Hoe riant is wachtgeld?

Een vergoeding bij ontslag is vandaag de dag meer regel dan uitzondering. Toch is de rechter doorgaans streng voor de overvragende werknemer; de arbeidsovereenkomst is tenslotte geen levensverzekering....

Ook onderwijspersoneel ontvangt bij onvrijwillige werkloosheid wachtgeld. De basis daarvoor is het Besluit Werkloosheid Onderwijs- en Onderzoekspersoneel (BWOO). Deze regeling geldt zowel voor docenten in het bijzonder onderwijs (werknemers) als voor docenten in het openbaar onderwijs (ambtenaren).

De uitkering ingevolge het BWOO bedraagt tenminste 70 procent van het dagloon (zonder maximum) en overtreft al snel de maximumduur van de WW. Een werkloze 50-plus docent bijvoorbeeld, met twaalf onderwijsdienstjaren ontvangt tot zijn 65ste een wachtgeld van 70 procent van zijn laatstgenoten salaris. De 'gewone' werkloze vijftiger met een bankcarriere bijvoorbeeld, ziet zijn dertigjarig arbeidsverleden beloond met een WW-uitkering van drie jaar.

De uitkering bedraagt 70 procent van zijn 'gemaximeerde' dagloon. Daarna is het trouwe bankverleden nog goed voor een vervolguitkering van 70 procent van het minimumloon, gedurende twee jaar. De kantonrechter kan daarnaast een 'gouden handdruk' ten laste van de werkgever toekennen. Voor de hoogte daarvan zijn salaris, diensttijd en schuld aan het ontslag maatgevend; de kantonrechtersformule.

Wat nu als een met ontslag bedreigde leerkracht vindt dat het schoolbestuur schuld treft aan het ontslag? Is er dan naast het wachtgeld ook nog ruimte voor iets extra's? Kantonrechters gaan dan rekenen. Veelal wordt berekend in hoeverre het wachtgeld de 'gewone' WW in hoogte en duur overstijgt. Dit 'bovenwettelijk' deel legt de kantonrechter naast de uitkomst volgens de kantonrechtersformule en dan bepaalt hij vervolgens of er nog ruimte is voor een extraatje naast het wachtgeld. De kantonrechter Arnhem zette in 1996 de trend; een docente kon tengevolge van haar ontslag aanspraak maken op een totaalbedrag aan wachtgeld van 280 duizend gulden, ruim twee maal een WW-uitkering. Het bedrag van 140 duizend gulden was meer dan een vergoeding volgens de kantonrechtersformule zou zijn. De kantonrechter vond het daarmee welletjes.

Meestal volgen kantonrechters deze lijn. Een enkele keer doen ze het anders. De Delftse kantonrechter bijvoorbeeld vond dat de schooldirecteur met zestien dienstjaren, naast het wachtgeld tot aan zijn pensioen, recht had op zestien extra maandsalarissen. De kantonrechter achtte het waarschijnlijk dat de directeur wel weer aan de slag zou kunnen, maar dan tegen een lager salaris. Van wachtgeld tot het pensioen zou dus wel eens niets terecht kunnen komen. De Amsterdamse kantonrechter aarzelde niet bij een ontslag waarbij de ontslagvolgorde niet juist was toegepast. Naast een wachtgeld gedurende negen jaar, moest de onderwijsinstelling de deeltijddocent met ruim twintig dienstjaren een bedrag van 120 duizend gulden (ongeveer drie jaarsalarissen) betalen.

De arbeidsovereenkomst is dan wel geen levensverzekering, maar voor de oudere werkloze docent, komt het (net als voor de gemeentesecretaris) zo soms aardig in de buurt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden