Hoe Rutte II na lang beraad één militair naar Mali stuurde

Na de 'flop' van Uruzgan en het trauma van Srebrenica zoekt Nederland naar een manier om het internationale blazoen op te poetsen. Een missie naar Mali moet het worden.

Adjudant Frederik voelt zich soms ongemakkelijk in het Afrikaanse Mali. Ongemakkelijk en alleen. In de bloedhitte van 33 graden logeert hij in een stoffen legergroene tent op het militaire kamp Koulikoro, zo'n 60 kilometer ten noorden van de hoofdstad Bamako. In een vierkantje van vier bij zes staan de legertenten in de roodkleurige aarde bij elkaar, eromheen slechts wat groene bomen en verder een eindeloze woestijn. Om Frederik heen - bij de wastafels, in de kantine - spreekt iedereen Frans of Spaans, en dat valt nog niet mee voor een Hollandse jongen. Soms mist hij zijn maten van de 13de gemechaniseerde brigade uit Oirschot.


De eenzame uitzending van Frederik, sinds half juli, is het enige tastbare resultaat van maandenlange politieke spanning in de coalitie van VVD en PvdA over 'onze' militaire activiteiten in Afrika - spanning die eindigde in een diplomatiek conflict met Frankrijk. De Nederlandse militair is in Mali op een missie van de Europese Unie, de EUTM, en zit daar tussen 80 Spanjaarden, 60 Belgen en 1 Luxemburger die de bewaking van kamp Koulikoro verzorgen. Hij moet het er voorlopig zonder landgenoten rooien. Drie opeenvolgende pogingen van Nederland om een substantiële eenheid Nederlandse militairen in Europees verband naar Mali te sturen, zijn inmiddels mislukt.


Een enthousiast begin

Dat ligt zeker niet aan het enthousiasme op het ministerie van Buitenlandse Zaken. Minister Frans Timmermans ziet begin 2013 in Mali een prachtige kans om de Nederlandse reputatie als voorvechter van de handhaving van de internationale rechtsorde hoog te houden, een taak die zelfs in de Nederlandse Grondwet is verankerd. Na de internationale 'afgang' door het vertrek uit Uruzgan (Afghanistan) als lead nation en de politieke keuze voor de veel minder riskante missie in Kunduz, heeft Nederland ingeboet aan betekenis als internationale speler. De PvdA-minister wil dat graag herstellen. Hij wil bovendien graag iets in Afrika doen. Van oudsher heeft de PvdA veel affiniteit met dat continent. Timmermans' stille wens is dat Nederland - mede op basis van een missie naar Mali - weer een land wordt dat een gooi kan doen naar een tijdelijke zetel in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties.


Het ligt in die dagen ook zeker niet aan het enthousiasme in de krijgsmacht. Defensie-minister Jeanine Hennis-Plasschaert denkt graag mee over een bijdrage aan Mali. Het kan - na de Patriotmissie in Turkije - de eerste serieuze missie worden die ze zelf uitstuurt. Met het einde van de politietrainingsmissie in Kunduz , die dan al in zicht is, is Nederland bijna nergens meer grootschalig actief. De Nederlandse marine treedt op tegen piraterij voor de kust van Somalië, maar die missie gaat ten onder aan haar eigen succes: er zijn bijna geen piraten meer over om te vangen.


Hennis' troepen willen daarom graag weer een missie. Waarom trainen ze anders? Hennis moet bovendien al meer dan een miljard euro bezuinigen. Op haar ministerie heerst de vrees: dadelijk worden we weer gekort omdat we nergens meer actief zijn.


De eerste poging

Een maand lang is de discussie over deelname in Mali tamelijk vrijblijvend. Maar dat verandert als Frankrijk in januari 2013 een interventie pleegt met luchtaanvallen op islamitische jihadisten die oprukken naar hoofdstad Bamako, gevolgd door het sturen van grondtroepen. Niet lang daarna vragen de Fransen steun aan de EU om de regio te stabiliseren.


Tijdens een zogenoemde 'force generation bijeenkomst' op 5 februari in Brussel vraagt de Franse generaal Bruno Guibert hulp aan de militair attachés van de Europese lidstaten: wie is bereid personeel en materieel te leveren?


De Landmacht heeft al geanticipeerd op deze vraag. Er staat een peloton van 25 man force protection (kamp- en trainerbewaking) klaar, met 15 man ondersteuning. Indien nodig kunnen er ook Bushmasters mee, gepantserde voertuigen die bestand zijn tegen bermbommen.


De Nederlandse militaire vertegenwoordiger in Brussel weet dat natuurlijk ook. Maar het loopt anders: als in Brussel de hamvraag wordt gesteld, gaan 22 van de 27 handen omhoog. Alleen Slowakije, Denemarken, Cyprus en Malta zwijgen. En Nederland. Franse diplomaten kijken verwonderd op: wat is er met de Nederlanders aan de hand?


Het antwoord zit in Den Haag, in de fractiekamer van de VVD. Voorzitter Halbe Zijlstra en Kamerlid Han ten Broeke hebben de rem gezet op het plan van Timmermans. Het gaat ze allemaal veel te snel. Het tweede kabinet-Rutte is net uit de startblokken gestruikeld en heeft het oproer rond de zorgpremies ternauwernood overleefd. De VVD heeft in die weken al meer dan genoeg aan zichzelf. Een missie naar Mali, waarbij mogelijk Nederlanders sneuvelen, is het laatste waar de VVD dan op zit te wachten.


Maar dat is niet alles. De liberalen vinden ook dat Timmermans zijn huiswerk slecht heeft gedaan. 'De randvoorwaarden waren te vaag', blikt een betrokkene terug: het is onduidelijk welke taken en welke bewaking de Nederlandse militairen op het kamp in Mali krijgen en hoe eventuele luchtsteun wordt geregeld. Het trauma van Srebrenica, waar aangevraagde luchtsteun niet werd geleverd door de Fransen, is niet vergeten.


VVD'ers ergeren zich bovendien aan Timmermans, die 'veel te warm loopt' en de indruk wekt dat hij zijn zin wil doordrijven. De Fransen wekken op hun beurt ergernis, omdat ze dan zelf al een luchtaanval hebben uitgevoerd in Mali, en pas daarna eens achterom kijken of er iemand wilde meedoen.


Minister Hennis speelt een dubbelrol. Ze aarzelt net als haar VVD-genoten over de randvoorwaarden en de snelheid van het opstarten van een nieuwe missie, maar heeft te maken met een krijgsmacht die juist wel graag wil. 'Zowel Zijlstra als Ten Broeke en Hennis hadden in die beginperiode op wisselende momenten hun aarzelingen en trapten op de rem', aldus een betrokkene.


Het gevolg: de boodschap aan Brussel en Parijs is halfslachtig. Nederlandse diplomaten en hoge militairen in Brussel krijgen te horen dat 'Den Haag' nog geen beslissing heeft genomen. 'De strategie was tijdrekken', zegt een VVD'er. 'Dus geen antwoord geven als de Fransen iets vragen.'


Zijlstra's stopteken veroorzaakt grote frustraties rond het Binnenhof. Topmilitairen stellen vast dat hun minister kennelijk het overwicht mist om de eigen partijtop te overtuigen. In kleine kring typeert een topambtenaar van Defensie het proces als 'fabelachtig slecht' en 'gekmakend'. Een ingewijde zegt: 'Dat was een politieke misser van de bovenste plank van minister Hennis.'


De tweede poging

Op Buitenlandse Zaken is de frustratie niet minder groot, maar daar geven ze de moed niet op. Elke missie kent ploegendiensten. Landen kunnen elkaar afwisselen. Eind mei besluit Timmermans dat hij het nogmaals wil proberen.


Hij voelt zich gesteund na een overleg, begin maart, met het kabinet, de fractieleiding van PvdA en VVD en diverse buitenland- en defensiespecialisten uit de Kamer. Onder leiding van premier Rutte hebben VVD'ers daar uitgesproken dat ze geen principiële bezwaren hebben tegen een missie in Afrika, anders dan PvdA-buitenlandwoordvoerder Désirée Bonis geregeld suggereert in de media.


De VVD-top gaat er uiteindelijk mee akkoord dat Nederlandse diplomaten en militair vertegenwoordigers tijdens EU-topoverleg in Brussel op 14 mei en 11 juni tegelijk met Spanje, België en Luxemburg trainers en militaire beschermers aanbieden. De reden dat Den Haag ineens wel wil? 'Omdat de randvoorwaarden ditmaal wel helder waren', aldus een ingewijde.


De Nederlandse diplomaten praten de blaren op hun tong in Brussel. Toch gaat het weer fout. Spanje, België en Luxemburg bieden samen zo'n 140 man en zijn snel. Nederland biedt - als gebruikelijk - wat later 70 man. Maar daar zitten de Fransen - toch al geërgerd door de aanvankelijke Nederlandse aarzeling - helemaal niet op te wachten, omdat de irritaties al groot zijn en Nederland weer eens laat komt aanzetten.


En er komt nog iets: de Fransen eisen dat ter plekke Frans wordt gesproken. Daartegen heeft Nederland bezwaar. Frans is een taal die Nederlanders veelal slecht beheersen. 'Een Fransman verstaat ons niet, zelfs geen steenkolen-Frans', zegt een militair. De Franse generaal op zijn beurt zit niet te wachten op Hollandse militairen die de commandotaal - Frans - nauwelijks machtig zijn.


Omdat Spanje en België eerder zijn gekomen met hun aanbod, accepteren de Fransen dat. De Nederlanders worden afgewimpeld. De tweede poging culmineert zo in ruzie tussen de hoogste militaire staven in Nederland en Frankrijk. Tijdens een militaire bijeenkomst in Frankrijk medio augustus negeren de Nederlanders en Fransen elkaar. De Nederlanders voelen aan alles dat de Fransen geërgerd zijn. 'Je kunt nou eenmaal niet als laatste in de rij aansluiten en op het eind voorkruipen', zegt een Brusselse betrokkene. Een Nederlandse hoge militair: 'Officieel zeggen Franse militairen tegen ons dat we mogen meedoen, maar ze willen dat helemaal niet. Generaals die ik spreek, zeggen: wij kunnen het zelf en veel beter, en we hoeven geen pottenkijkers.'


De derde poging

Hoe kon het zo misgaan? Dat Nederland eerst te laat kwam en daarna met het verkeerde aanbod, wordt in de kleine kring van defensie-experts beschouwd als 'gestuntel'. 'Het diplomatieke handwerk zijn ze kennelijk verleerd op Buitenlandse Zaken', zegt een betrokkene, met heimwee naar het geoliede internationale spel van vraag en aanbod dat Nederland ooit zo goed beheerste. 'Timmermans is een goede minister, maar hij luistert slecht', voegt hij eraan toe.


Om totaal gezichtsverlies te voorkomen, springen de andere twee Beneluxlanden voor Nederland in de bres. België en Luxemburg vragen permissie aan de Fransen of er dan tenminste nog één Nederlander bij de staf van de beschermingseenheid mag. Zo wordt er één Nederlandse onderofficier naar Mali gestuurd, die deel uitmaakt van de staf vande operatie EUTM. 'Hebben we toch ons vlaggetje daarbij staan', zegt een ambtenaar op Defensie. Adjundant Frederik, die nu in zijn eentje in Mali zit, is daar zonder veel ruchtbaarheid naartoe vertrokken. Vlak voor het zomerreces informeren Hennis en Timmermans de Kamer officieel dat Nederland niet bijdraagt aan de EU-missie in Mali, omdat daar 'geen behoefte aan is'.


Intussen wordt op hoog niveau gewerkt aan het herstel van de verhoudingen met de Fransen. Op 8, 9 en 10 september loopt landmachtgeneraal Mart de Kruif zijn Franse collega's tegen het lijf tijdens een top over defensiesamenwerking op Europees niveau. Vanuit de stad Pau, in de Franse Pyreneeën, twittert hij: 'Conferentie afgerond met toespraak Franse minister van Defensie. Europese samenwerking hier hoog op de agenda. Toch Frans gaan bijspijkeren.'


Op de departementen van Hennis en Timmermans wordt zo veel mogelijk gedaan om het diplomatieke gestuntel en de ruzie met de Fransen hierover onder de pet te houden. Diplomaten wordt verboden met journalisten over Mali te spreken. Een betrokkene bij Buitenlandse Zaken zegt: 'Als er een artikel verschijnt over Mali gaat mijn hoofd eraf.'


Voor Timmermans gloort wel nieuwe hoop. Want in EU-verband mag het mislukt zijn, er komt ook een missie van de Verenigde Naties. Niemand minder dan oud-PvdA-minister Bert Koenders staat aan het hoofd van die VN-missie. Hij staat in zijn hemd als Nederland geen troepen levert. Een kleine 6.000 Afrikaanse blauwhelmen zijn rond 1 juli gearriveerd. Het wachten is nu op de bijdrage van andere VN-lidstaten. Daarvoor vindt een lobby plaats in Den Haag.


Inmiddels is ook in het kabinet de drang om de Nederlandse reputatie te redden zo groot geworden, dat Nederland nu wil gaan deelnemen aan een veel gevaarlijker missie dan aanvankelijk was gepland. De 'makkelijke klussen' in Mali, zoals het trainen van het Malinese leger in een ommuurd en bewaakt kamp, zijn al vergeven aan andere EU-lidstaten. In plaats daarvan koerst het kabinet nu aan op het sturen van commando's naar vijandelijk gebied om daar 'op de grond' inlichtingen te verzamelen.


Het is het gevolg van negen maanden aarzelen en politiek touwtrekken: in plaats van de tamelijk veilige trainingsmissie die de VVD te veel was, begint Nederland aan een serieus militair avontuur, mogelijk met zwaarbewapende commando's, in gevaarlijk oorlogsgebied. Toch wordt doorgezet. Een VVD-coryfee daarover: 'Ze zeggen wel eens: you're as good as your last movie. Laten we eerlijk zijn: onze laatste film was een flop.'


Hoe gevaarlijk is Mali?

Sinds het begin van de Franse interventie in Mali, in januari, zijn tientallen militairen gesneuveld. De meesten van hen kwamen uit Tsjaad en Mali. Zeven Franse militairen zijn omgekomen, de laatste op 30 juli.


'Recente aanslagen van gewapende rebellen en terroristen zijn alarmerend en onderstrepen de uitdaging Mali te stabiliseren', stelde VN-missiehoofd Bert Koenders deze week. Als voorbeelden van de onrust noemt Koenders extremisten die de stad Gao op 7 oktober bestookten met mortiergranaten, de zelfmoordaanslag in Timboektoe op 28 september en de recente vuurgevechten in Kidal.


Grote delen van Mali zijn echter ook rustig. Jihadisten gelieerd aan Al Qaida hebben zich na de Franse interventie grotendeels teruggetrokken in de noordelijke bergen. In dorpen rondom steden houden ze zich schuil tussen de bevolking. Als ze burgers of militairen aanvallen, is dat vaak in kleine groepjes die ergens opduiken.


Nederlandse commando's gaan mogelijk in het noorden, achter vijandelijke linies dus, inlichtingen verzamelen. Franse soldaten die hier eerder dit jaar wekenlang in temperaturen boven 40 graden hebben gejaagd op jihadisten noemen de streek 'planeet Mars', mede vanwege de roodkleurige aarde en de zware fysieke omstandigheden. Ze kamden grot na grot uit op zoek naar jihadisten. Er is hevig gevochten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden