Hoe help je een embryo uit het ei?

Door een gaatje te maken in de schil van een embryo neemt de kans op een zwangerschap toe. De Isala Klinieken gaan onderzoeken of het ook leidt tot meer kinderen.

Als een embryo een kleine week na de bevruchting na een reis door de eileider in de baarmoeder aankomt, moet het gespreide bed dat klaarstaat snel worden ingenomen. Het baarmoederslijmvlies is maar korte tijd toegankelijk en dus moet de vrucht zich snel ontdoen van de omringende schil zodat de cellen zich in het slijmvlies kunnen nestelen. Bij sommige vrouwen mislukt die innesteling en dat zou kunnen komen doordat de schil te hard is. Oplossing: het pantser kunstmatig openbreken zodat het embryo als het ware uit het ei kan kruipen.


Assisted hatching heet die techniek: hulp bij het openbreken. De methode wordt al twintig jaar wereldwijd toegepast bij ivf. Vlak voor de plaatsing van een embryo in de baarmoeder wordt een minuscuul gaatje in de schil gemaakt, waarna de natuur zijn werk zou moeten doen. Maar gebeurt dat ook? Internationaal onderzoek wijst uit dat vrouwen inderdaad vaker zwanger raken maar of dat ook leidt tot de geboorte van meer kinderen is niet goed uitgezocht. De meeste onderzoekers hebben de vrouwen daar niet lang genoeg voor gevolgd. Daardoor blijft onduidelijk of een harde embryoschil daadwerkelijk een oorzaak is van de vruchtbaarheidsproblemen.


Het antwoord op die vraag moet uit Zwolle komen. Daar hebben de Isala Klinieken besloten de komende drie jaar het effect van assisted hatching te bestuderen. Zwolle werkt daarbij samen met de ivf-centra in Eindhoven en Maastricht. Doel is om zeshonderd vrouwen te volgen bij wie al dan niet de nieuwe techniek wordt toegepast. Voorwaarde is dat de vrouwen al minstens twee mislukte ivf-pogingen achter de rug hebben.


Het onderzoek wordt betaald door zorgverzekeraar Zilveren Kruis Achmea uit de pot met zorgvernieuwingsgeld. Aanvankelijk was de reactie daar wat afhoudend, zegt onderzoeksleider Max Curfs, klinisch embryoloog in Zwolle. In Nederland wordt de techniek niet toegepast (en ook niet vergoed) vanwege gebrek aan bewijs. Daarom gaan veel Nederlandse vrouwen ervoor naar het buitenland, zegt Curfs, zonder dat ze weten of ze daar echte of valse hoop halen. 'Het wordt na 20 jaar tijd om dat goed uit te zoeken.'


De theorie achter assisted hatching komt van de Nederlandse embryoloog Jacques Cohen, die embryo's begin jaren negentig voor het eerst een beetje hulp van buitenaf meegaf. Om de eicel zit een schil van eiwit, legt Curfs uit, die alleen doordringbaar is voor de eerste zaadcel die aankomt. Meteen na de bevruchting wordt de schil hard, om te voorkomen dat de eicel door meer zaadcellen wordt bevrucht. In de dagen erna beschermt dat harde pantser het embryo, als dat op weg gaat naar de baarmoeder, en verhoedt het bovendien dat de cellen, die zich beginnen te delen, uit elkaar vallen. Maar eenmaal in de baarmoeder moet die schil snel verdwijnen. Dat gebeurt mogelijk onder invloed van enzymen uit het baarmoederslijmvlies of uit het embryo zelf, die het eiwit in de schil oplossen, zegt Curfs. Daarnaast wordt het embryo snel groter en 'ademen' de cellen ook nog eens (de holte in het embryo wordt zo groter en kleiner) waardoor de druk op de schil toeneemt.


Dat proces luistert nauw, legt hij uit: als een embryo niet of te laat uit de schil kruipt, is de kans op zwangerschap verkeken. Cohen, werkzaam in een Amerikaanse ivf-kliniek, slaagde erin om met een naald het schild rond het embryo te openen. In Zwolle gebeurt dat straks met behulp van laser, zegt Curfs. 'Als er eenmaal een gaatje in het schild zit, barst het door de groei van het embryo vanzelf open.'


Hoogleraar voortplantingsgeneeskunde Bart Fauser (UMC Utrecht) is sceptisch. Hij verwacht niet dat assisted hatching tot meer succes bij ivf zal leiden. Het lijkt waardevoller, zegt hij, om methodes te onderzoeken die de kwaliteit van embryo's en de selectie ervan verbeteren. Heeft het bijvoorbeeld zin om embryo's langer te kweken of een beter kweekmedium te gebruiken? Hoe kunnen boventallige embryo's beter worden ingevroren? Zijn er moleculaire kenmerken van embryo's die maatgevend zijn voor de kwaliteit, zodat alleen de beste worden teruggeplaatst?


Ook de Nijmeegse hoogleraar voorplantingsgeneeskunde Jan Kremer betwijfelt of assisted hatching de beste onderzoekskeuze is. Maar met die keuze wordt in ieder geval wél rekening gehouden met de stem van de patiënt, zegt hij. Echtparen willen graag gebruik maken van de techniek, zo valt te lezen in een recent rapport van de beroepsgroep van gynaecologen. Dat er louter gegevens zijn over zwangerschappen, is dan onbevredigend, zegt Kremer. 'Paren willen geen positieve test, ze willen een kind.'


Patiënten moeten zich meer roeren bij het bepalen van de onderzoeksagenda, meent hij. De overheid stuurt die agenda via het geven van subsidies, de industrie onderzoekt alleen geneesmiddelen met potentie en dokters doen onderzoek dat zij belangrijk vinden. 'Maar het draait natuurlijk uiteindelijk om de patiënt.'


Max Curfs zegt: 'We kunnen er in Nederland met zijn allen heel sceptisch over blijven doen maar het is van belang om doorslaggevend bewijs te hebben. Dat is wel zo eerlijk en billijk tegenover al die Nederlandse stellen die nu naar het buitenland gaan. Als wij ontdekken dat het een effectieve methode is, moeten we die in Nederland ook aanbieden. Werkt het niet, dan moeten we er wereldwijd mee ophouden.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden