Interview

Hoe het met de Filipijnen gaat? 'Goed, maar de klus begint nu pas'

Ruim twee maanden nadat de verwoestende tyfoon Haiyan over de Filipijnen raasde, is de wederopbouw in volle gang. Er wordt druk gezaagd en getimmerd. Voorzichtig wordt er ook een blik geworpen in de nabije toekomst, want er moet weer geld verdiend worden. Nok van de Langenberg, hulpcoördinator Filipijnen voor ngo CARE, reisde deze week af naar het getroffen gebied en was verrast door de vooruitgang die is geboekt. 'Maar we zijn er nog niet. De wederopbouw gaat zeker nog twee jaar duren.'

Zonsondergang in Ormoc, een van de steden op het eiland Leyte die zwaar is getroffen door tyfoon Haiyan.Beeld Caton/internationale ontwikkelingsorganisatie CARE

De laatste keer dat u het getroffen gebied in de Filipijnen bezocht was in november, de maand dat de ramp zich voltrok. We zijn nu twee maanden verder. Wat is er in de tussentijd veranderd?
'Toen ik hier de laatste keer was, was de situatie heel chaotisch. Er lag overal troep, huizen waren totaal verwoest, mensen liepen vertwijfeld rond en voor de distributiepunten stonden lange rijen met mensen die hoopten op wat eten. Het was één grote puinhoop. Als hulpverleningsorganisatie stonden we voor een enorme logistieke uitdaging. Want waar begin je? Die logistieke problemen zijn nu grotendeels opgelost. De wegen zijn weer begaanbaar, er staan geen lange rijen meer voor de ferry's, het vliegveld in Tacloban (de zwaar verwoeste provinciehoofdstad van het eiland Leyte, red.) is weer bereikbaar.'

'De organisaties - het zijn met name lokale kleine ngo's die nog actief zijn - gaan ook een stuk professioneler te werk dan voorheen. Namen van mensen die hulp krijgen worden genoteerd, evenals het aantal leden dat een familie telt. Op die manier kan de situatie goed in kaart gebracht worden.'

U klinkt opgetogen.
'Dat ben ik ook. Ik voel me een beetje als de sprinter Churandy Martina. Die had niet gewonnen op de Olympische Spelen van 2012 (hij behaalde de vijfde plaats, red.), maar hij zei wel de hele tijd: ik ben erg blij, ik ben zo blij.'

Zijn er dan helemaal geen tegenslagen?
'Oh ja, die zijn er natuurlijk wel. Tijdens de kerstperiode was het lastig om trucks te huren om hulpgoederen te vervoeren. Daarbovenop kwam dat het twee weken lang heel hard heeft geregend. Sommige gebieden stonden helemaal blank. De wederopbouw stond toen even stil.'

Tacloban in november vorig jaar, een paar dagen na de tyfoon die een verwoestend spoor door de stad trok.Beeld afp
Een religieuze processie daags na de tyfoon in Tolosa, een stad op het eiland Leyte.Beeld afp

Staan er al huizen overeind?
'Er wordt overal druk gezaagd en getimmerd. Je moet je voorstellen: er ligt nog overal puin. Dat wordt bij elkaar geraapt en daar wordt dan een nieuw onderkomen van gebouwd. Er is in ieder geval hout genoeg: tijdens de storm zijn zo'n 50 miljoen kokospalmen omgewaaid. Ook liggen er veel golfplaten.'

En die huisjes liggen bij een volgende storm weer plat?
'Dat is niet de bedoeling. We werken hard aan nieuwe bouwtechnieken. In het verleden gold bij hulporganisaties het principe dat het mooier, groter en duurzamer moest. Nu gaat het er vooral om dat er veiliger gebouwd wordt. Dat kan al door heel simpele technieken toe te passen. Bijvoorbeeld door voor een scherpe hoek bij het dak te zorgen. Dat dak mag bovendien niet te plat zijn. Ook gebruiken we speciale 'umrella nails' om het dak vast te timmeren in plaats van eenvoudige spijkers. Die laten veel minder makkelijk los. Mensen bouwen hun huizen doorgaans zelf. We geven ze wel wat hulpmiddelen: gereedschap, spijkers en golfplaten.'

Het opbouwen van de huizen is één stap. Maar nu moeten de mensen nog echt aan het werk.
'Dat is inderdaad een van onze prioriteiten, dat mensen weer hun eigen inkomsten verwerven. We kunnen ze wel kookpotten geven, maar daar moet dan wel wat in komen te zitten. Filipino's in de rampgebieden zijn vaak al hun inkomstenbronnen kwijtgeraakt. De meesten leefden grotendeels van visserij en handel, maar hun bootjes zijn nu onbruikbaar. En de kokosbomen, rijstplantages en citrusbomen zijn verwoest.'

Wat valt daaraan te doen?
'Je kunt een kokosboom opnieuw planten, maar dan duurt het minimaal drie en maximaal acht jaar voordat die weer kokosnoten levert. Daar kunnen mensen nu niet op wachten. Daarom kijken we of er manieren zijn om sneller inkomsten te verwerven, bijvoorbeeld door zaden te verstrekken voor snelgroeiende gewassen. Ook leren we de Filipino's om wat geld opzij te zetten, voor als er zo weer een grote ramp plaatsvindt. Dan hebben ze een buffertje om wat basisproducten aan te schaffen. Geld sparen zit niet in het systeem van Filipino's - die leven van dag tot dag. Nu geven we ze vaak wat geld, omgerekend zo'n vijftig euro per gezin, zodat ze een visnet kunnen kopen of zaden om nieuwe gewassen te planten.'

Er is vlak na de ramp gul gegeven, maar is het genoeg?
'Vooralsnog wel. De actie van de Samenwerkende Hulporganisaties heeft 36 miljoen euro opgeleverd, zo werd deze week bekend. Het is heel fijn dat er zo gul is gegeven. CARE heeft begroot dat het zo'n 15 miljoen euro nodig heeft om 200.000 mensen voor langere periode te helpen. We hebben 17 miljoen euro binnengekregen. De verwachtingen zijn dus overschreden. Het is wel jammer dat de Filipijnen nu bijna niet meer in het nieuws zijn. Terwijl: de klus begint nu pas.'

Nok van de Langenberg tijdens een bezoek aan het rampgebied.Beeld .

U heeft ontmoetingen gehad met de burgemeesters van de steden Tacloban en Albuera. Hoe was dat?
'Wat me in eerste instantie opviel was de enorme dankbaarheid die ze uitspraken. Ze zijn heel erg blij met de internationale hulp die geboden wordt. Ook wel logisch, want ze zijn volledig afhankelijk van die hulp. Als je vraagt of er al geld is binnengekomen vanuit de centrale overheid in Manilla, dan beginnen ze een beetje vaag te glimlachen. Daaruit spreekt de twijfel over of dat geld er überhaupt ooit gaat komen. Er zijn op dit gebied geen toezeggingen gedaan. Wel wachten de lokale overheden en hulporganisaties met spanning op een aangekondigd plan van de regering met daarin een strategie voor wederopbouw.'

Heeft de burgemeester van een grote stad als Tacloban zelf een visie over de wederopbouw?
'De burgemeester had een aantal goede ideeën. Hij wilde de stad beter beschermen tegen een volgende storm door een muur in de zee te bouwen tegen vloedgolven. Ook wilde hij een mangrovebos aanleggen. In andere landen is bewezen dat mangrovebomen enorm goed helpen tegen stormen.'

'Maar hij kwam ook met ideeën aanzetten waar ik mijn bedenkingen bij had. Zo wilde hij een heel groot park aanleggen. Want, zo zei hij: New York bestaat voor 15 procent uit park, Tacloban maar voor een halve procent. Ook had hij het over de aanleg van een grote haven. Het valt wel te verklaren. De burgemeesters worden in de Filipijnen door het volk gekozen. Het is dus niet zo gek dat hij alvast nadenkt hoe hij voor de volgende verkiezing stemmen kan winnen onder de bevolking. Maar erg realistisch is het niet.'

Maak eens een schatting: hoe lang gaat de wederopbouw nog duren?
'Met het VN-cluster, waarin de hulporganisaties vertegenwoordigd zijn, hebben we na de ramp afgesproken dat we zeker drie maanden voedselhulp bieden. Dat zou betekenen dat we daar nog tot eind februari mee doorgaan. Het is goed om daar zo snel mogelijk mee te stoppen, zodat mensen niet afhankelijk blijven van voedselhulp.'

'Onze grootste angst is dat het getroffen gebied dit jaar weer een flinke tegenslag te verwerken krijgt. Je kunt je klok erop gelijk zetten dat er tussen juni en augustus en in de maanden november en december weer grote stormen zullen plaatsvinden. De huizen die we nu hebben opgebouwd zullen waarschijnlijk wel blijven staan, maar er zal wederom enorme schade zijn.'

'Laten we van het positieve uitgaan. Ik denk dat we binnen twee jaar een heel eind komen. Mede dankzij de enorme veerkracht van de Filipino's en de medewerking van de lokale overheid. Mensen gaan hier niet bij de pakken neerzitten. Het is ook geen Syrië, waar het probleem almaar door suddert. De ramp in de Filipijnen is in principe voorbij. Nu moeten we nog opbouwen.'

Slachtoffers van de tyfoon slaan zoveel mogelijk rijst op nabij een verwoeste rijstplantage.Beeld epa
De Zweedse koning Carl XVI Gustaf (links) praat met de burgemeester van Tacloban Alfred Romualdez (centraal).Beeld ap
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden