Analyse

Hoe gemeend is Silicon Valley's opstand tegen Trump?

Gedreven door eigenbelang met een geweten

Grote merken kunnen zich niet veroorloven neutraal te staan tegenover Trumps beleid. Dat kost waarschijnlijk meer klanten dan stelling nemen. Zo wordt Silicon Valley met al zijn immigranten het centrum van het kosmopolitische verzet.

Uitzicht over Silicon Valley. Beeld getty

Het gaat uiteindelijk natuurlijk gewoon om geld. De bedrijven die zich de afgelopen week tegen president Trump hebben gekeerd denken dat zij vroeg of laat beter af zijn met hun verzet dan met neutraliteit of medewerking. Welbegrepen eigenbelang: egoïsme met een geweten.

Van Airbnb tot Budweiser, van Google tot IKEA en van Microsoft tot Coca Cola hebben bedrijven de afgelopen dagen in woord en beeld en daad laten zien dat zij het oneens zijn met het (immigratie)beleid van de Amerikaanse president Donald Trump. Soms ging dat enthousiast (Google), soms schoorvoetend (Microsoft), soms zelfs onbedoeld (Budweiser?), en soms was er druk van consumenten (Uber) voor nodig. Het leverde ze lof op van progressieve klanten en hoon van conservatieve kant. Daarmee worden bedrijven meegezogen in de richtingenstrijd van Amerika.

Hoe groot is het risico dat ze nemen?

Sociale en politieke verantwoordelijkheid

De bedrijven kunnen de druk van twee kanten voelen: van hun werknemers en van de consumenten. Sociale verantwoordelijkheid was al een belangrijk strategisch middel om de aantrekkingskracht van een merk te versterken. Nu komt daar dus politieke verantwoordelijkheid bij. In Amerika was dat voor het eerst grootschalig te zien toen de staat North Carolina vorig jaar een conservatieve wet invoerde die transgenders de vrijheid van wc verbood. Verschillende artiesten en sportbonden trokken hun evenementen terug, Paypal zette een streep door een investering, en Bank of America, Apple, American Airlines en tientallen andere bedrijven spraken zich afkeurend uit. De boycots hebben de staat zeker 395 miljoen dollar gekost, berekende het blad Wired in september.

Nu nemen bedrijven uit Silicon Valley weer het voortouw. Zo'n 160 van hen hebben maandag een brief ingeleverd bij de rechtbank in San Francisco waarin zij zich scharen achter de staten die zich verzetten tegen Trumps inreisverbod. Zelfs taxibedrijf Uber was een van de ondertekenaars, nadat het vorige week nog als onderkruiper een staking van taxichauffeurs (die protesteerden tegen het inreisverbod) op het New Yorkse vliegveld JFK had doorkruist. Dat was Uber op een boycot komen te staan, waarna directeur Travis Kalanick het roer omgooide.

Werknemers van over de hele wereld

Hun eigenbelang is overduidelijk. De techbedrijven hebben veel immigranten in dienst, ook uit de zeven landen die door Trump op de zwarte lijst zijn gezet. Van Microsoft kwamen afgelopen week 76 werknemers in de problemen door het inreisverbod. Hun werknemers zijn vaak jong en progressief en hebben iets van het idealisme waarmee Silicon Valley vaak schermt: ze willen de wereld beter maken.

Commercieel snijdt het verzet ook hout. Trumps immigratiebelemmeringen worden maar door eenderde van Amerika gesteund en Trump zelf door minder dan de helft. De stedelijke helft van de Amerikaanse bevolking is bovendien draagkrachtiger dan de meer rurale Trump-sympathisanten. Daar komt bij dat veel techbedrijven een internationale klantenkring hebben, waarvan het grootste deel weinig met Trumps nationalisme opheeft.

Voor een bedrijf als Budweiser, dat het juist van ouderwetse Amerikanen moet hebben, is de gok gewaagder. De politiek geladen Super Bowl-advertentie (waarin een Duitse bierbrouwer als immigrant Amerika binnenkomt en ondanks xenofobische weerstand het klassieke Amerikaanse biermerk sticht) leidde tot boycotoproepen. MillerCoors en Yuengling, Amerikaanse merken waarvan de eigenaren achter Trump staan, worden aanbevolen als alternatief. Budweiser hoopt kennelijk dat die schade wordt goedgemaakt door heroverd marktaandeel onder progressief Amerika, dat de laatste jaren massaal overstapt op lokale IPA's.

#GrabYourWallet

MillerCoors en Yuengling zelf staan op de zwarte lijst van #GrabYourWallet, een consumentenactie die in het najaar is begonnen om via de portemonnee aan Trump gelieerde bedrijven te raken. Als resultaat van die actie heeft warenhuis Nordstrom de verkoop van kleding en schoenen en juwelen van Ivanka Trump gestaakt. Juwelier Neiman Marcus stopte de verkoop via de website.

Het is niet altijd even duidelijk aan welke kant een bedrijf staat. Na de Super Bowl zondag werd 84 Lumber, een leverancier van bouwmaterialen, door progressief Amerika geprezen voor een advertentie waarin een Spaanssprekende moeder en dochter een lange tocht maken, om bij een muur met een deurtje uit te komen. De advertentie was voor Fox te politiek om in zijn geheel uit te zenden; het einde werd geschrapt. Dinsdag zei bestuursvoorzitter Maggie Hardy Magerko van 84 Lumber echter tegen People Magazine dat de advertentie niet zo pro-immigratie was. Zelf had ze op Donald Trump gestemd. 'De muur staat voor veiligheid en ik houd van veiligheid. Het ging mij om de deur. Hardwerkende mensen zijn welkom.'

De politiek-correcte indruk was echter al gewekt en de naamsbekendheid was vergroot. Kennelijk zien zelfs Trump-supporters de commerciële potentie van een anti-Trump advertentie.

De popular vote laat zich gelden via de portemonnee.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.