Vier vragen over sigarettenrook

Hoe wordt de uitstoot van sigaretten nu bepaald? En wat is er mis mee?

Nieuw hoofdstuk in de affaire van de zogeheten ‘sjoemelsigaretten’: rookwaar die schadelijker is in de praktijk dan de metingen in het lab suggereren. Het RIVM nam de uitstoot van schadelijke stoffen van honderd sigaretten van verschillende merken onder de loep met een andere testmethode, die het rookgedrag realistischer moet nabootsen. Uitkomst: véél hogere waarden van gifstoffen dan de huidige test.

Hoe wordt de uitstoot van sigaretten nu bepaald?

Sigarettenrook mag maximaal 10 milligram teer, 1 milligram nicotine en 10 milligram koolmonoxide bevatten. De Europese Commissie heeft hiervoor een meetmethode voorgeschreven, de zogeheten ISO-methode. Een rookmachine rookt dan een sigaret op en registreert de hoeveelheden van de schadelijke stoffen.

Op die test is kritiek. Bij de ISO-methode staan de filtergaatjes open; zo wordt meer lucht naar binnen gezogen, die zich vermengt met de rook. In werkelijkheid houden mensen de gaatjes met hun vingers gedeeltelijk dicht. Met de ISO-methode pikt de meetapparatuur dus minder schadelijke stoffen op dan de roker in werkelijkheid binnenkrijgt. 

Nu heeft het RIVM honderd sigaretten van verschillende merken geanalyseerd met een realistischer test. Bij deze zogeheten Canadian Intense-methode zijn de ventilatiegaatjes in het filter van de sigaret afgeplakt, wat meer overeenkomt met hoe een roker de gaatjes dichthoudt.

De gemeten waarden zijn 2 tot 26 keer zo hoog als bij de huidige test. Staatssecretaris Paul Blokhuis van Volksgezondheid zegt in een reactie: ‘Dat rokers eigenlijk bij alle sigaretten veel meer gif binnen krijgen dan ze wordt voorgehouden, is zeer zorgelijk.’

Foto de Volkskrant

Als de huidige test zo slecht is, waarom is die dan ooit goedgekeurd?

De tabaksindustrie heeft een machtige lobby in Brussel en daarbuiten. Zo stapten onlangs het RIVM en de voedsel- en warenautoriteit NVWA uit commissies die adviseren over de meetmethoden voor stoffen in tabak. Reden: verreweg de meeste leden in de commissies hebben banden met de tabaksindustrie. Ook de voorzitter van de NEN-commissie Tabak, die werkt aan normen en meetmethoden, was jarenlang werkzaam voor Philip Morris. 

Longarts en anti-tabaksactivist Wanda de Kanter denkt bovendien dat er bij beleidsmakers sprake is van ‘onbewuste onbekwaamheid’. ‘Ook bij ons viel het kwartje pas toen Jeffrey Wigand naar Nederland kwam en obductie deed op een sigaret.’ De Amerikaan Wigand werkte als chemicus voor de tabaksindustrie, maar legt nu als klokkenluider de werkwijze van tabaksfabrikanten bloot. Zijn verhaal is door Hollywood verfilmd in The Insider.

Komt er nu een betere test?

De zaak van de ‘sjoemelsigaretten’ lijkt op die van de ‘sjoemelauto’s’. Ook daar was de industrie nauw betrokken bij het ontwikkelen van een uitstoottest in het laboratorium die gunstig is voor de fabrikanten zelf, maar weinig met de realiteit te maken had. Brussel voerde onlangs een strengere test in om de uitstoot van nieuwe auto’s te bepalen. Of de sigaretten ook een strengere test krijgen, moet nog blijken. Staatssecretaris Blokhuis: ‘Ik ben al in gesprek met Europese collega’s en de Eurocommissaris om sigaretten zonder gesjoemel te meten. Dat is een proces van lange adem, maar ik ga er vol mee door.’ Anca Paduraru, woordvoerder namens Eurocomissaris Vytenis Andriukaitis (Gezondheid) zei woensdag tegen RTL4 dat de lidstaten vooralsnog geen plannen hebben de testmethode aan te passen. ‘De nieuwe onderzoeksmethode is géén betere methode.’

Wat vindt de tabaksindustrie zelf van de kritiek op de meetmethode?

Tabaksfabrikant Philip Morris schrijft in een reactie: ‘Indien vanuit de Europese Tabaksproductenrichtlijn de Canadian Intense-methode verplicht zou worden gesteld, dan zullen wij ons uiteraard aan de nieuwe regelgeving houden.’ Philip Morris vindt dat bij de invoering van een andere meetmethode ook de maximumwaarden moeten worden herzien. ‘Wanneer bijvoorbeeld de Britse overheid zou besluiten om over te stappen van de huidige snelheidsmeting in mijlen per uur naar kilometer per uur zou het immers ook volstrekt onlogisch zijn om de maximumsnelheid niet aan te passen.’ 

Tabaksexpert Reinskje Talhout van het RIVM noemt dit argument van de tabaksfabrikant ‘een prachtig bedacht frame, dat natuurlijk van geen kant deugt’. De huidige meetmethode is volgens haar misleidend, omdat die suggereert dat bepaalde merken minder schadelijke stoffen bevatten dan andere. Bij de Canadian Intense-methode – die realistischer weergeeft wat de roker binnenkrijgt – verdwijnen de merkverschillen vrijwel.