Hoe Merkel de machtigste werd

2011 was het jaar van Angela Merkel. De Duitse bondskanselier ontpopte zich als machtigste leider van Europa. Opvallend, want eigenlijk deed Merkel in 2011 niets anders dan wat ze altijd al doet: afwachten en niet halsoverkop beslissingen nemen.

Voor de Amerikaanse pers is het duidelijk: op het gebied van Europees leiderschap was 2011 het jaar van Angela Merkel, de Duitse bondskanselier. The Washington Post had er zelfs een 'kenner' van leiderschap voor uitgenodigd: 'Het lijdt geen twijfel', zegt deze Tom Peters, 'dat Merkel met een sluwe, koppige politieke gymnastiekoefening een heel continent, en misschien ook de rest van de wereld, haar wil heeft opgelegd.'


Meerdere Amerikaanse commentatoren komen tot dezelfde constatering. In de woorden van Time Magazine: 'De Europese Unie en de euro zijn opgericht om ervoor te zorgen dat er nooit meer een Duitse leider zou komen die Europa domineert. Maar in de strijd om de EU en haar munt te redden, is Merkel de dominante kracht.'


Het klinkt leuk, maar klopt het ook?


Een groot deel van 2011 werd juist geklaagd dat Merkel te weinig deed aan de eurocrisis. Ook zal je in Duitsland geen politicus vinden die zegt dat het land daadwerkelijk Europa wil domineren. En van de Duitse bevolking is 55 procent eerder ontevreden dan tevreden over het werk van haar bondskanselier in de EU.


Wel was in Duitsland dit jaar een opvallend nieuwe toon te horen. Het feit dat Duitsland na de wereldwijde financiële crisis als sterkste Europese economie uit de bus was gekomen, begon langzaam tot het besef te leiden dat het land ook eisen kon gaan stellen voor zijn financiële garanties.


'In Europa wordt nu Duits gesproken', zei een hoge CDU-functionaris eind oktober trots. Hij wilde daarmee zeggen dat de heilige Duitse drie-eenheid van schuldenrem, begrotingsdiscipline en sterkere financiële controle nu zelfs in Spanje en Italië is ingevoerd.


Dat Merkel de juiste persoon was voor deze nieuwe Duitse status werd lang vooral betwijfeld. Bij veel binnen- en buitenlandse commentatoren bleef er steeds een soort onwennigheid bij het type-Merkel - het tegendeel van de leider op de apenrots, één zonder de bravoure van Gerhard Schröder of de koppigheid van Helmut Kohl.


Vanaf de eerste financiële crisis in 2008 tot en met het midden van 2011 kreeg Merkel steeds dezelfde kritiek: ze zou te lang afwachten, geen visionair zijn, met alle winden meewaaien. Nu worden diezelfde eigenschappen gebruikt om haar nieuwe gewicht in Europa te beschrijven.


In veel terugblikken heet het nu lovend dat ze eisen heeft gesteld, en niet halsoverkop geld en garanties heeft toegezegd. Ze wordt, door critici en bewonderaars, de ijzeren kanselier genoemd. En zelfs het invloedrijke weekblad Der Spiegel, dat sinds 2009 haar val zeker drie keer heeft uitgeroepen, noemt Merkel ineens 'standvastig'.


Echt veranderd is ze zelf overigens niet. Het is eerder zo dat Merkels veelbekritiseerde pragmatisme ineens in haar voordeel blijkt om te slaan. Zo heeft ze in de loop van 2011 haar opstelling tegenover Europa aangepast. In haar regeringsverklaringen was tot dit jaar vooral sprake van het Duitse belang bij de redding van de euro; later ging het ineens over de noodzaak tot 'meer Europa'.


Dat betekent niet dat de belangen van Duitsland ineens minder belangrijk zijn geworden, integendeel. Toen begon door te dringen wat er op het spel stond, kwam Merkel bij haar kiezers met een nieuwe Europese boodschap: de euro dient niet gered te worden uit solidariteit, maar omdat ze vindt dat er voor Duitsland in een sterk Europa meer te winnen is.


Merkels strengheid tegenover haar partners hoort ook bij deze afweging. Voor een Europa waar Duitsland zich financieel veilig voelt, dient de begrotingspolitiek van een aantal landen grondig te veranderen - te 'verduitsen'.


Maar of je dat dominant leiderschap kunt noemen? Het werkt anders, minder Amerikaans. Om haar zin door te voeren, moet Merkel met Frankrijk samenwerken en met Nederland, Finland en Oostenrijk om de tafel gaan. En als Merkel de gevoeligheden rond Duits leiderschap nog niet kende, dan heeft ze die in 2011 meer dan ooit ondervonden, gezien alle commentaren in Griekenland, Spanje en Engeland waarin ze als nazi werd weggezet.


Na de laatste eurotop bleek juist deze pragmatische opstelling meer resultaat op te leveren dan was verwacht. Daarom zeggen haar bewonderaars nu luider dan ooit dat haar 'typische' afwachtende houding een teken van kracht is: 'Ze heeft haar hakken in het zand gezet', schrijft Time, 'en oefent evenveel invloed uit door wat ze doet als door wat ze niet doet.'


Dat is de paradoxale strategie van een Duits politicus: wil hij Duitse belangen in Europa veiligstellen, moet hij alle schijn van dominantie vermijden. Merkel is ook eind 2011 daarom nog steeds geen ouderwetse leider op de apenrots, eerder eentje die een koele balanceeract onderneemt tussen Duitse- en Europese belangen, tussen oude gevoeligheden en de nieuwe economische realiteit.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden