Column

Hoeveel flexibiliteit kan de arbeidsmarkt nog aan?

Vrijwel ieder bedrijf in Nederland heeft zijn flexschil: een soort vliegende brigade van werknemers die in drukke tijden kunnen worden ingehuurd en in rustiger tijden weggestuurd.

Haast ieder bedrijf kent een mantel van flexwerkers die bij het prilste bestuurlijke zweetdruppeltje afgeworpen kan worden. Beeld anp

Het is een even kleurrijke brigade van werkenden (uitzendkrachten, oproep- en invalkrachten, tijdelijke krachten, payrollers, contractanten zonder vaste uren) als een eredivisievereniging van nationaliteiten.

Een echte definitie van flexwerk is er niet. Net zomin kan precies worden gezegd wanneer de flexibiliseringsgolf is begonnen, hoewel de nota Flexibiliteit en Zekerheid met een pleidooi voor grotere economisch wendbaarheid van minister Ad Melkert van Sociale Zaken uit 1996 wel het beginpunt wordt genoemd.

Daarna is het hard gegaan, veel harder dan in omringende landen. Als de cijfers van het CBS worden genomen, zou nu al ruim een kwart van de werknemers een soort flexcontract hebben. Bij jongeren tot 25 jaar is dat echter een meerderheid. Zeven van de tien bedrijven hebben een flexibele schil.

Maatschappelijke cohesie

Het maakt het Nederlandse bedrijfsleven zeer concurrerend (of wendbaar, zoals Melkert zou zeggen), hetgeen blijkt uit de sterk gestegen export. Maar het heeft ook geleid tot een nieuwe tweedeling in de samenleving en tot groeiende onzekerheid. Hiermee is de maatschappelijke cohesie ondermijnd, wat ook bedrijven kan opbreken.

Dat erkennen nu ook sommige werkgevers. In Het Financieele Dagblad kondigde het Utrechtse advies- en ingenieursbureau Movares, dat 1.100 werknemers heeft, aan de flexibilisering van zijn personeelsbestand dit jaar te zullen terugdraaien: van 15 à 20 procent tot maximaal 10 procent. 'Flex staat gelijk aan mensen aan het lijntje houden en leidt tot scheve verhoudingen', aldus topman Sander Eijgenraam.

Opportunisme

Daarnaast bleek dat de werving van nieuw personeel als gevolg van flexcontracten onzorgvuldiger was geworden. Of bedrijven nemen heel gemakkelijk mensen aan als ze er ook zo weer kunnen afkomen. Wat Movares nu voornemens is te doen, is niet uniek. ING besloot eerder een groep externe callcentermedewerkers weer in dienst te nemen en KPN tweehonderd externe monteurs.

Het is nog te vroeg om nu te gaan vaststellen dat sprake is van een nieuwe trend van 'ontflexibilisering'. Volgens de laatste cijfers van het CBS groeit het aantal flexkrachten nog. Vorig jaar daalde het aantal vaste krachten naar 73,2 procent, een jaar eerder was het 74,5 procent.

Bij het bepalen van de dikte van de flexibele schil speelt opportunisme bij veel bedrijven een rol. Als voor bepaalde functies moeilijk mensen zijn te krijgen - en dat komt vaker voor nu de werkloosheid fors is gedaald - wordt ineens weer gezwaaid met vaste contracten.

Vaststaat dat de flexibele schil eigenlijk niet dikker zou moeten worden als het langetermijnbelang zou prevaleren.

Maar tegenwoordig draait alles om de korte termijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden