Hoe kan het dat gescheiden mannen zo'n overbodige indruk maken?

Ik zat in het café de krant te lezen toen er een man van een jaar of 60 binnenstapte. Hij droeg een blauw sportjasje met een embleem op de borst en een geel streepje in de opstaande kraag, de mouwen waren tot halverwege de onderarmen opgestroopt. Het leek alsof hij uit een sportauto kwam, in de haren hing de suggestie van een open dak.

Er was genoeg plaats in het café, alle tafeltjes waren vrij, toch kwam hij precies naast me zitten. Een tijdlang hing zijn hoofd naast het mijne en las hij met me mee in de krant - een alarmerend bericht over robots, die in de toekomst al onze banen gaan afpakken. Daarna kwam het, lijzig en dof: 'Het is helemaal niet erg om altijd alleen te zijn.'

Ik keek opzij en zag een gescheiden man, verlaten. 'Nee', zei ik, 'dat kan ik me goed voorstellen.' Maar misschien klonk het niet overtuigd genoeg, want hij zei: 'Waarom zou je geen Sinterklaas en Kerst meer kunnen vieren als je in je eentje bent?' Hij haalde zijn schouders op. 'Toch? Als je het niet met cadeautjes doet?'

Er ontsnapte mij een kleine zucht. Hoe kon het dat mannen een overbodige indruk wekken als zij uit huis en huwelijk zijn gezet, en vrouwen niet? Verlaten mannen gaan laat naar bed en vroeg dood, vrouwen blijven gevarieerd eten. Huwelijk en kinderen krijgen kwam me voor mannen steeds vaker voor als de buitenbocht van een autorally. Je kunt alles goed zien, maar als er iets misgaat, ben je als eerste de klos.

Domesticatie was een slaapliedje - lange tijd heb je niets in de gaten. De geboorte van een kind is het mooiste wat er is. Ik zal niet meer vergeten hoe ik het kind, vers uit de schoot, tegen de borst drukte en eindeloos toefluisterde: 'Nu ben je bij mij.' Ontroerd draag je het kind het ziekenhuis uit, de parkeerplaats op. Eindelijk ken je de zin van het bestaan, maar ergens voel je ook al wel: langer dan achttien jaar gaat dat niet duren.

'En werk?', vroeg ik. 'Interim', zei hij. 'Ik wacht al even op de volgende klus.' Ja, het was mooi: als je rond je dertigste vader werd, viel je persoonlijke overbodigheid achttien jaar later samen met het moment dat je een oudere werknemer werd genoemd, die om klusjes moest vragen. Wat dat betreft was het in liefde en werk gelijk: je had te veel of je had niets. En vragende partijen kregen meestal weinig.

De moderne tijden waren niet voor alle mannen leuk. Vroeger kon je vrouwen met verlatingsdrang nog dreigen met armoede en isolement. Nu hadden ze zelf werk en spuwden ze je desgewenst na gedane zaken uit - vaak niet eens als pit, alleen de schil.

Ik legde de krant weg en wenkte de ober. Het klonk wat paradoxaal, maar alleen in de afhankelijkheid vonden wij het durende geluk. Bang voor robots hoefden ze ons niet meer te maken. In een wereld zonder banen liep niemand meer zomaar bij je weg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.