Hoe macht werkt op 'The Hill'

Het politieke bedrijf in de hoofdstad van de wereld heeft een enorme aantrekkingskracht op allerlei ambitieuze types. Lobbyen is een enorme industrie geworden, die draait om geld en ook nog een beetje om de kwaliteit van de argumenten.

Senator Joe Manchin (L) van West Virginia in Capitol Hill.Beeld AP

De grote Richard Holbrooke staat in een urinoir van het Witte Huis, in 2010. 'Eric, ik ben zeer teleurgesteld in je', zegt de topdiplomaat tegen de jongen die naast hem staat te plassen.

Holbrooke stichtte ooit vrede in Bosnië en hoopt nu hetzelfde te doen in Afghanistan. Minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton heeft hem dat gevraagd. Vanzelfsprekend. Hij ziet zichzelf als hoofduitvoerder van de historie. Helaas voor hem: president Obama en zijn adviseurs zien dat niet zo. 'The ego has landed', sms'en ze naar elkaar op hun blackberry's als hij is gearriveerd voor een overleg. Om het ijs te breken wil de gezant een 1:1 gesprek met de president.

'Je hebt me nog steeds niet binnen weten te loodsen bij David', zegt hij tegen Eric, lichtelijk gepikeerd. Eric is de student die Obama's koffers droeg tijdens de campagne van 2008. Hij werd na de verkiezing assistent van David Axelrod, de grote strateeg achter de president. Eric zit in de kamer naast 'Axe' en deze zit in de kamer naast de Oval Office. Dat is de reden dat de topdiplomaat de tassendrager helemaal achtervolgd heeft tot in de wc. Holbrooke is nu twee deuren verwijderd van de allerhoogste. Eric Lesser moet hem toegang geven tot Axelrod en die moet hem toelaten tot Obama. Maar ook nu zal het er niet van komen.

Het verhaal staat in het boek This Town, een vermakelijke cultuurschets van Washington DC, geschreven door Mark Leibovich van The New York Times. De niet zo toevallige ontmoeting in de plee zegt veel over hoe het eraan toe gaat in de krochten van Amerika's hoofdstad. Het allerbelangrijkste is de macht: hoe je haar kunt verwerven en behouden, ondermijnen en afpakken, kneden en hinderen, volgen en sturen. Het op één na belangrijkste is de afstand tot de macht: hoe dichterbij, hoe hoger je status.

Holbrooke stootte door tot de men's room van het Witte Huis, kreeg een afspraak met Axelrod, kwam tot op één deur van de president maar dat was het. Zijn Afghanistanmissie maakte hij niet af, in december 2010 bezweek hij aan een gescheurde aorta.

Triomf en tragedie liggen niet ver uit elkaar in Washington. Het leven in het zenuwcentrum van 's werelds levendigste en machtigste democratie is zowel meeslepend als meedogenloos. We denken er vertrouwd mee te zijn. Alles weten we van de Obama's, de Clintons en de Bushes. Tegelijkertijd is de stad een abstractie. Een symbool van volksmacht maar ook van verspilling, van bevrijding maar ook van bezetting. Voor de terreurverdachte die na '11 september' van straat werd geplukt en in een juridisch niemandsland verdween, is ze een bron van haat. Voor de yezidi die zich afgelopen zomer in doodsangst voor Islamitische Staat op een berg had verschanst, was ze een bron van hoop. De enige.

Aanraakbare macht

De stad oogt overzichtelijk. Staand op de heuvel met Kennedy's graf in Arlington, zie je hoe zij zich aan de overkant van de rivier de Potomac ontvouwt. De 'cool magnificence of space, the calm of marble'. In het oog springen de zuil van het Washington-monument, Capitol Hill met de koepel van het Congres en het Lincoln Memorial met in de buurt het State Department, het ministerie van Buitenlands Zaken. Ergens daartussenin ligt het Witte Huis, met in de omringende straten de denktanks, lobbyisten, advocaten, consultants en media. Het Pentagon, het bunkerachtige, vijfhoekige ministerie van Defensie, bevindt zich vlak naast je.

Het ademt macht, benaderbare, aanraakbare macht. Je kunt aan het hek bij het Witte Huis proberen door de ramen naar binnen te gluren. Maar je ziet niks. Wat gaat er schuil achter de monumenten en de abstractie? Hoe werkt het in de hoofdstad van de wereld? Wat beweegt de spelers? Hoe komen de besluiten tot stand die zich overal op de aardbol doen voelen?

Een jonge Europese diplomaat begint meteen over de dadendrang bij zijn tegenspelers. Velen zijn vanuit Obama's campagneteam doorgestroomd naar regeringsfuncties. 'Gisse jongens en meisjes. Allemaal ambitieus. Anders was je wel in Minneapolis of Tucson gebleven. Ze weten dat ze er kort zitten, straks komt er weer een andere president met andere mensen. Ze geven alles. Dit is hun kans. Diezelfde drive vind je niet in Brussel.'

Ze geloven heilig in de maakbaarheid der dingen. De diplomaat: 'Ik zat hier nog maar kort en was bij een lunchbijeenkomst met oud-ambassadeur Thomas Pickering. Nog geheel op zijn Europees noemde ik natuurlijk honderd redenen waarom het nooit wat kon worden met Afghanistan, totdat Pickering me afkapte. 'Wij Amerikanen geloven in shaping things. Anders zit je maar met de armen over elkaar academisch te somberen. We worden betaald om dingen vorm te geven.' Zeg dat in Europa en je wordt al gauw pretentieus genoemd.'

Geldingsdrang, ambitie - de hoofdstad van de Verenigde Staten is ervan doortrokken vanaf haar geboorte in 1800. Ze begon als een modderig dorp in een stinkend en dampend moeras in het Zuiden. Het waren slaven die haar hielpen opbouwen. Rome, Athene en Parijs stonden model, met een Capitool vol Corintische zuilen, pleinen met ruiterstandbeelden en eindeloze avenues en straten. The city of magnificent intentions, schreef Charles Dickens in 1842.

De stad van de grootse bedoelingen weerspiegelde de verheven pretenties van een piepjonge natie, die bij haar geboorte verklaarde dat alle mensen gelijk geschapen zijn en recht hebben op leven, vrijheid en het zoeken naar geluk. In de Nieuwe Wereld ging de mensheid in de herkansing. Eerst was er nog de burgeroorlog over de afschaffing van de slavernij. Daarna richtte ze de blik ook overzee en ging ze de strijd aan met autoritaire, dictatoriale en totalitaire regimes. Haar staat van dienst bestaat uit overwinningen en nederlagen. Het recente martelrapport herinnert eraan dat het land zich van tijd tot tijd kan vergeten. Maar altijd bleef de pretentie.

'We zien ons nog steeds als het verlichte huis op de heuvel, met een speciale verantwoordelijkheid voor anderen', zegt een Amerikaanse liaison officer die veel werkt met het Congres. Zij doelt op het 'exceptionalisme', het idee van Amerika als een bijzondere mogendheid met een bijzondere missie. Hans Binnendijk, een denktankexpert met Nederlandse wortels, gaat er ver in mee. 'We zijn bereid offers te brengen voor andere landen. Dat doen we steeds. Dus zijn we hier allemaal exceptionalisten.' Alleen, waarschuwt hij: draag het niet uit als een evangelie. De realiteit in Irak en Afghanistan geven de grenzen aan van wat Amerika kan.

De inmiddels overleden Richard Holbrooke,Beeld epa

Blanke enclave

Het is de spanning tussen ideaal en werkelijkheid waarmee Washington constant worstelt. De stad en omgeving zijn uitgegroeid tot Amerika's rijkste regio. Er wordt veel geld verdiend door iedereen die meedraait in het politieke bedrijf en iets voorstelt, of ze nu regeringsadviseur, volksvertegenwoordiger, lobbyist, consultant, tv-presentator of -commentator zijn. Ze zijn bijna allemaal blank. Zwarten en Spaanstaligen doen nauwelijks mee, net zo min als de '99 procent'. Er is nog steeds de schaduw van de slavernij. De meeste inwoners zijn zwart. Elke dag kijken ze uit op de koepel van het Congres, maar ze hebben geen deel aan de welvaart van de blanke enclaves in Northwest DC. Voor deze armen moet politiek Washington iets weg hebben van het Capitool, de rijke hoofdstad uit de Hunger Games die in het denkbeeldige land Panem cynische machtspelletjes speelt met de armere districten.

Professor James Thurber heeft de stad zien veranderen. Hij kwam er in 1973 naar toe, werd assistent van de Democratische senator en oud-vicepresident Hubert Humphrey uit Minnesota, is nooit meer weggegaan en doceert nu aan American University. 'Destijds draaide het om een paar honderd mensen die nodig waren om dingen voor elkaar te krijgen. Dat zijn er inmiddels duizenden. Het lobbyen is een industrie geworden, waarvoor in Washington in totaal zo'n 100.000 mensen werken. Voor elk aspect in iemands leven - schoenen, water, licht, noem maar op - is een pressiegroep. Er zijn alleen al ruim 11.000 lobbyisten', zegt Thurber.

De lobbyisten hebben organisaties, geld, mensen en dus macht. Niet dat de president of de voorzitters van de Senaat en het Huis van Afgevaardigden niet belangrijk zijn. Maar: 'De belangengroepen zijn de sleutel tot wat Obama en het Congres kunnen bereiken. Als je die groepen niet mee hebt, lukt er niks. Obama's erfenis hangt rechtstreeks af van wat belangengroepen toestaan - wat ze wel en niet pushen.'

Eind 2012 was Amerika in shock door de dood van twintig schoolkinderen in Newtown. Actie werd geëist. Maar hoe hoog de emoties ook opliepen, de wapenlobby van de NRA bleek machtiger. Zij dreigde Congresleden geen geld meer te geven voor hun verkiezingscampagnes. Een wetsvoorstel voor strengere wapenregels sneuvelde kansloos.

Anthony Weiner, afgevaardigde voor New York, luistert naar een van zijn adviseurs.Beeld DANIEL ROSENBAUM/Hollandse Hoogt

Schokbrekers

Het draagt allemaal bij aan de patstelling in Washington. Elke roestende spoorbrug die je met de trein passeert, elk gat in de weg die de schokbrekers van je auto test, is de stille getuige van deze beruchte gridlock. Zij schaadt investeringen in infrastructuur, onderwijs en dus de toekomst, aldus Thurber. 'We staan voor een crisis van de democratie. Het is zeer moeilijk voor buitenstaanders die niet goed georganiseerd zijn en geen middelen hebben om nog invloed te krijgen, zoals vroeger de zwarte burgerrechtenbeweging en de Vietnamprotesten. Het pluralisme wordt ondermijnd.'

Wrang genoeg is dit een gevolg van het Eerste Amendement van de grondwet. Dat geeft iedereen het recht in petities bij de regering te klagen. Op grond van dit democratische beginsel hebben de bankenwereld, het bedrijfsleven, de vakbeweging en andere organisaties na tweehonderd jaar een nieuwe machtslaag geschapen die de politiek probeert te hinderen of te kneden. Wederom die spanning tussen ideaal en praktijk. Of zoals Thurber het verwoordt: 'Ik neig ernaar te zeggen dat het algemeen belang het aflegt tegen gevestigde deelbelangen.'

Het bewijst hoezeer de democratie haar eigen vijand kan worden. Met geld als belangrijkste factor.

In 1998 ging er jaarlijks 1,25 miljard dollar naar lobbyisten. Dat was in bijna 2009 bijna verdrievoudigd.

Daarnaast gaat een onbekend aantal miljarden naar pr-activiteiten, schrijft George Packer in zijn boek The Unwinding. Het is een 'stortbad' aan cash en velen verdringen zich voor een plekje onder de warme straal. In 1974 werd slechts 3 procent van de Congresleden lobbyist, nu gaat 50 procent van de senatoren en 42 procent van de afgevaardigden na hun vertrek aan de slag voor 'K Street', de straat die symbool staat voor de industrie omdat daar vroeger de meeste lobbykantoren zaten. Als je ook nog het persoonlijke advieswerk meetelt, wat vaak neerkomt op lobbyen, dan vallen de percentages nog hoger uit. Van de sinds 2009 afgezwaaide senatoren verricht 63 procent lobbywerk, van de afgevaardigden zelfs 75 procent.

Een lobbyist moet één ding goed kunnen: deuren openen voor zijn cliënten. Hoe dat gaat, vertelt Packer aan de hand van Jeff Connaughton, een jongen uit Alabama die in 1987 gaat werken voor senator Joe Biden. Hij wordt een 'Biden guy'. Zo iemand wordt teruggebeld. In 1997 stapt Connaughton over naar het lobbybedrijf Quinn Gillespie & Associates. Hij leert het principe van de Washingtonse wederdienst. Als een senator met cliënten praat, organiseert Quinn Gillespie als tegenprestatie ontbijtbijeenkomsten waar geld wordt ingezameld voor de politicus. Al snel verdient Connaughton meer dan een half miljoen per jaar. Hij wordt rijk, maar in de crisis van 2008 verliest hij de helft van zijn vermogen. Hij keert terug naar de Senaat, waar hij stafchef wordt van Ted Kaufman, die Bidens zetel overneemt wanneer die Obama's vicepresident wordt.

John Boehner, voorzitter van het Huis van Afgevaardigden.Beeld Getty Images

Roekeloos gedrag

Connaughton is boos op Wall Street, de politiek en de toezichthouders - ze hebben gefaald. Gewone Amerikanen zijn hun huis kwijtgeraakt of hebben hun pensioenbeleggingen zien verdampen. Het Congres werkt aan een wet die moet voorkomen dat de financiële sector ooit weer met roekeloos gedrag mensen ruïneert. Kaufman wil de strengst mogelijke regels en Connaughton probeert door te dringen tot senator Chris Dodd, voorzitter van de machtige bankencommissie. Tevergeefs. Zijn vroegere baas Jack Quinn, nu lobbyist voor de tegenpartij, lukt het wel. Die vertelt hem dat hij samen met een topman van een verzekeringsbedrijf drie kwartier met Dodd heeft gesproken. Kaufman mobiliseert de pers en de discussie laait op, maar de strijd is al verloren. Drieduizend lobbyisten van de financiële sector zwermen uit over Capitol Hill. Connaughton kan daar bijna niets tegenover stellen. Het publiek is wel boos, maar weet niet hoe de knoppen van de macht te bedienen. Connaughton belt zijn medestanders: 'Jongens, waar zijn jullie? Ik merk niets van jullie op de Hill.' Ze hebben andere prioriteiten. Als hij gewerkt zou hebben voor de andere kant, zou hij hebben beschikt over een team van lobbyisten, strategen, opiniepeilers, onderzoekers en specialisten in het smeden van coalities, het organiseren van advertentiecampagnes, het bewerken van de media en het beïnvloeden van de kiezers. 'In plaats daarvan was hij nu bijna in zijn eentje.'

In juli 2010 tekent Obama de Dodd-Frankwet. Er komen nieuwe regels, maar Wall Street is erin geslaagd de schade te beperken. Connaughton keert terug naar het Zuiden. De Democraat Dodd wordt lobbyist van de filmindustrie.

Rechts of links - niemand lijkt immuun voor de lokroep van de dollars. Obama wilde de 'draaideur' sluiten waarbij medewerkers hun Witte Huisbaan gebruiken als opstap naar een dik betaalde carrière buiten de regering. Het hielp niet: ook zijn apostelen van de change bezweken voor de cash in Suck-up City. Zijn campagnemanager David Plouffe verdiende in 2010 1,5 miljoen dollar, waaronder een gedeeltelijk voorschot voor een boek, honoraria voor advieswerk voor Boeing en General Electric en 500.000 dollar voor spreekbeurten overal ter wereld.

Jezelf te gelde maken - dat is de kunst in Washington. Naamsbekendheid is cruciaal. 'Er is geen liever woord in Washington dan je naam', citeert Leibovich een insider. Ze gaan herhaaldelijk naar de boekwinkel voor politieke boeken, niet om ze te kopen, maar alleen om in het register te kijken of ze worden genoemd. Doel is een 'merk' te worden, waarvan de waarde wordt bepaald door de relatie tot de machtigen in de stad. De 'me wall', ook wel de 'power wall' genoemd, die je ziet in elke werkkamer in DC is er niet toevallig: de foto's aan de muur laten zien met welke prominenten iemand op goede voet is. Het is hard werken: op borrels zijn de ogen als laserstralen steeds op zoek naar de kruin van een nog belangrijkere gesprekspartner, de 'DC scalp stare'.

De top zijn de campagnestrategen die hun kandidaat president hebben gemaakt, zoals Axelrod met Obama. Maar er is ook een brede subtop van lieden die ooit een rol(letje) hebben gespeeld in een regering of campagne. Als strateeg of analist doen ze hun immer opgewonden zegje voor een van de kabelzenders die volcontinu doordraaien, als een soort hoogovens van het nieuws. James Carville leverde een bijdrage aan Clintons verkiezing in 1992 en presteerde daarna niet veel meer, maar gaat sindsdien door het leven als 'Democratisch strateeg'. Bij het rechtse Fox fungeert de man uit Louisiana met zijn kale kop, knijpogen en knauwende stem als een linkse boksbal waarin moeilijk een deuk is te slaan. Hij is een vermogend man geworden.

Journalisten gaan mee in het spel. De macht heeft hen zo sterk in de greep gekregen dat ze haar niet alleen willen volgen maar ook sturen. Chris Matthews van het linkse MSNBC en Bill O'Reilly van Fox kunnen onbeschaamd stemming maken tegen iets of iemand in de hoop dat dit effect heeft. To drive the conversation, heet dat. Ze zijn beroemdheden geworden, die het niet laten bij hun televisieshow maar ook bestsellers schrijven, die ze als marktkooplieden aanprijzen.

Lobbyisten

63 procent van de senatoren die sinds 2009 afzwaaiden, verrichten nu lobbywerk.

75 procent van de leden die sinds 2009 het Huis van Afgevaardigden verlieten, verricht nu lobbywerk.

Totale uitgaven lobbywerk in dollars.Beeld de Volkskrant
De democraat Charles Rangel (R), afgevaardigde voor de staat New York.Beeld AFP

Magische film

De business gedijt het best bij veel reuring, als het moet kunstmatig opgewekt. De politieke werkelijkheid is er om geconstrueerd te worden. Toen er fouten werden gemaakt bij een paar ebolagevallen, pompten oppositie en pers dit op tot het overtuigende bewijs dat de regering de zaak niet onder controle had. Een uitbraak bleef echter uit, waarna het onderwerp weer snel weg was. Dit proces werd ooit beschreven in een New York Times-profiel van 'Master of the Game' David Gergen, voormalig presidentieel adviseur en nu topcommentator bij CNN: 'Wat er gebeurt in de politieke wereld staat los van de echte wereld. Het bestaat maar even, als een vluchtig historisch moment in een soort magische film, een docudrama dat nooit ophoudt en zichzelf oneindig ververst. Vreemd genoeg begrijpen de ingewijden dat de film niet waar is - toch houden ze zichzelf voor dat dit de enige waarheid is die ertoe doet.'

Het heeft iets van een onbedoelde samenzwering. Iedereen heeft baat bij conflict en crisis. Het levert de politici publiciteit op en de media kijkers en lezers. Er wordt geklaagd over de polarisatie, maar ze is ook een mannetjes- en moneymaker. In een schuldbewust moment vroeg Chris Matthews zich af: vormen we in Washington echt een gesloten kaste? Eentje die bovendien leeft in en van een door zichzelf gecreëerde luchtbel? Dat kan. Ze is in elk geval stemmingsbepalend. Dan wordt er een klimaat geschapen waarin ebola, Ferguson, IS en Poetin als de vier ruiters van de apocalyps over het land denderen. Maar als de benzineprijs en de werkloosheid beginnen te dalen, slaat de sfeer subiet om en wordt de bel doorgeprikt. Dan blijkt de macht van het politiek-journalistieke complex heel betrekkelijk - tot de volgende ronde in de Washingtonse Echokamer.

Veel in de politiek is pose en spel. De macht in Amerika is een toneelspeler, goed in het ophouden van de schone schijn tijdens openbare plechtigheden als de inauguratie van een president of de State of the Union. Op zulke momenten overheersen bevlogenheid en idealisme. Hun lelijke gezicht bewaren de politici voor de beslotenheid van werkkamers, wandelgangen en wc's. Daar regeren de harde werkelijkheid, het gekonkel, de hebzucht, het handjeklap. Het fijne is dat veel daarvan ooit uitkomt, in lekken naar de pers, in memoires of door onderzoeken. 'Uiteindelijk zijn er geen geheimen. Ze komen uit. Zie het martelrapport', zegt Thurber.

Hoe teleurgesteld kan men zijn over wat er van Washington is geworden na 215 jaar? De afkorting DC betekent District of Columbia, maar zou ook kunnen staan voor Dans om de Centen. Geschrokken misschien van zijn eerdere woorden, krabbelt de professor ietsje terug. 'Je kunt er cynisch over zijn dat het in Amerika allemaal om geld gaat. Maar dat is te gemakkelijk.' Met dollars alleen zijn de externe groepen er niet. Zij moeten een organisatie opbouwen, een strategie uitstippelen, bondgenoten zoeken en hun zaak onderbouwen met onderzoek teneinde anderen te overtuigen. De kwaliteit van de argumenten doet ertoe in het democratisch touwtrekken. Is er nog steeds het oude idealisme? 'Absoluut. Mensen komen naar Washington om dingen te veranderen. Ze zijn intelligent, toegewijd en hebben een enorme dadendrang. Washington is een opwindende plek.'

De pers wacht op een toespraak van Peter King van het House Homeland Security Committee.Beeld UPI Photo / eyevine

Deadline-democratie

Het is ook niet alleen maar stilstand. Weliswaar is Amerika een deadline-democratie geworden, waarbij de dreiging van een bankroet of 'sluiting' van de overheid nodig is om de partijen bij elkaar te brengen. Maar een paar jaar geleden spraken zij wel af dat als ze er helemaal niet uitkomen, er automatisch bezuinigingen in werking zouden treden. Mede door dit paardemiddel kon Obama in de State of the Union melden dat de begrotingstekorten met tweederde zijn verminderd. De VS staan er beter voor dan Europa. Bovendien hebben tien miljoen onverzekerde Amerikanen eindelijk een ziektekostenverzekering gekregen. In het buitenland werden de yezidi's gered en werd de IS-strijders een halt toegeroepen. 'China en Rusland doen niet aan het helpen van mensen zoals wij dat doen. De VS zijn wat dat aangaat uniek in de wereld', grinnikt Thurber.

Maar het gaat met veel gezucht en gekreun gepaard, met veel duwen en trekken. 'Ons systeem is ontworpen om langzaam te zijn', zegt de liaison officer. Zo is het altijd geweest. Amerika is een enorm land dat vele tegengestelde belangen met elkaar moet verzoenen. Dat doet het door de president de macht te laten delen met het Congres, de staten en het Hooggerechtshof. Alleen door tegenwicht kan evenwicht ontstaan. Pure buitenstaanders hadden het de laatste jaren moeilijk, maar volgens de liaison officer is er hoop. De sociale media zijn een nieuwe machtsfactor geworden. De voorzitter van het Huis, John Boehner, ging bij een wet pas overstag na een Twittercampagne. 'Onze democratie blijft ondanks alle groeistuipen ongelooflijk', eindigt de officer.

Het is heel Amerikaans. Washington zal altijd blijven balanceren op de rand van wat wel en niet kan. Onuitroeibaar is Amerika's hang naar het onbetamelijke, het onmatige. Maar onverwoestbaar is ook zijn idealisme. Zelfs bij Leibovich. Na een boek vol kritiek sluit hij af met de beëdiging van Obama voor zijn tweede termijn op het bordes van het Capitool. Hij volgt het in een bar en bekent dan: 'De inauguratie ontroert me. Dat is verrassend, maar dat zou het niet moeten zijn, want ik ben elke keer ontroerd, wie ook de eed aflegt.'

Obama werkt aan zijn speech voor de State of the Union, een moment vergelijkbaar met de Troonrede.Beeld Getty Images
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden