Hoe serieus neemt een uitgever de reisgids?

'Het schrijven van een reisgids wordt in Nederland niet serieus genomen. Uitgevers zien het als een leuke bezigheid.' Is misschien daarom de kwaliteit vaak ronduit slecht?...

STIEVEN RAMDHARIE

DE SCHRIJVER van de succesvolle Egypte-gids is er sinds enige tijd mee opgehouden. Voor hem hoeft het niet meer. Geen geëmmer meer over een té lage beloning, over werken op bijstandsniveau. Geen geklaag over uitgevers die het in hun hoofd halen om voor een boek over pakweg Noorwegen net zoveel te betalen als voor een kostbare Indonesië-gids.

De produktie is bij hem daarom blijven steken op slechts drie titels: Cyprus, Egypte en Indonesië.

Van reisredacteur Martijn de Rooi (39) verscheen in 1993 de ANWB-gids Egypte, oplage tienduizend exemplaren. Een prima produktie, vond hij zelf. 'Het wordt nog steeds als een van de beste Egypte-gidsen gezien', zegt De Rooi met de nodige trots.

Hij werkte er een jaar aan. Voor ongeveer twintigduizend gulden. De Rooi betaalde er zijn ticket mee, evenals de 'zwik onkosten' tijdens zijn langdurig verblijf. 'Want die worden toch niet vergoed door de uitgever.' Wat overbleef, was zijn loon. Een maandinkomen waarvan nog net te leven viel. Nooit meer dus.

De Rooi: 'Het lukt in dit vak alleen als je een partner hebt met een inkomen. Het schrijven van een reisgids wordt in Nederland niet serieus genomen. Uitgevers zien het als een leuke bezigheid. Met als gevolg dat ze voornamelijk werken met de tweede garnituur, lui die er makkelijk over denken. Schrijvers, zoals ik, die veel tijd willen besteden aan zo'n gids, doen het niet meer.'

Hoe staat het met de kwaliteit van de vaderlandse reisgids, geschreven door en voor Nederlanders?

Bedroevend slecht, te oordelen naar de ervaringen van reisschrijvers als De Rooi.

Was het niet een teken aan de wand dat bij de recente bekroning van de beste reisgids van 1995, op de Vakantiebeurs, gidsen van vaderlandse bodem ver te zoeken waren onder de winnaars van de Reizende Zon?

Historica Reinildis van Ditzhuyzen kreeg weliswaar een eervolle vermelding voor haar Zeven dagen Praag, Cultuurhistorische wandelingen, maar voor toegankelijkheid, praktische informatie en fraaie vormgeving moest de jury het toch zoeken bij vertaalde uitgaven: gidsen over Wenen (Capitool Reisgids) en Java van Periplus Editions.

Aan de belangstelling van het publiek kan het niet liggen. De reisbranche wordt al jaren gekenmerkt door een ongekende groei - ruim acht miljoen Nederlanders gaan tegenwoordig voor hun vakantie naar het buitenland - en de honger naar reisgidsen, al of niet vertaald, is eigenlijk nog nooit zo groot geweest. Uitgevers springen daar handig op in.

ER IS DE LAATSTE jaren een moordende concurrentie, het is niet meer bij te houden', zegt Leo Platvoet (44), een van de geestelijke vaders van de Odyssee Reisgidsen, een nieuwkomer op de markt van Nederlandstalige gidsen. 'Vooral de vertaalde Duitse en Engelse series zijn nu een trend. Het is een goedkope manier om het publiek snel te bereiken en het kost aanzienlijk minder dan zelf een gids samenstellen. Jammer, want zo'n vertaalde gids mist doorgaans wel enige kwaliteit.' In de buitenlandse gidsen zitten veel verwijzingen die voor een Nederlandstalig publiek onbegrijpelijk zijn. Platvoet: 'In de vertaling gaat het dan vaak fout.'

Gemakzucht en ronduit zuinigheid, het zijn factoren die ertoe bijdragen dat Nederlandse uitgevers er voor schromen om zelf met enige regelmaat een eigen reisgids op de markt te brengen.

De investeringen zijn groot, zeker voor zo'n klein taalgebied', betoogt B. Luijken (45), redacteur van Gottmer, uitgever van de Dominicus-reeks. 'Een titel kost per druk al gauw een halve ton. En binnen twee jaar moeten die vierduizend boeken ook nog van de plank zijn. Want dan zijn ze al verouderd. De kwaliteit? Ja, het lukt je natuurlijk nooit voor elke gids dezelfde kwaliteit te krijgen. Echt niet.'

Nou moet gezegd worden dat het flink opboksen is tegen gevestigde namen als Lonely Planet, Rough Guides en Moon. Een vaderlandse uitgever moet van goede huize komen, wil hij kunnen concurreren met deze veelal betrouwbare en overzichtelijke reisgidsen uit Australië en Engeland, die door bezoekers van de meest verre bestemmingen al jarenlang op handen worden gedragen.

'Er zijn eigenlijk héél weinig Nederlandse gidsen die de kwaliteit van een Lonely Planet benaderen', vindt Nick Welman (35) van REISbeWIJS, een reizigersorganisatie die een duurzame vorm van toerisme naar de Derde Wereld wil bevorderen. Volgens hem bestaat er een grote behoefte aan goede Nederlandstalige gidsen voor de individueel reizende toerist. Welman: 'Voor een reis naar India heb ik nog nooit een Nederlandse gids gekocht. In het Engels zijn ze toch veel gedetailleerder?'

REISbeWIJS zette onlangs alle reisuitgeverijen op een rijtje, ook de buitenlandse; volgens de organisatie kan er het nodige verbeterd worden. Alleen over Dominicus ('gedegen research'), een van de oudste Nederlandse reisuitgaven, was het oordeel positief.

De Odyssee-serie daarentegen, uitgegeven door Babylon De Geus, wordt weliswaar potentieel 'veelbelovend' genoemd, maar volgens REISbeWIJS schort er wat aan de deskundigheid en nauwkeurigheid. Voorbeeld: de bewering in de gids over Zuid-Afrika dat dit uitgestrekte land bijna geen mogelijkheden biedt voor wandelvakanties. REISbeWIJS: 'Een blunder van jewelste, vergelijkbaar met beweren dat je in Nederland nergens kunt zeilen.'

Van Elmar, uitgever van de bekende Reishandboeken en een van de eerste in Nederland met eigen gidsen over verre bestemmingen, vindt de organisatie dat hij kritischer zou kunnen zijn bij het selecteren van auteurs. Zo zou een schrijver tijdens een informatie-avond foutieve inlichtingen hebben verstrekt en zouden anderen hun gids na slechts één korte reis hebben gemaakt (Ecuador) of hebben samengesteld vanuit de studeerkamer.

Directeur O. Roodnat (50) van Elmar begrijpt de kritiek niet. 'Die bewering over onze Ecuador-auteur slaat echt alles. Ze zijn er met zijn tweeën geweest, een half jaar lang. Bovendien zetten we hier niet zomaar een reisgids in elkaar. Wat een onzin.'

Harri Theirlynck (43), redacteur bij het ANWB-blad Reizen, vindt dat uitgevers zich de kritiek serieuzer moeten aantrekken. Als zij meer geld beschikbaar zouden stellen, zouden er ook betere Nederlandse reisgidsen te koop zijn.

Theirlynck: 'Hobbyisten schrijven nu de gidsen, niet de mensen met een hypotheek. Dat is wel duidelijk. Ze blijven slechts een paar weken in een land en schrijven dan zo'n gids. Het werkt misschien als je naar Spanje gaat, maar het gaat zeker niet op voor een verre bestemming. Misschien kun je op deze manier een redelijke gids samenstellen, maar een goeie natuurlijk nooit.'

De Rooi wijst op het gevaar van deze aanpak. 'Ik ken vrijwel geen enkele reisgids waarin niet een kaart, een stukje tekst of zelfs een hele pagina is overgeschreven. Compleet met fouten. Dat is niet uitzonderlijk. Als je de schrijver sterk onderbetaalt en zelfs als de sluitpost op je begroting beschouwt, krijg je dit soort situaties.'

MET NAME uitgeverijen als Gottmer en Elmar zagen zich de afgelopen drie jaar gedwongen een gids van de markt te nemen nadat bleek dat al te letterlijk was vertaald uit een buitenlands naslagwerk. Bij Gottmer betrof het een Afrika-gids, bij Elmar ging het om het Guatemala Reishandboek. Roodnat bestrijdt dat andere Reishandboeken, zoals Jemen en Bolivia, ook opvallende overeenkomsten zouden vertonen met Lonely Planet-gidsen.

Roodnat: 'In het geval van Bolivia waren een paar kaartjes identiek. We hebben hierover nog contact gehad met Lonely Planet. En onze Jemen-gids is zelfs eerder geschreven dan die van Lonely Planet. Dat kunnen we bewijzen. Vanwege de politieke situatie is het boek echter jaren later verschenen.'

Luijken: 'Als auteur ga je natuurlijk niet het wiel opnieuw uitvinden. Zo'n berg ga je niet opnieuw opmeten. Je hebt bronnen die anderen ook vaak gebruiken.'

Platvoet van Odyssee: 'Er wordt inderdaad té makkelijk overgeschreven. Ik had het laatst met een gids over Tsjechië waaruit je kon proeven dat de schrijver er gewoon niet geweest was. De kunst van een reisgids schrijven is selectief zijn. Je kan in hoge mate zelf je accenten leggen. Daar ontbreekt het echter vaak aan.'

Volgens de voormalige socioloog onderscheidt Odyssee zich van andere uitgeverijen, doordat de auteur full-time reisgidsenschrijver is. Platvoet: 'Af en toe moet je bijspijkeren, maar ik kan er wel van leven.'

Hij reist gemiddeld zeven weken door een land voor een Odyssee-reisgids. 'Dan heb je alles wel gezien.' Een uitzondering was Griekenland waar hij ooit zes maanden verbleef. Hij leest zich van tevoren goed in, met name over de geschiedenis, bezoekt het Nationaal Verkeersbureau en verzamelt wat reisgidsen. Ter plekke rijdt hij overdag rond en tikt hij 's avonds alles op zijn lap top.

De blunder in de Zuid-Afrika-gids? 'Misschien zijn de auteurs geen wandelfanaten. Het is een omissie die we in de tweede druk recht zullen moeten zetten.'

De schrijvers bij Gottmer, zo weet Luijken, zijn onder andere archeologen, kunsthistorici en geografen, die 'ook nog goed kunnen schrijven'. Gemiddeld blijven ze één tot drie maanden weg. 'We zeggen nooit: ga naar Cuba en maak er iets moois van. Onze mensen kennen het land goed, hebben er affiniteit mee. En we worden ook veel benaderd. De gids over Zuid-Spanje is geschreven door studenten die afstudeerden. En het loopt goed', aldus Luijken.

De Rooi heeft een prima idee voor de uitgevers. Zijn ze meteen van het probleem af. Maak elke reisgids gewoon een beetje duurder en geef dat aan de auteur.

De Rooi: 'Maar zelfs daaraan willen ze bij de ANWB niet beginnen. Zolang de honorering niet beter geregeld is, zal de kwaliteit van de Nederlandse reisgids onvoldoende blijven. Als ik nu weer een gids zou willen schrijven, zouden ze me dezelfde twintig mille van twee jaar geleden aanbieden. En de inflatie dan?'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden