HOE EENVOUDIG IS DE ZONDE VAN DE EENVOUD?

Dagboekaantekeningen uit 1909 sluit W.B. Yeats af met dit statement: !'A good writer should be so simple that he has no faults, only sins.!'..

KEES FENS

In al zijn eenvoud is dat niet zo gemakkelijk. Zijn !'fouten!' verbonden met gecompliceerdheid in stijl? Maar wat zijn dan de !'zonden!' die de eenvoud opleveren? Of moeten we onder eenvoud directheid, onverbloemdheid, persoonlijke expressie en geen verhulling verstaan? Komt de dichter voor zichzelf uit en voor de waarheid, ook de zondige, van zijn leven? Of, laatste mogelijkheid, is de eenvoud literair veel gevaarlijker dan gecompliceerdheid en kan de schrijver dus dieper vallen? Het is mogelijk dat ik het verkeerd begrijp bij gebrek aan context. Ik ben de verkeerde lezer, maar als zodanig wel een van de velen, want de Autobiographies, waarin ook die dagboekbladen staan, droeg Yeats op !'To those few people/ Mainly personal friends/ Who have read/ All that I have written!'.

In een andere afdeling van zijn Autobiographies schrijft hij: !'Toen ik op mijn 21ste The Wanderings of Oisin had voltooid, scheen de stijl te doorwerkt, te ornamentrijk ook, en ik dacht er enkele weken over op een plank te gaan slapen.!' Zelfkastijding als middel tot stijlvereenvoudiging. En de plank als het allereenvoudigste. Misschien moet een kort gedicht uit de in 1910 verschenen bundel The Green Helmet wel in gelijke geest als de geciteerde uitspraak worden gelezen. !'The coming of wisdom with time!' heet het:

Though leaves are many, the root is one;

Through all the lying days of my youth

I swayed my leaves and flowers in the sun;

Now I may wither into the truth.

Over bloemrijke stijl gesproken. En over eenvoud. Wat is die !'truth!'? Het kan de rijpe leeftijd zijn, de herfst, en dan werkt het lentelijke of zomerse beeld van bladen en bloemen ook mooi door. Verdrogen tot waarheid. Wat een puriteinsheid. Er zijn meer plaatsen waarin de dichter zijn hang naar eenvoud uitspreekt, al of niet in allerminst eenvoudige beelden!

De vraag is of de grote verbeelding van Yeats, waarin alles, ook uit verschillende culturen, kon worden opgenomen, het ideaal van de eenvoud niet in de weg stond. Hij heeft overigens heel eenvoudige gedichten geschreven, maar de zeer verwikkelde context van zijn werk laat het nauwelijks toe die eenvoud met rust te laten; waar zoveel symbolen actief zijn, vervalt de lezer gemakkelijk in de zonde van oversymbolisering.

Het ideaal, als in de geciteerde dagboekaantekening beschreven, is voor de lezer al even onmogelijk. Trouwens: stellen de op het oog zeer eenvoudige gedichten de lezer vaak niet voor meer problemen dan hermetische poëzie, juist doordat de eenvoud het aantal mogelijkheden zo groot maakt? De meeste eenvoud is schijnbare eenvoud.

Die hang naar eenvoud, verstaan als een verlangen naar waarheid (waarbij dan een verwikkelde stijl als leugenachtig wordt ervaren) is overigens merkwaardig. Het lijkt op een wantrouwen in de literatuur en haar vormen en mogelijkheden zelf. Het kan te maken hebben met de gedachte dat fraaiheid of verwikkeldheid de dichter verbergen. Het verlangen naar eenvoud is dan het verlangen naar zelf-openbaring. De dichter wil door zijn vormen heenbreken, zichzelf zichtbaar maken.

Het eenvoudsverlangen, dat zeer algemeen is en zich op heel veel terreinen manifesteert, moet ook te maken hebben met de gedachte dat wat eenvoudig is, méér waar is dan het gecompliceerde of literaire. De dichter ontmaskert zich dan in de eenvoud. Een stap verder en met zwijgen is de grootste eerlijkheid en eenvoud bereikt.

Het mooie is natuurlijk dat het geciteerde gedicht van Yeats ook naar de vorm allerminst eenvoudig is. Het is zeer literair en de beelden geven de dichter alle kans weer te verdwijnen in het achterland waaruit hij wil vrijkomen. Eenvoud zou ook wel eens de fraaiste vorm van leugenachtigheid kunnen zijn, zoals bescheidenheid, hoffelijkheid, eerlijkheid en andere geraffineerde deugden!

Zo maar wat in Yeats lezend - je kunt, om welke reden ook, ineens heimwee hebben naar de poëzie van sommige dichters (het gevoel is gelijk aan dat van het plotseling heimwee naar een land of stad) - kreeg ik het volgende gedicht onder ogen. Ik herinnerde het mij niet, !'A Thought from Propertius!' heet het:

She might, so noble from head

To great shapely knees

The long flowing line,

Have walked to the altar

Through the holy images

At Pallas Athene!'s side,

Or been fit spoil for a centaur

Drunk with the unmixed wine.

Ik vond het heel mooi, misschien vooral om de eerste drie regels waarin de geliefde haast in de schoonheid van een klassiek beeld wordt opgeroepen. En ze krijgt gestalte in haar geestelijke schoonheid - door haar gelijkwaardige !'gezelschapsdame!' Pallas Athene - èn in de zinnelijke begeerte die zij oproept, in de laatste regels. En zo wordt de dubbelzijdigheid van de cultuur ook nog in haar verbeeld, maar ook het ideaal van het samengaan van zinnen en geest, die in Yeats!' poëzie vaak als tegenstelling verwoord worden, ook waar hij dichten en leven tegenover elkaar stelt.

Ik begon het als een wat eenvoudig gedicht te lezen, maar verdichtte het vers toch welhaast vanzelf, onvermijdelijk. Misschien dat de titel mij daartoe stimuleerde. Het gedicht zou een collage zijn van regels uit een Elegie van Sextus Propertius. Maar de titel zou ook een kleine plagerij naar Ezra Pound zijn, de vriend van Yeats. Die bracht immers met zijn Homage to Sextus Propertius de Romeinse liefdesdichter de moderne poëzie binnen. Waaruit de plagerij dan kan bestaan, weet ik niet. De literaire verwijzingen dreigen het gedicht zijn eenvoud te ontnemen, want verwijzen dwingt tot vergelijken. Wat intertextualiteit heet, begint zich op te dringen.

We kunnen het ook eenvoudig houden. Yeats!' grote liefde - ze bleef onbeantwoord - is Maud Gonne geweest. En de Engelse literatuurkritiek, die altijd veel biografischer is of durft te zijn dan de Nederlandse in het algemeen, ziet haar in veel gedichten aanwezig. Maud als de Cynthia van Propertius.

Het lijkt erop dat de kritiek de waarheidsliefde van de eenvoud wel erg sterk nastreeft. Met het resultaat dat het gedicht verengd wordt, want versimpeld doordat heel veel mogelijke gestalten - door de verbeelding geschapen - uit het gedicht verdwijnen. Biografische interpretaties zien alles in een kleine achteruitkijkspiegel. Eenvoud wordt het kenmerk van het ware, - en dat is een van de meest simpele en vierkante waarheden, zeker van de Nederlandse cultuur.

Hoe meer ik dit bedrieglijk eenvoudige gedicht van Yeats lees (en in het spoor ervan andere), hoe simpeler ik zijn dagboekaantekening begin te vinden. Een ijdele wens. Die, gelukkig voor hem en ons, niet in vervulling is gegaan. Wij kennen zijn fouten en vermoeden zijn zonden (die ook de onze zijn). En dat is genoeg. En voor het overige: !'Dichters liegen de waarheid.!' Bertus Aafjes, die helaas steeds eerlijker werd, heeft de kern van de kunst definitief verwoord. En vorm en inhoud ook nog in een schitterende verhouding tot elkaar gebracht. En de waarheid van de eenvoud is erin ontmaskerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden