Hoe onbelangrijker een minister, hoe verder weg van Rutte

Een blik in de Trêveszaal: regeren is positioneren

De eerste keer dat u het derde kabinet van premier Mark Rutte in de Trêveszaal ziet zitten, is tevens de laatste keer. Rutte laat altijd een foto maken van de eerste vergadering van zijn kabinetten. Tafelschikking gezien, deurtje dicht en tot ziens bij Rutte IV.

Rutte en zijn ministers in de Trêveszaal. Foto Freek van den Bergh / de Volkskrant

Elke vrijdag is in deze overdadig gedecoreerde ruimte de geheimste vergadering van Nederland, de ministerraadsvergadering. De notulen ervan worden pas na 25 jaar openbaar. Waar welke minister zit aan de lange ovalen tafel, dat bepaalt de minister-president. Zijn doel is maximale controle om de volgens ervaringsdeskundigen 'best voorbereide vergadering van het land' zo soepel en snel mogelijk te laten verlopen.

Bewindspersonen van dezelfde partij moeten niet bij elkaar zitten. Dan dreigt blokvorming en dan wordt het voor voorzitter Rutte moeilijk het grote gezelschap te managen. Rutte I en II kenden niet alleen minder ministers - twaalf en dertien - er zaten ook maar twee partijen aan tafel. Nu zijn het zestien ministers verdeeld over vier partijen. De onbezette stoelen zijn voor staatssecretarissen die mogen aanschuiven als hun beleidsterrein op de ministerraadsagenda staat, of als 'hun' minister afwezig is.

Uit de foto blijkt dat Rutte er net als de vorige keren voor heeft gekozen de vicepremiers tegenover hem te zetten, in het midden. Ook gebruikelijk: de minister van Financiën zit aan zijn rechterhand. Vicepremiers ten spijt, Wopke Hoekstra is op Rutte na de belangrijkste bewindspersoon van dit kabinet. Ministers met 'aanpalende beleidsterreinen' zitten ook bij elkaar: Buitenlandse Zaken bij Defensie en Sociale Zaken bij Economische Zaken. Hoe onbelangrijker een minister, hoe verder weg hij of zij van de primus inter pares zit. Dat lot treft de 'voor-ministers' Dekker en Bruins.

De minister van Financiën Wopke Hoekstra zit aan de rechterzijde van Mark Rutte. Foto Freek van den Bergh / de Volkskrant

Formeel

In een debat met de Tweede Kamer onthulde premier Rutte dat zijn ministers elkaar niet tutoyeren en alleen bij de achternaam aanspreken. 'Om daarmee ook in de ministerraad, hoewel zonder media en in de beslotenheid, een zekere formaliteit aan de vergadertafel te handhaven.' Oud-minister-president Willem Drees (PvdA) en zijn vertrouwde vicepremier Louis Beel (KVP) maakten daarop begin jaren vijftig voor zichzelf een uitzondering. Ze spraken elkaar aan met 'Wim' en 'Louis'.

'Regeren is soms slavenwerk', schreef minister van Economische Zaken Koos Andriessen in 1990, 'maar je zit er wel netjes bij.' Voor alle ministers behalve de premier is de Trêveszaal nieuw. De zaal - zeventien meter lang en acht meter breed, met uitzicht over de Hofvijver en gedecoreerd met kilo's bladgoud - moet gasten overweldigen. In 1608 werd er onderhandeld over het Twaalfjarige Bestand. Vandaar de naam: trêve betekent wapenstilstand. Vier eeuwen geleden onderhandelden twee partijen, nu vier.

De vicepremiers zitten tegenover premier Mark Rutte. Foto Freek van den Bergh / de Volkskrant

Eén routinier tussen vijftien nieuwkomers

Vijftien van de zestien ministers van Rutte III bungelen helemaal onderaan het lijstje van Lukas Burgering, oud-journalist en tegenwoordig communicatieman. Ze hebben een 1 achter hun naam: sinds één dag in dienst. De voormalig politiek verslaggever van de NOS houdt bij hoeveel dagen ministers in functie zijn (geweest). Vertrekkend minister Henk Kamp heeft het geschopt tot plek twaalf.

De lijst van Burgering telt terug tot revolutiejaar 1848, het jaar waarin koning Willem II zijn macht overdroeg aan zijn ministers. Sindsdien heeft Nederland 543 ministers gehad (inclusief de vijftien nieuwelingen van Rutte III). Met 6.883 dagen is KVP'er Joseph Luns recordhouder van het langste ministerschap. Hij was minister van Buitenlandse Zaken tussen 1952 en 1971.

Kabinet Rutte-III in de Trêveszaal. Foto Freek van den Bergh / de Volkskrant

De nummer twee stamt uit recenter tijden: PvdA'er Pronk was tussen 1973 en 2001 in vier kabinetten minister (opgeteld 6.325 dagen). Op plek drie staat oud-minister Ruud Lubbers (CDA) met 5.994 dagen, hij heeft wel het record langstzittende premier op zijn naam met 4310 dagen (van 1982 tot 1994). Marga Klompé (KVP) is niet alleen de eerste vrouwelijke minister, maar ook de vrouw die dat het langst volhield. Ze staat op plek 14, was tussen 1956 en 1971 4.039 dagen minister.

Met VVD'er Henk Kamp verliest het Binnenhof een van zijn meest doorgewinterde politici. Hij was sinds 2002 minister op vier departementen: VROM, Defensie, Sociale Zaken en Economische Zaken, al met al 4.247 dagen. Net iets minder dan partijgenoot en oud-minister van Financiën Gerrit Zalm (die de afgelopen maanden terugkeerde als informateur): 4.260 dagen.

Enkele voormalig staatssecretarissen maken hun opwachting in Rutte III, maar verder balt het hele politieke geheugen van het kabinet zich samen in de man die er leiding aan geeft. Hij is premier sinds 2010, 2.570 dagen. Het levert hem plek 54 op in de ministersranglijst en plek zeven tussen zijn veertig voorgangers. VVD'er Klaas Dijkhoff verdient met zijn plek 523 een eervolle vermelding. Hij was dit jaar 23 dagen minister.


Meer over de eerste dag van Rutte III

Raad de politicus
Nieuwe politici en bekende gezichten in andere rollen. Kent u deze Haagse hoofdrolspelers? Doe hier de quiz.

Blikvangers
Donderdag daalde het kersverse kabinet-Rutte III af van de trappen van Paleis Noordeinde. Bekijk hier de bordesfoto's.

Wie staat waar, wat mag wel, en wat niet?
Gepaste kleding, humeur en positie: dit zijn de (ongeschreven) regels van de bordesfoto.

``