Interview Misbruik Robert M.

Hoe herken je een seksueel misbruikt kind? Groot onderzoek naar de slachtoffers van Robert M.

Bijna een derde van de misbruikte kinderen uit de Amsterdamse zedenzaak rond Robert M. vertoonde ‘afwijkend gedrag’ op het moment dat ze lichamelijk werden onderzocht. Dit gedrag is zo opvallend dat het mogelijk kan worden gebruikt voor een betere opsporing van kinderen die seksueel zijn misbruikt.

Kinderdagverblijf Het Hofnarretje aan de Van Woustraat in Amsterdam, waar Robert M. tientallen kinderen misbruikte. Beeld ANP

Dat concludeert arts-onderzoeker Thekla Bosschaart (34) van het Amsterdam UMC. Ze onderzocht de medische dossiers van 125 kinderen en promoveert 11 oktober.

Wat gebeurde er met de kinderen tijdens het lichamelijk onderzoek?

‘Bij dit onderzoek werd alles nagekeken: hart, longen, buik. Ook werden hun geslachtsdelen onderzocht. Sommige kinderen, die aanvankelijk heel open waren in het contact, werden juist op dat moment angstig. Ze weerden de arts af, werden boos of raakten in zichzelf gekeerd.’

Waren er ook kinderen die andere gedrag vertoonden?

‘Een deel van de kinderen werkte juist ‘te’ gemakkelijk mee. Er waren kinderen die bij het lichamelijke onderzoek ineens in een specifieke houding gingen liggen, zonder dat ze daar uitleg over hadden gekregen.

Hoe ga je als arts hiermee om?

‘Je probeert het tegenover het kind niet te problematiseren. In totaal zagen we afwijkend gedrag bij 28 procent van alle kinderen bij wie vaststond dat ze waren misbruikt. Dat waren de 54 kinderen over wie Robert M. een bekentenis deed.’

Waarom waren dit belangrijke signalen? Reageren andere kinderen niet op deze manier?

‘Mijn persoonlijke ervaring is dat kinderen die geen misbruik hebben meegemaakt, deze onderzoeken vaak helemaal niet belastend vinden. De schaamte of het verzet begint pas tegen de puberteit. Maar het onderzoek hiernaar is zeer beperkt.’

Waarom hebben jullie de kinderen die werden misbruikt door Robert M. niet gewoon vergeleken met een groep kinderen die niet is misbruikt? Dan kun je toch wel conclusies trekken?

‘Dat wilden we inderdaad heel graag: een controlegroep. Maar de medisch-ethische commissie wilde dit niet toestaan vanwege ethische bezwaren. Daar zijn herhaaldelijk gesprekken over gevoerd. Maar het mocht niet.’

Waarom niet?

‘Omdat ze bang waren dat deze kinderen schade op zouden kunnen lopen.’

Wordt het gedrag van het kind beïnvloed doordat ouders zich op dat moment grote zorgen maken?

‘Dat kan. Als de spanning bij ouders heel hoog is tijdens zo’n onderzoek, dan voelt een kind dat ook. Daarom is een van de adviezen vanuit mijn onderzoek om altijd een gedragswetenschapper mee te laten kijken. Je zou in toekomstig onderzoek ook mee moeten nemen hoe groot de spanning bij ouders is, hoe er binnen het gezin met seksualiteit wordt omgegaan, én hoe dit het gedrag van een kind beïnvloedt.’

U onderzocht ook of de misbruikte kinderen problemen vertoonden. Wat zag u?

‘In totaal had 68 procent van alle kinderen psychosociale problemen. Dat ging om emotionele, gedrags-, zindelijkheids- en ontwikkelingsproblemen.’

In uw proefschrift geeft u daar een paar voorbeelden van. Zo beschrijft u kinderen die ’s nachts herhaaldelijk wakker worden en schreeuwen dat er iemand bij ze moet blijven. Andere kinderen zagen en hoorden dingen. Ook waren er kinderen die paniekaanvallen kregen als ze moesten gaan slapen op het kinderdagverblijf.

‘Sommige signalen zijn mogelijk gerelateerd aan het misbruik. Maar er waren ook signalen die niet specifiek waren, zoals de angst van kinderen voor dieven, geesten en monsters. Uiteindelijk was er geen echt patroon in te ontdekken. Daarom hebben we de dossiers blind voorgelegd aan experts met veel ervaring op dit gebied.’

Haalden ze alle misbruikte kinderen eruit?

‘Nee. Bij 24 kinderen bij wie het misbruik was bewezen, zeiden zij op basis van het dossier dat er te weinig zorgelijke signalen waren gerapporteerd om seksueel misbruik te kunnen bevestigen. Dat is niet zozeer een gebrek aan expertise; er waren gewoon kinderen die niet veel problemen lieten zien. Als een kind slaapproblemen heeft, dan zien de experts dat niet per se als een teken van seksueel misbruik. Er zijn meer kinderen die dat hebben. Pas bij een optelsom van problemen wordt het zorgelijk.

‘Ook dit is een belangrijke les: voor experts is het heel moeilijk om slachtoffers van seksueel misbruik te identificeren. Er zullen dus zeker kinderen worden gemist. Daarom is onderzoek ook zo belangrijk.’

In uw onderzoek zag u ook dat 37 procent van de kinderen ‘afwijkend’ seksueel gedrag vertoonde. Ouders rapporteerden het nadoen van seksuele handelingen, zelfstimulatie en seksuele uitspraken.

‘Ja, maar het lastige is dat heel véél kinderen deze dingen doen. Zo gaan veel kinderen op een bepaalde leeftijd belangstelling tonen voor eigen of andermans geslachtsdelen en raken ze die soms ook aan. Pas als dat heel frequent voorkomt, er dwang bij komt of het gedrag niet te corrigeren is, kun je zeggen dat het gedrag ‘niet passend’ is. Maar het is lastig om seksueel gedrag dat niet passend is voor de leeftijd te gebruiken als een signaal voor misbruik. Want dit soort gedrag past ook bij andere traumatische ervaringen, of bij bepaalde stoornissen.’

Welke signalen zijn wél bruikbaar?

‘Seksuele kennis bij kinderen – dat lijkt als maat veel specifieker en objectiever. Je kunt dat als arts of gespecialiseerd orthopedagoog heel goed uitvragen. Wat weet een kind over de functies van bepaalde lichaamsdelen? Als ze daar dingen van weten die ze op hun leeftijd nog niet horen te weten, dan is dat opvallend. Ik denk dat dit een belangrijk onderdeel moet zijn van het onderzoek als er een vermoeden is van misbruik.’

U aarzelde een tijd voordat u met de media wilde praten. Waarom?

‘Telkens als de Amsterdamse zedenzaak in de media komt, weten we dat het ouders weer terugbrengt naar die tijd in 2010. Dat is heel heftig. Vanuit de Amsterdamse GGD is het daarom beleid om afhoudend te zijn in het contact met journalisten, ter bescherming van de ouders. Maar tegelijkertijd vinden we het ook van belang om hierover vertellen. Want dit kan ons helpen misbruik beter te kunnen herkennen.’ 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden