Hoe kijk je een boek in één adem uit?

Meeslepende televisie heeft beeld nodig. Maar boeken gaan over ideeën en andere abstracte zaken. Dus: hoe maak je een pakkend schrijvers- portret?

Halverwege de eerste aflevering van Boeken op Reis, over Karl Ove Knausgård, zit een bijzonder moment. De Zweed, schrijver van de zesdelige romancyclus Mijn Strijd, woont in een klein Noors dorp. Zijn beste vriend, die toevallig op 500 meter afstand woont, zegt tegen presentator Wim Brands dat hij Knausgård bij de eerste ontmoeting de 'saddest man on earth' vond.


'Vind je dat nog steeds, nu je zijn boeken hebt gelezen?', vraagt Brands. 'Ik heb zijn boeken niet gelezen', is het ontnuchterende antwoord. En dan: 'Hij heeft me alles voorgelezen aan de telefoon.'


Knausgård knikt en neemt een trek van zijn sigaret. 'Ik kon het niet alleen', zegt hij. 'Elke ochtend las ik hem voor wat ik de dag daarvoor had geschreven.'


Brands wendt zich weer tot de vriend. 'En dan komt het moment dat hij over jou schrijft.' Inderdaad, zegt hij, dat vindt natuurlijk niemand leuk. Zeker niet als over je wordt geschreven dat je loopt als een eend, met je voeten uitgespreid, elk een kant uitwijzend. Met een verbeten glimlach: 'Dat zal ik niet snel vergeten.'


'Het zijn precies dát soort momenten', zegt Brands nu aan de telefoon, 'momenten die je vooraf niet kunt plannen, die zo'n portret boven een gewoon gesprek doen uitstijgen. Je hebt meteen een prachtig beeld: twee mannen die elke ochtend het werk van de schrijver bespreken. En dan op een dag botsen. Dat vind ik fascinerend. En dan te bedenken dat we helemaal niet wisten dat die vriend daar ook woonde. Je struikelt er toevallig over.'


Zondag begint Boeken op Reis, de nieuwe serie schrijversportretten van Brands en regisseur David Kleijwegt. 'Op een onmogelijk tijdsstip, dat spreekt', zegt Kleijwegt. 'Tien voor zeven, als heel Nederland zich klaar maakt voor Studio Sport. Nee, wij maken ons geen illusies.'


Voor de kijkcijfers doen ze het niet - de ervaring heeft geleerd dat dat niet de graadmeter is. Grote namen heeft het duo al binnen - daar zal het niet aan liggen: David Grossman, Annie Proulx, David Sedaris, Lionel Shriver en Claire Vaye Watkins. Hun tijd kregen ze ook: elke schrijver stelde zichzelf en zijn of haar huis twee of drie dagen beschikbaar.


Toch blijft het een uitdaging: hoe vertaal je de interessante binnenwereld van de schrijver in een aantrekkelijk televisieportret? Hoe laat je de doorgaans oude man achter het toetsenbord tot leven komen op het scherm? En hoe breng je de rijkdom van een boek in een half uur over op de kijker, zonder dat die het werk heeft gelezen? Dat is de kunst van het schrijvers-portret.


Ze hebben een beetje een complex, televisiemakers die zich over literatuur ontfermen. Moe van de vergelijking met de oervader van literatuur op tv: Adriaan van Dis. Moegestreden ook wellicht, jarenlang geconfronteerd met weinig spectaculaire kijkcijfers en steeds weer het slachtoffer van bezuinigingsgolven.


Zo'n stereotyp beeld wordt door de makers van die programma's resoluut van de hand gewezen. Een grijsaard op tv saai? Gesprekken over boeken niet spannend? Hoe kom je erbij!


Hier spreekt de liefhebber die zijn terrein bewaakt. Na enig doorvragen, vallen de eerste bresjes in die verdedigingslinie. 'Er zit inderdaad een bepaalde onmogelijkheid in', zegt Kleijwegt. 'Je wilt meer dan een interview en meer dan een biografische vertelling, je wilt een boek in zijn volledigheid behandelen, maar ook een maatschappelijk thema aansnijden, het breder trekken dan de particuliere ervaring. Dat is niet niks.'


Zodra het woord 'intellectueel' of 'hoogcultuur' valt, schieten de televisiemakers opnieuw in het defensief. Dat zijn woorden met een negatieve lading geworden, meegezogen in de slipstream van Wilders' linkse hobby's. 'Het is een misvatting dat literatuur op tv elitair is', zegt John Albert Jansen, regisseur van meerdere documentaires over schrijvers en dichters, waaronder Wreed geluk, over Hugo Claus.


'Soms mislukken boekenprogramma's omdat ze niet te volgen zijn', zegt Brands. 'Je moet proberen een zo helder mogelijk verhaal te vertellen. Maar je moet geen moeilijke verhalen uit de weg gaan. Het leven biedt niet altijd handzame oplossingen.'


Neem bijvoorbeeld de aflevering over David Grossman, op 9 september te zien. De Israëlische schrijver verloor zijn oudste zoon in de Libanese oorlog. Vrienden schreven hem: 'Hier zijn geen woorden voor.' Maar Grossman is schrijver; er moesten woorden voor worden gevonden. Zes jaar later lukte het hem een boek te schrijven over het verlies, Uit de tijd vallen. 'Hoe ga je als schrijver om met zo'n rouwproces? Daar is geen eenduidig antwoord op', zegt Brands. 'Dat maakt het natuurlijk ook interessant.'


De lezers die het werk wel hebben gelezen, vormen helaas ook een obstakel. 'Een boek lezen is een persoonlijke aangelegenheid', zegt Abdelkader Benali, maker van de serie Benali Boekt. 'Het moment dat een derde gaat praten over dat boek op televisie, wordt die interpretatie afgestreept tegen de persoonlijke ervaring. Dat win je nooit. De ontroering die een boek gedurende uren teweeg kan brengen, moet je op tv op een snelle en directe manier oproepen.'


Benali gebruikt daarom liefst boeken die verfilmd zijn, liefst van levende schrijvers en filmt dan liefst op de locatie waar het boek zich afspeelt. 'Je wilt meteen krachtige beelden oproepen. Het beste is een schrijver die met een zekere afstand kan terugkijken op de gebeurtenissen die hem hebben geïnspireerd. Dat hij over zichzelf als schrijver in wording praat. Soms is één vraag dan genoeg: wat was je voor een jongen? Het mooiste is om de biografie uit fictie te distilleren.'


Een autobiografisch werk leent zich nu eenmaal beter voor een geslaagd tv-portret. Ook de schrijvers uit Boeken op Reis schreven een persoonlijk verhaal. In het geval van Knausgård ging dat zo ver dat een aantal vrienden en familieleden niet meer met hem wil praten. Maar ook Grossman schreef over zijn eigen verdriet. En Lionel Shriver, vooral bekend van We need to talk about Kevin, schreef met Big Brother een roman die gaat over haar obese broer.


'Het is prettiger voor een portret als werk en leven samenvallen, als er geen onderscheid is tussen de schrijver en zijn boeken', zegt Kleijwegt. 'Het geeft een zekere spanning als je de schrijver in zijn eigen habitat ziet. Het boek komt meer tot leven als de locatie of de personages in beeld zijn.' En trouwens, 'Zou een schrijver ergens over schrijven waar hij niets van weet? Het is een absurde vraag als je het omdraait.'


Niettemin is de directe vraag - in hoeverre is het werk autobiografisch? - uit den boze. Geen schrijver die daar graag antwoord op geeft. Daarnaast wordt het ordinair gevonden om de roman te reduceren tot een biografie.


'Dat vragen we dus ook niet', zegt Brands. 'Veel interessanter is om te weten hoe een schrijver over zijn privéleven schrijft. Wat voor afwegingen hij of zij maakt? Daarbij is het lastig om over het autobiografische aspect van literatuur te praten, omdat schrijvers de ervaring in zekere zin van zich af schrijven. Ze geven het een plek door er literatuur van te maken. Ze scheppen orde in de wereld.'


En dat is natuurlijk de kracht van literatuur: het venster op de wereld. 'Door fictie kun je dieper doordringen tot de werkelijkheid', zegt Jansen. 'Een documentaire over een schrijver zegt vaak zoveel meer over de actualiteit dan een gewone reportage in het Journaal.'


Jansen probeert met zijn documentaires het ritme van het werk te vertalen naar het scherm. 'Vormgegeven ontroering', noemt hij dat. Tijdens de documentaire over Hugo Claus hoor je hem zijn gedichten voorlezen, terwijl mistroostige beelden van het Vlaamse land voorbijtrekken. Jansen: 'De cadans van de rijdende treinen verwijst zowel naar het metrum van de poëzie als naar de deportaties, waar het gedicht over gaat. Als ik de ziel van het werk weet te vatten in beeld en geluid, is mijn werk geslaagd.'


Het mooiste wat volgens Benali kan gebeuren, is dat een schrijver tijdens het gesprek opeens een ontdekking over zichzelf of zijn werk doet. 'Als je samen tot een nieuw inzicht komt, gebeurt er iets heel bijzonders. Ik weet nog dat ik met de ouders van Gerbrand Bakker (de schrijver van Boven is het stil, red.) over zijn jonggestorven broertje praatte. Als kijker voel je dat wat ze vertellen zo diep verborgen zit, dat ze het weer helemaal opnieuw beleven.'


Zelfs als al die elementen aanwezig zijn, kan het portret mislukken. Benali: 'Vanaf het moment dat de camera loopt, is alles opeens anders. Sommige schrijvers worden breedsprakig, anderen juist saai of ongemakkelijk. Het is ook nogal wat: je werkt jaren aan een roman en dan komt een cameraploeg plus interviewer het in een middagje samenvatten.'


Nee, schrijvers zijn niet altijd even mediageniek, maar daarvoor zijn ze ook schrijver - geen lezer weet dat ze stotteren of nagelbijten. 'Mediageniek', zegt Brands, 'dat begrip is bedacht door de media en moet je zo veel mogelijk saboteren. Marcel Proust, Thomas Mann, James Joyce - ze zouden het volgens de huidige mediamaatstaven nooit redden.'


Daarnaast moet de betekenis van tv voor literatuur niet worden onderschat, zegt Brands. 'Critici zijn hun positie grotendeels kwijt. Die macht ligt nu bij programma's als De Wereld Draait Door, die maken bestsellers tegenwoordig. Ik sta daar ambivalent tegenover. Knausgård werd ook behandeld bij DWDD, daardoor is mijn broer het wel gaan lezen. Maar er moet zendtijd blijven voor programma's zoals wij die willen maken.'


Trouwens, niemand die het leven zo goed kan verwoorden als de schrijver, zegt Kleijwegt. 'Van schrijvers kun je er op tv nooit genoeg hebben.'


ALSOF JE VERLIEFD BENT

Karl Ove Knausgård, David Grossman, Annie Proulx, David Sedaris, Lionel Shriver en Claire Vaye Watkins zijn de schrijvers die Wim Brands deze zomer heeft opgezocht voor het programma Boeken op Reis. In de eerste aflevering speelt morgenavond de Zweedse schrijver Karl Ove Knausgård de hoofdrol. Soms werkt hij wel 24 uur aan een stuk, zegt hij tegen Brands. 'Je wordt bijna manisch, alsof je verliefd bent.'


Boeken op Reis, zondagavond 18.50 uur, Nederland 2

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden