Hoe hoogbegaafdheid carrière meer kwaad dan goed doet

Veel hoogbegaafden zien geen uitdaging in hun werk en raken daardoor snel verveeld, volgens een recent rapport. Zo doet hun bovengemiddelde intelligentie hun carrière meer kwaad dan goed.

Cor Snijders.Beeld Raymond Rutting/de Volkskrant

Hoogbegaafden mogen dan intelligenter zijn dan gemiddeld, die hoge intelligentie garandeert niet dat ze succesvol zijn op de arbeidsmarkt. Sterker: de carrière van eenderde van de hoogbegaafden verloopt juist minder voorspoedig dan die van de gemiddelde Nederlander. Dat staat in een recent rapport van het Instituut Hoogbegaafdheid Volwassenen (IHBV), dat 174 werkloze hoogbegaafden vroeg naar de redenen van hun (langdurige) werkloosheid.

De antwoorden? Veel hoogbegaafden zien geen uitdaging in hun werk, raken daardoor snel verveeld, gaan slecht functioneren en krijgen dan een conflict met hun werkgever. Volgens werkloze hoogbegaafden is hun intelligentie juist een handicap die hen op achterstand zet ten opzichte van 'normaal begaafden'. 'Men zit in Nederland niet te wachten op mensen die zelfstandig kunnen denken. Je wordt er zelfs voor veroordeeld', zegt een van de respondenten.

'Hoogbegaafden hebben zingeving nodig', zegt Bruno Emans, die het onderzoek uitvoerde voor het IBHV. 'Die zingeving vinden ze in hun werk niet altijd. Veel respondenten rapporteerden 'verveling' als belangrijkste reden voor hun mislukte loopbaan.'

Harde cijfers over het percentage hoogbegaafden dat werkloos thuiszit, zijn er niet. Volgens een ruwe schatting onder experts zou eenvijfde tot eenderde van de hoogbegaafden moeizaam functioneren op de arbeidsmarkt en in de maatschappij: ze zouden ongelukkig, eenzaam of werkloos zijn. Het IHBV noemt het percentage van 20 tot 35 procent een 'geïnformeerde schatting'. Het instituut onderkent dat de groep respondenten waarschijnlijk niet representatief is. 'Het is goed denkbaar dat de groep respondenten een bovengemiddeld aantal personen telt die veel problemen hebben, die zijn vastgelopen of anderszins afwijken van de gemiddelde hoogbegaafde volwassene', schrijft het IHBV. Ook is niet zeker dat alle respondenten echt hoogbegaafd zijn, omdat dit niet getest is.

Het IHBV meent desondanks dat de enquête 'kwantitatief en kwalitatief' inzicht biedt in de problematiek van werkloze hoogbegaafden, omdat de meeste respondenten een uitgebreide toelichting gaven bij hun antwoorden. Veel van hen zeggen zich onbegrepen te voelen op hun werkplek. 'Mijn ideeën worden niet begrepen, maar ik heb meestal gelijk', aldus een respondent in het rapport. Collega's zien hoogbegaafden al snel als een vreemde vogel of als niet sociaal, zeggen de ondervraagden.

Hans van Luit, hoogleraar pedagogiek aan de Universiteit Utrecht, neemt het onderzoek niet heel serieus. 'De steekproef is klein en bovendien selectief, maar ook wij horen van de hoogbegaafde kinderen die wij onderzoeken vaak dat ze snel verveeld zijn. In dit onderzoek wordt hoogbegaafdheid echter sterk gekoppeld aan een hoog IQ en dat is niet hetzelfde. In de wetenschap praten we vaak over hoogbegaafdheid als iemand een hoog IQ paart aan sociale vaardigheden. Dat laatste houdt in dat iemand zijn eigen waarheid niet als enige waarheid ziet.' Van Luit vindt het onderzoek toch informatief, omdat het werkgevers aan het denken kan zetten over de vraag waarom mensen met een hoog IQ in hun werk niet tot volle wasdom komen.

Drie redenen waarom hoogbegaafden moeilijk aan de bak komen

Hoogbegaafden verliezen snel hun interesse in hun werk, terwijl ze juist uitdaging nodig hebben. Een van de respondenten: 'Als het kunstje eenmaal is geleerd wordt het saai. Zelf als het op voorhand moeilijk lijkt.' Een andere respondent zei tijdens het sollicitatiegesprek: 'Als u me aanneemt, heeft u me de komende twee jaar voor de volle 100 procent. Daarna bent u me misschien weer kwijt.'

Hoogbegaafden zijn slecht in sollicitatiegesprekken. Emans: 'Een slimme jonge wiskundige werd tijdens een sollicitatiegesprek gevraagd of zij kon omgaan met een bepaald softwareprogramma. Dat kon zij niet, maar ze was er zeker van dat ze het heel snel zou leren. Maar een hoogbegaafde gaat in zo'n situatie nadenken en twijfelen. Haar antwoord kwam onzeker over.'

Hoogbegaafden vinden moeilijk aansluiting bij collega's en leidinggevenden. 'Veel van hen interesseren zich niet voor koetjes-en-kalfjesgesprekken. Ze hebben het liever over de inhoud van het werk.' Veel respondenten zeiden dat hun leidinggevende hen als bedreiging ziet. Aan de andere kant kan een hoogbegaafde te veel eisen van collega's.

Cor Snijders (54) herkende in zijn hoogbegaafde zoon veel van zichzelf

Na een persoonlijkheidstest trok hij de conclusie dat hij zelf ook hoogbegaafd is. Na veel solliciteren heeft Snijders nu een contract voor drie maanden als consultant in de procesverbetering bij een bedrijf dat röntgenbuizen en meetapparatuur maakt.

'Gelukkig heb ik nu een klus voor een paar weken, maar daarvoor heb ik ruim driehonderd keer moeten solliciteren. Tijdens sollicitaties wordt vooral gekeken naar een lijstje met kwalificaties. Op mijn cv staat dat ik personeelswerver, teamleider, vestigingsmanager, personeelsmanager, business controller en consultant ben geweest. Dat is geen standaardlijstje en daardoor val ik al snel buiten de boot.

'Op mijn 28ste was ik al vestigingsmanager. Maar het werd routine, dus saai. Dus ging ik weer iets anders doen. Ik heb uitdaging nodig: na één of twee keer iets doen heb ik het kunstje wel onder de knie. Een ander doet daar veel langer over.

'In het huidige selectiesysteem gaat men uit van een lineair verband tussen hoe lang je iets doet en hoe goed je daarin bent. Dat klopt voor hoogbegaafden niet. Die leren veel sneller.'

Jacqueline Wielemaker (53) is hoogbegaafd, maar zit sinds juni 2015 werkloos thuis

Ze doet wel veel vrijwilligerswerk: ze is toezichthouder bij een bibliotheek, taalcoach en juridisch medewerker bij Vluchtelingenwerk, voorzitter van Taalhuis Roosendaal en secretaris bij het Instituut Hoogbegaafdheid Volwassen (IHBV).

'Ik kon het altijd wel goed vinden met mijn collega's, maar ik voelde wel een bepaalde kloof. Ik was altijd heel enthousiast over workshops en trainingen omdat ik leergierig ben. Maar mijn collega's zaten helemaal niet te wachten op extra trainingen. Bovendien maakten ze vaak ontzettend flauwe grapjes. Ik lachte dan wel mee, maar eigenlijk vond ik het niet leuk.

'Ik heb rechten gestudeerd en werkte daarna als jurist bij het Openbaar Ministerie. Daarna heb ik onder meer in de verslavingszorg gewerkt waar ik docent, trainer en unitcoördinator ben geweest. Vervolgens heb ik tijdelijke banen als interim-directeur in de kinderopvang en teammanager in de schuldhulpverlening gehad. Mijn laatste vaste baan was die van regiomanager bij een grote kinderopvangorganisatie. In 2015 heb ik nog tijdelijk gewerkt als docent juridische vakken.

'Dat zijn heel verschillende dingen, omdat ik steeds op zoek ben naar uitdagingen. Ik besef dat ik geen standaard-cv heb opgebouwd. Dat kan een nadeel zijn tijdens sollicitaties: ik ben niet makkelijk in een hokje te plaatsen. Dan vragen ze: wat ben je nou eigenlijk?'

Jacqueline Wielemaker.Beeld Marcel Wogram
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden