Hoe representatief waren de aapjes eigenlijk?

De week in wetenschap

Apen die extreem weinig eten, leven langer. Maar leuk is misschien toch anders.

Aapjes die deelnamen aan de studie. Beeld Jeff Miller/U of Wisconsin-Madis

Ik heb woensdag lang zitten kijken naar de foto's bij het bericht dat apen met een heel karig dieet langer leven. Links zagen we een 27 jaar oud rhesus-aapje dat langdurig weinig at, rechts een 29 jaar oud soortgenootje dat altijd gegeten had zoveel het wilde. De hongeraap zag er tanig en alert uit, de schransaap bobbelig en brommerig. Case closed, zou je denken. Minder eten loont. Zo maar doen dan.

Het nieuws was raar nieuws, want oud nieuws over de band. Twee jaar geleden raakten twee onderzoeksgroepen met elkaar in de clinch over hun beider research naar zogeheten calorische restrictie. De Universiteit van Wisconsin zag apenlevens tot tientallen procenten langer worden door hongeren, de National Institute on Aging zag niks. Nu hadden ze eindelijk hun aantekeningen vergeleken en ingezien dat hongeren wel degelijk helpt. Ouderdomsziekten en de dood komen minder snel, mits dat hongeren pas vanaf middelbare leeftijd gebeurt.

Slijtageziekten

De foto's spraken boekdelen, al was de vraag hoe representatief de gekiekte aapjes eigenlijk waren. Hoe dan ook spraken de grafieken in de betreffende Nature-publicatie minder dramatisch.

De levenswinst bedraagt in de meeste gevallen een paar jaar op een natuurlijk apenleven van gemiddeld 25 jaar. Daar kun je, voor de aap en stiekem misschien ook de vrijwillige hongermens, blij om zijn. Uit andere grafieken blijkt echter ook dat alle apen, honger of niet, toch al vanaf hun tiende slijtageziekten vertonen. Bij de vreetaap gaat het verval vooral sneller dan bij de hongeraap.

Obsessie

Al met al is daarom meer de vraag of je het eigenlijk wel moet willen, extra jaren die gevuld zijn met een hongergevoel en fysieke ongemakken. Nu weet ik ook wel dat farmaceuten uit het onderzoek naar calorische restrictie aanwijzingen voor een levenspil hopen te halen, die zonder honger helpt. Maar ouderdom komt met gebreken. En van leven ga je dood.

Het doet me allemaal sterk denken aan het sommetje dat wetenschapscollega Hans van Maanen ooit maakte over het nut van fitness. Jawel, met veel lichaamsbeweging leefde je langer. Maar precies net zolang als de tijd die je daartoe moest doorbrengen in de sportschool, becijferde Hans.

Onze obsessie met langer leven is zoiets als rennen op een loopband: elke stap die je zet is er een extra. Maar je staat ook gewoon stil.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.