich onder Obama vernieuwen, terwijl Europa zich tijdens de crisis zal richten ‘op herstel van het nationale perspectief en dus weer terug gaat naar het verleden’.

‘Waar blijven de grote leiders die zich richten op de vereniging van Europa’, vroeg Fischer zich hier tijdens een gesprek af. Er kwam geen antwoord.

In Frankrijk klinkt min of meer hetzelfde geluid. Hubert Védrine, die onder Jacques Chirac minister van Buitenlandse Zaken was, stelt dat ook Obama het leiderschap van Amerika in de wereld als een gegeven zal beschouwen. ‘Voor de VS’, zei hij tegen een verslaggever, ’vormt Europa geen probleem, geen dreiging en ook geen oplossing voor hun problemen.’

Wat moet Europa dan doen om geloofwaardig aanspraak te kunnen maken op een rol als gelijke in een wereld met meerdere machtspijlers? Het antwoord van Védrine: ontwikkel een realistisch buitenlands beleid dat er vanuit gaat dat de lidstaten van de EU het eens zijn over ‘wat nodig is in de aanpak van Rusland en China’.

Misschien dat u niet bereid bent dit heel serieus te nemen. De bewering van Europa dat de zaken met Rusland niet hun gewone gang hebben, terwijl men ondertussen wel de onderhandelingen over strategische samenwerking heropent met een regime dat nog steeds troepen heeft in Georgië, zal toch vooral door zakelijke overwegingen zijn ingegeven.

Tegelijkertijd heeft China, in wat alles wegheeft van een opzettelijke belediging van zowel de EU als de huidige voorzitter Sarkozy, een topontmoeting afgezegd vanwege het plan van Sarkozy binnenkort de dalai lama te ontmoeten.

Tel daar dit nog bij op: het tonen van Europese eenheid op het gebied van buitenlands beleid bij een echte moeilijke kwestie als nieuwe sancties tegen Iran, zal erg moeilijk worden: volgens de schatting van een Europese functionaris zijn zo’n acht tot tien lidstaten daar tegen.

Een noodoplossing voor het gebrek aan eenheid binnen Europa is misschien te vinden in besloten gesprekken die gaande zijn over het instellen van een soort Europees presidium, bestaande uit Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië, dat de EU het aanzien van een zekere koers moet geven.

Eén van de doelen van dit presidium zou echter zijn de macht te onttrekken aan de Tsjechen en de Zweden, aan wie in 2009 het wisselend voorzitterschap van de EU toevalt en dus een hardhandige scheiding tussen de groten en de kleintjes tot gevolg hebben.

Dit alles geeft toch wel een air van geloofwaardigheid aan de onzekere inzichten over Europa in 2025 waar de Nationale Inlichtingenraad aanspraak op maakt – dat men maar ‘langzaam zal vorderen’ bij het bereiken van de gewenste status van mondiale factor en dat gebrek aan slagvaardigheid bij echte kwesties van de EU wel eens ‘een reus op lemen voeten’ zou kunnen maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden