Interview Salo Muller

Hoe Holocaust-slachtoffer Salo Muller de NS dwong schadevergoedingen te betalen

In het najaar van 1943 vertrekt een trein die Joden uit Westerbork wegvoert naar het oosten. Beeld Beeldbank WO2, collectie NIOD

De NS gaat ‘uit moreel-ethische overwegingen’ een schadevergoeding uitkeren aan (kinderen van) Holocaustslachtoffers. Salo Muller (82), wiens ouders in 1942 door de NS werden vervoerd naar kamp Westerbork en daarna in Auschwitz werden vergast, voerde bijna drie jaar lang strijd tegen de spoorwegen. ‘Ik had niet verwacht dat ze overstag zouden gaan.’ 

‘Meneer Muller, u bent een aardige vent en we kennen u van Ajax, maar hier houdt het op. Prettige dag en welterusten.’  Zo ongeveer eindigde - in zijn herinnering - het gesprek in maart tussen Salo Muller en de NS-directie. Muller, 82 jaar oud, is Holocaust-overlever, voormalig fysiotherapeut van Ajax I, schrijver en strijder. ‘Toen dacht ik: en nu zullen jullie het weten.’

Het was zijn tweede gesprek met de directie en de huisjurist van de NS, en - zo leek op dat moment - de afsluiting van een strijd tussen Muller en de spoorwegen die uiteindelijk drie jaar heeft geduurd. Muller eiste schadevergoeding, voor hem en voor alle andere nog levende Joden en kinderen van Joden die de NS tijdens de Tweede Wereldoorlog zonder tegensputteren naar concentratiekampen vervoerde. Ruim honderdduizend mensen transporteerde de NS in goederenwagons naar doorgangskamp Westerbork en naar de Duitse grens, waar treinen van de Duitsers het overnamen.

De NS deed dat in opdracht van de nazi’s, die daar netjes voor betaalden. Omgerekend naar hedendaagse maatstaven ontving de NS daarvoor zo’n 2,5 miljoen euro. 

‘De nazi’s roofden Joods geld, daar betaalden ze de NS mee’, zegt Muller. ‘Dat wist de NS. Die heeft dat toen geaccepteerd voor al die mensen in die goederenwagons. En in de 75 jaar sindsdien heeft de NS nooit iets gedaan om dat op individueel niveau goed te maken. Dat is volgens mij onaanvaardbaar. Het gaat mij erom dat de NS inziet dat toentertijd volstrekt verkeerd gehandeld is, en dat het bedrijf sindsdien niet genoeg heeft gedaan om het leed te verzachten.’

Een wagon van het type dat werd gebruikt om Joden naar Westerbork te deporteren. Beeld Marcel van den Bergh

De NS bood in 2005 al excuses aan voor haar rol in de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog, en ondersteunt collectieve projecten die de herinnering aan de Holocaust levend houden. Zo steunde het bedrijf met 1 miljoen euro de nieuwbouw bij het Herinneringscentrum Kamp Westerbork en draagt het bij aan de zoektocht naar de verrader van Anne Frank. Die wordt uitgevoerd door een voormalig agent van de Amerikaanse FBI.

Maar van schadevergoeding op individueel niveau wilde de NS niets weten. Muller begon zijn kruistocht tegen het bedrijf nadat hij in 2014 op televisie zag dat Frankrijk 60 miljoen euro betaalde aan Amerikaanse nabestaanden van Joden die de Franse spoorwegen in de Tweede Wereldoorlog hadden getransporteerd voor de nazi’s.

5 jaar oud

‘Tot vanavond en lief zijn hoor!’ Dat waren de laatste woorden die Mullers moeder in vrijheid tegen haar zoon sprak, toen ze hem in november 1942 afzette bij school. Vlak daarna plukten de nazi’s haar en haar man van de Amsterdamse Jodenbreestraat en stopten ze in een busje. Muller zelf, toen 5 jaar oud, werd direct door een buurman ondergebracht bij zijn oom en tante, maar werd diezelfde avond nog bij een razzia opgepakt. In de Hollandsche Schouwburg zag hij zijn ouders voor het laatst.

‘Ze stonden op het podium, tussen de andere opgepakte Joden’, zegt Muller. ‘Ik probeerde naar ze toe te komen, de hand van mijn moeder te pakken, maar twee Duitse soldaten en een verpleegster trokken me weg. Daarna heb ik vier dagen in de crèche aan de overkant van de straat (waar de nazi’s opgepakte kinderen vastzetten, red.) stampend in mijn houten bedje staan krijsen richting de Schouwburg. Later hoorde ik dat ze die eerste avond al waren weggevoerd naar Westerbork. Negen weken later zijn ze naar Auschwitz gebracht en daar vergast.’

Muller werd bevrijd uit de crèche en dook de rest van de oorlog onder. Acht verschillende onderduikadressen versleet hij. In Friesland zat hij opgesloten in een kruipruimte. Na de oorlog was hij naar eigen zeggen ‘hypernerveus’, hij stotterde en had astma. Hij wilde dokter worden, maar kon de hbs niet afmaken. Uiteindelijk kwam hij terecht bij Ajax, waar hij in de bloeiperiode - de jaren zeventig en tachtig - vijftien jaar lang werkte als fysiotherapeut. Hij schreef een boek over zijn ervaringen in en herinneringen aan de oorlog: Tot vanavond en lief zijn hoor! 

‘Ik ben toch redelijk terechtgekomen, met een mooi gezin, een lieve vrouw, vijf kleinkinderen. Maar mijn hele leven is beheerst door angst. Angst voor het donker, angst voor het onbekende, angst dat mijn kinderen wat zou overkomen.’

Ultimatum

Muller vond bij de NS begrip, maar geen bereidheid te betalen. Totdat hij na het tweede vruchteloze gesprek met de NS-directie besloot om juridische hulp in te schakelen. Eerder deze maand stelden Muller en zijn advocaat Liesbeth Zegveld van advocatenkantoor Prakken d’Oliveira een ultimatum aan de NS: óf jullie nemen een beslissing, óf we treffen elkaar voor de rechter.

‘Ze schrokken enorm’, zegt Muller. ‘Daarvan zei de NS: dat willen we onder geen beding. Dat is voor onze naam verkeerd, maar ook tegenover jou verkeerd.’

Mullers advocaat Zegveld bevestigt die lezing. ‘Het is niet vrijwillig gegaan, Muller heeft wel degelijk zijn tanden moeten laten zien. Maar de NS had ook tot het uiterste kunnen gaan. Ze hebben tijd nodig gehad, maar zijn uiteindelijk tot de juiste conclusie gekomen.’

De NS zelf zegt daarover: ‘Dit is een zwarte bladzijde die iedereen in de samenleving vreselijk vindt. Wij gaan daarover geen juridische strijd voeren, maar willen met elkaar kijken hoe we verder kunnen.’

Bezoekers van Het Spoorwegmuseum in Utrecht. Beeld Marcel van den Bergh

De komende weken stellen Muller, Zegveld en de NS een driekoppige commissie samen die de schadeloosstelling in gang moet zetten. Daarin komt vermoedelijk een ervaren mediator, verder wordt gekeken naar historici en de Joodse gemeenschap. Overlevenden en hun kinderen komen in aanmerking voor een schadevergoeding, maar het is volstrekt onduidelijk om hoeveel mensen en welk bedrag het zal gaan. 

‘Dat moeten we allemaal nog uitzoeken’, zegt Zegveld. ‘We hebben net gisteren deze afspraak gemaakt. Mensen zullen zich vermoedelijk zelf moeten melden, hopelijk hebben we over een halfjaar die mogelijkheid opengesteld. Maar of het er honderden zijn, of tienduizenden: we weten het niet.’

Omgerekend heeft de NS 2,5 miljoen euro verdiend aan de transporten voor de nazi’s. ‘Daar red je het niet mee, denk ik’, zegt Muller. ‘De Franse regering heeft destijds 60 miljoen euro betaald, maar dat is niet realistisch. Ik denk dat het gaat om miljoenen, misschien tientallen miljoenen, maar dat moet de commissie bepalen.’

Bij de Mullers thuis is het woensdag hoe dan ook feest. ‘Mijn dochter is langsgekomen met een fles champagne, dat mag je best weten’, zegt Muller. ‘En voor vanavond hebben we kaartjes voor het Concertgebouw, voor Beethoven. Ik ben er jarenlang dag en nacht mee bezig geweest, en mijn vrouw ook. Ik ben buitengewoon opgelucht dat de strijd ten einde is.’ 

Reacties compensatie NS: ‘Het symbolisch effect is groot’

Joodse organisaties zijn positief over de aankondiging van de NS. Voorzitter Eddo Verdoner van het Centraal Joods Overleg (CJO) zegt dat het goed is dat slachtoffers en nabestaanden worden gecompenseerd. ‘Het symbolisch effect is groot’, zegt Verdoner tegen het ANP, al noemt hij het jammer dat het zo lang geduurd heeft.

Voorzitter Jacques Grishaver van het Auschwitz Comité noemt het fantastisch wat Salo Muller heeft bereikt. Op de vraag of het niet erg lang geduurd heeft, zegt Grishaver: ‘Het is altijd te laat. Als Salo dit niet had aangezwengeld, was het misschien wel nooit gebeurd. We zijn in Nederland nooit zo vlot met dit soort zaken.’

De voorzitter van het Auschwitz Comité maant tot haast, omdat de overlevenden steeds ouder worden en er minder slachtoffers resteren die de transporten hebben meegemaakt. ‘Er gaat elke dag wel iemand dood, straks is er niemand meer over. Hopelijk gebeurt het snel.’

Volgens Verdoner van het CJO waren er tijdens de oorlog veel Nederlanders die meewerkten aan de machinerie van de Duitsers. Hij noemt het daarom belangrijk dat ‘het stille meedoen’ onder ogen wordt gezien. Dat de NS de slachtoffers nu compenseert, heeft waarde voor hen, zegt hij. ‘Maar ook voor onszelf, om te realiseren wat er gebeurt als we stil blijven.’

Vicevoorzitter Ronny Naftaniel van het CJO vindt dat Amsterdam het voorbeeld van NS moet volgen en ook moet overgaan tot het betalen van individuele schadevergoedingen. Amsterdam compenseert alleen de Joodse gemeenschap als geheel voor ten onrechte geïnde erfpacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Naftaniel noemt het ‘puur rechtvaardig’ dat NS nu wel individuele schadevergoedingen gaat uitkeren. ‘Als je niet eerst de individuen hebt gehonoreerd, kun je niet collectief geld gaan geven’, zei hij woensdag in Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.