Hoe overleef je in Nederland als je nul euro hebt?

Met een nieuwe ronde aan miljarden-bezuinigingen voor de deur is de Volkskrant deze week op zoek gegaan naar de armsten in Nederland. Vandaag het slot van een serie. Helemaal niets hebben, komt hier alleen voor onder illegalen. 'Dit is pas echt een hard bestaan.'

Het is woensdag lunchtijd en Het Wereldhuis in Amsterdam stroomt vol. Zoals op alle doordeweekse dagen wordt er een gratis warme maaltijd verstrekt aan illegalen. Er klinkt Russisch, Engels, Spaans, Nederlands en Arabisch. Er is niet genoeg plaats aan de ronde eettafel voor de ruim dertig bezoekers. De pot schaft witte rijst met bruine bonen, gehakt, champignons en rode paprika. De paprika's en champignons zijn de dag ervoor afgehaald bij kleine Marokkaanse en Turkse groentezaken in een oude volksbuurt. Elke dinsdag tegen sluitingstijd gaat studente sociologie Lydia met een felgekleurde bakfiets kleine winkels langs om naar moderne maatstaven onverkoopbare groente, fruit en broden op te halen. Die brengt ze naar het Wereldhuis, een ontmoetingscentrum voor illegalen van de protestantse diaconie. De hoeveelheid is genoeg om de hele week van te eten.


De oogst: 90 bakjes groene druiven, een plastic zak vol champignons, een kartonnen doos gevuld met kromme komkommers en gekreukelde radijsjes, tien platte Marokkaanse broden, vier kroppen ijsbergsla, handen vol overrijpe avocado's, artisjokken en acht trossen bananen. Lydia keurt de giften voordat ze die inlaadt. Een lading beschimmelde blauwe druiven gaat de vuilcontainer in. De rest is goed genoeg. 'Kijk deze bananen; de schil zit vol bruine vlekken en daarom zijn ze onverkoopbaar. Maar rijpe bananen zijn juist op hun lekkerst.'


Woensdag lunchtijd domineren de Afrikaanse mannen in Het Wereldhuis. Na de maaltijd hangen ze nog wat rond of kruipen achter de computer om te facebooken. Een aantal heeft een afspraak met de maatschappelijk werker. Een Afrikaanse vrouw komt voor het eerst. Ze vraagt verlegen om een consult bij Dokters van de Wereld, die kosteloos spreekuur houden in het historische pand aan de gracht.


De vrijwel onzichtbare wereld van de naar schatting 100 duizend illegalen in Nederland is een klassemaatschappij op zich. Boven aan de ladder - criminelen buiten beschouwing gelaten - staan degenen die erin slagen een redelijk inkomen uit zwart betaalde arbeid te vergaren. Dat zijn veelal vrouwen. Zij hebben de meeste kans op stabiel werk, in de schoonmaak bij particulieren met name. En door hun netwerk lukt het hen doorgaans om een woning te vinden, vaak voor een hoge prijs in illegale onderhuur of inwonend bij een alleenstaande man, in ruil voor huishoudelijke of soms seksuele wederdiensten.


Uitgeprocedeerde asielzoekers die niet terugkeren naar hun land, illegale Afrikanen en ouderen vormen de onderklasse. Ze hebben weinig kans op werk en kunnen alleen terugvallen op landgenoten, met overbevolkte flatwoningen tot gevolg.


De diepste armoede komt voor onder werkloze illegalen die hier al 15, 20 jaar zijn en wiens netwerk is uitgeput. De meeste illegalen logeren de eerste jaren bij landgenoten of familieleden. Ze trekken van adres naar adres. Slapen op banken en matrassen. Op een gegeven moment is de bereidheid of mogelijkheid te helpen bij de gastheer of -vrouw op en kunnen ze nergens meer terecht. Dat is het moment dat ze naar Het Wereldhuis komen. Voor een maaltijd of advies wat te doen. Hier ontmoeten alle klassen elkaar. Ze wisselen tips uit waar gratis koffie is te halen, hoe je een briefje met een verzoek om schoonmaakwerk formuleert voor op het prikbord bij de supermarkt. 'We zeggen eerlijk dat hun perspectieven in Nederland heel klein zijn. Het enige wat wij kunnen doen is een plek bieden waar ze even geen illegaal zijn, maar mens', zegt medewerker Federica.


Veel illegalen lijden aan slapeloosheid, depressie en eenzaamheid, ziet Federica. Hun dagelijks bestaan draait om het vinden van twee basale levensbehoeften: onderdak en eten. 'Ze leven in sociale en materiële armoede. Ze moeten misbruik of mishandeling tolereren in ruil voor een slaapplaats. En kampen met een gebrekkige gezondheid door weinig en slecht voedsel. Moeders hebben niet genoeg geld voor luiers en babyvoeding, jonge mensen lopen met middeleeuwse gebitten vol gaten en rotte tanden. Mensonterend vind ik dat. Hun dagelijks leven is vol leegte. Wachten, zoeken, wachten. Sommigen zie je een beetje opbloeien in Het Wereldhuis. Het is niet alleen een maaltijd die hen hier brengt, maar ook sociale contacten en ontwikkeling; een taal- of computercursus.'


De mogelijkheid illegalen te steunen worden beperkter, merkt Het Wereldhuis. Fondsen voor perspectieflozen worden kleiner. Alleen illegalen die kansrijk zijn in hun procedure voor een verblijfsvergunning komen nog in aanmerking. Het Fonds Gevolgen Vreemdelingenwetgeving biedt 200 euro voor een alleenstaande en 400 euro voor een gezin. Daarvan kunnen ze vaak alleen een kamer huren.


Met als gevolg dat steeds meer illegalen de weg naar Het Wereldhuis zoeken, in de hoop daar nog hulp te krijgen. Maar ook daar zijn de middelen beperkt.


Alleen 'heel schrijndende' gevallen - ernstig zieken - en moeders met kinderen kunnen een paar maanden op financiële steun rekenen: 100 euro per maand.


Zoals Cindy, een Surinaamse alleenstaande moeder van 25 jaar. Ze zit tijdens de lunch stilletjes in een hoek, haar baby van 6 maanden slaapt in een hypermoderne lichtgroene wagen. Ze eet niet mee 'want ik heb net ontbeten'. Ze komt voor haar maandelijkse afspraak met de maatschappelijk werkster. Die ontvangt haar in een sober kantoor. Eerst krijgt Cindy op haar kop, omdat ze te laat is en telefonisch onbereikbaar was. Gelaten: 'Ik ben mijn telefoon kwijtgeraakt.'


De maatschappelijk werkster schrijft een nota uit en geeft Cindy twee briefjes van 50 euro. Daar moet ze het een hele maand mee doen. Hoe ze dat voor elkaar krijgt? 'Mijn zus en andere familieleden helpen mij. Van hen krijg ik kleertjes voor mijn kinderen en we eten vaak bij hen. De gemeente betaalt de huur van mijn kamer.' Ze rooit het al sinds haar 13de. Toen overleed haar moeder en vertrok ze uit Suriname naar Nederland, omdat alleen hier nog familieleden woonden.


Ook de Turkse veertiger, moeder van een 20-jarige dochter, komt haar maandelijkse 100 euro ophalen. Ze heeft er een fietstocht van 50 minuten op zitten. Ze hijgt. 'Ik ben ziek, daardoor kan ik niet meer werken. Ik heb van alles gedaan: schoonmaken, op markten staan, zelfgemaakte etenswaren verkopen. De bijdrage van Het Wereldhuis is het enige wat ik heb. Terug naar Turkije kan ik echt niet', klinkt het beslist.


Illegalen krijgen het moeilijker en moeilijker. De hulp die er is, wordt minder. Overal is geldgebrek, ook bij de protestantse diaconie, weet medewerker Federica. 'Veel mensen die hier komen, hebben helemaal niets. Geen vaste woonplaats, geen geld, nauwelijks te eten. Dat is pas echt een hard bestaan. Ik vraag mij vaak af hoe zij dit volhouden. Als ik het op de man af vraag, is het antwoord vaak dat je beter in Nederland niets kan hebben dan een uitzichtloos leven in eigen land. Want hier heb je dagopvang, Het Wereldhuis én vrijheid.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden