Hoe nieuw zijn Asschers plannen tegen jihadisten?

Tien jaar na de moord op Theo van Gogh worstelt Nederland opnieuw, of eigenlijk nog steeds, met radicaal-islamitische jongeren. Het kabinet grijpt het begin van het nieuwe politieke seizen aan, na een zomer vol internationaal geweld, om de burger een hart onder de riem te steken. De boodschap is: de rechtsstaat beschermt u. Wat gaat het kabinet precies doen? De aanpak van radicalisme is, zo lijkt het, in tien jaar weinig veranderd.

Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Integratie in perscentrum Nieuwspoort. Beeld anp

Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken (en Integratie) spreekt vandaag geruststellende woorden in De Telegraaf. Hij verplaatst zich in de man op straat die schrikt van het zien van IS-vlaggen in zijn wijk. 'Dan voel je je bedreigd. Het is belangrijk dat de overheid dan optreedt. We zullen duidelijk maken dat we maatregelen nemen om het land te beschermen.'

De details van die maatregelen 'tegen radicalisering en jihadisme' bewaart de minister voor een brief die hij binnen twee weken samen met minister Ivo Opstelten van Justitie aan de Tweede Kamer stuurt. De krantenlezer moet het vooralsnog doen met de grote lijnen die Asscher schetst. Wat hij de burger daarin voorschotelt, is verre van nieuw.

Haatimams en radicale jongeren
Hij richt zich op het aanpakken van haatimams en het deradicaliseren van jongeren. Imams uit het buitenland krijgen geen visum als ze hier haat willen preken, zegt de minister. Nederlandse imams die haat zaaien, wil hij 'het leven lastig maken', bijvoorbeeld door burgemeesters met hen in gesprek te laten gaan. Hij belooft zelf ook met imams te gaan praten. Jongeren die vatbaar zijn voor radicale ideeën wil hij 'weerbaar' maken. Om radicalisering tegen te gaan wil het kabinet 'sleutelfiguren' trainen.

Het is allemaal niet nieuw. In 2004 beloofden minister Johan Remkes (VVD) van Binnenlandse Zaken en Piet Hein Donner (CDA) van Justitie moslimjongeren met allerlei programma's te behoeden voor het terroristische pad en hard op te treden tegen haatimams. Nu vervult het duo Asscher en Opstelten die rol. Asscher haalt zelf in het interview de maatregelen aan die na de moord op Van Gogh zijn ingezet. 'Deradicaliseringsprogramma's zijn er al, maar die krijgen een impuls. Tien jaar geleden gebeurde dat natuurlijk ook al, maar nu is dat opnieuw nodig.'

Remkes en Donner in november 2004: 'Godsdienstijver, idealisme, de moed van een eigen overtuiging achten wij een deugd, tot het moment dat zij met geweld ook anderen de eigen overtuiging wil opleggen of respect daarvoor wil afdwingen.' Asscher vandaag: 'Een van de grootste vrijheden die we hier hebben, is de vrijheid van godsdienst. Maar die mag niet worden misbruikt.'

Ook zelfde geluiden in Kamer
De gelijkenis houdt niet op bij de bewindslieden. Geert Wilders, toen net uit de VVD gestapt en op het punt een eigen partij te beginnen, pleitte voor het uitzetten van 'honderd tot tweehonderd radicale moslims' die op de radar stonden van de AIVD.

En destijds was het Maxime Verhagen, fractieleider van het CDA, die opriep tot het inperken van grondrechten van extremisten. 'Dan denk ik aan vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van vergadering.' Het voorstel stuitte op bezwaren van VVD en PvdA. Toenmalig PvdA-Kamerlid Jeroen Dijsselbloem waarschuwde voor 'onder druk van terrorisme de rechtsstaat op de helling zetten'.

Oud-minister Johan Remkes in juni van dit jaar. Tien jaar geleden kondigde hij als minister van Binnenlandse Zaken maatregelen aan tegen radicale moslims in Nederland. Beeld anp

Nu wil CDA-leider Sybrand Buma de vrijheid van meningsuiting begrenzen. Hij opperde vorige week om het verheerlijken van geweld strafbaar te stellen. Aanleiding was de onthoofding van de Amerikaanse journalist James Foley door een beul van IS. Zijn dood werd op internet door sommigen met gejuich ontvangen. Dit keer verwierp VVD-minister Opstelten het CDA-plan. Hij zei geen 'gedachtepolitie' te willen.

Sinds 2006 minder aandacht voor radicale jongeren
De laatste nota over jihadisme van de AIVD, van juni 2014, verklaart hoe het kan dat de geschiedenis zich herhaalt. 'Na de veroordeling van leden van de Hofstadgroep in 2006 (waar Mohammed B., de moordenaar van Van Gogh, deel van uitmaakte, red.) leken radicale moslimjongeren steeds minder bezig met het plannen van aanslagen in Nederland, maar eerder met het verstoren van bijeenkomsten en het doen van provocerende uitingen.' Het 'homegrown jihadisme' kwam nog maar 'incidenteel in de publieke aandacht'.

Vorig jaar bracht het fenomeen Syriëgangers daar verandering in. Ruim honderd mensen vertrokken in 2013 naar de slagvelden van de Syrische burgeroorlog, dat aantal is dit jaar enkel gegroeid. Tot verbazing van velen, schrijft de AIVD. 'Het jihadisme in Nederland bleek veel krachtiger dan veelal werd aangenomen.'

Minister Asscher verwoordt in De Telegraaf de kabinetsreactie op die verbazing. Hij spreekt over 'maatregelen om jihadreizigers te stoppen en te voorkomen dat er nieuwe aanwas komt'. Het is volgens hem zaak om 'ervoor te zorgen dat de samenleving zich niet gek laat maken, dat de radicalen niet winnen'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.